woensdag 16 september 2020

De Hoornaar en de Dar

De provincie Utrecht heeft een wespennest laten verwijderen. Het gaat om de Aziatische Hoornaar, een grote wespensoort die niet gevaarlijker is dan een gewone wesp maar grote schade kan aanrichten in de natuur. Deze wesp hoort hier niet thuis, het is een invasieve exoot, wat mij in de oren klinkt als een intensieve idioot. Het gaat mij dus weer om taal. De warendienst NVWA gaat onderzoek doen naar het vlieggedrag van deze grote wesp met drones. Als je weet dat een drone een mannetjesbij is (in het Nederlands een dar), dan zie je het beeld al voor je: een bij die de wesp gaat volgen. Wie het hardste kan zoemen.


vrijdag 11 september 2020

Effatha

"Maak je borst maar nat", had de doktersassistente niet gezegd, maar "hou het bakje zelf maar vast", toen ze mijn oor ging uitspuiten. Met de armen omhoog het bakje moeizaam boven mijn schouder houdend, had ik geen enkel besef van waterpas en op een gegeven moment voelde ik een druppel. Het leek wel mee te vallen, alleen de mouw van mijn trui was bij de pols wat nat. Maar thuisgekomen, zag ik dat onder mijn trui het water vanaf mijn hals over mijn hele borst gegutst was tot aan de taille toe en moest ik een droge bloes aan doen. Maar intussen had er een wonderbaarlijke genezing plaatsgevonden: ik kon weer horen! Ik pakte mijn gitaar en zong een vreugdevol lied, waarbij de gitaar weer helder en schel klonk en mijn stem niet meer van verre. Maar toen ik even later naar Utrecht fietste, klonk de stilte van de natuur als een voorbij denderende trein. Het volume in mijn brein moest nog een beetje worden bijgesteld. 

maandag 7 september 2020

Kippenlijn naar Duitsland

Nadat ik het graf van mijn tien jaar geleden overleden broer Johan had geboend, kip gegeten (when in Barneveld...) bij mijn (al 61 jaar) vriendje Jaap en zijn lieftallige vrouw Celia en na het toetje had voorgedragen uit mijn nooit geschreven tiendelige memoiresreeks, was het onverwachts toch laat geworden. Ik moet nu echt gaan, zei ik om tien uur, voordat de Valleilijn failliet is en ik niet meer thuis kan komen. Er is niemand die de concessie van de aloude kippenlijn wil overnemen, had ik in de krant gelezen. Zo stapte ik zondagavond laat op de trein in Barneveld, het rustige Veluwedorp waar ik ben opgegroeid. Vroeger zag je er geen kip, maar the Chicken Village is inmiddels veel internationaler geworden, merkte ik. Net voor het instappen kwam er een jonge man naar mij toe, die mij vroeg: "Is this the train to Germany?" Ik legde hem uit dat dit de trein naar Amersfoort was die hij inderdaad nodig had om in Duitsland te komen, maar dat dit na tien uur in de avond misschien niet meteen meer zou lukken. Hij had geen bagage bij zich en geen mondkapje. Of hij helemaal helder was betwijfelde ik, maar de drank in zijn hand was een milkshake. Bij het instappen gaf ik hem snel een schoon mondkapje. De deur had zich al achter ons gesloten, maar ging op het laatste moment weer open voor nóg een passagier. Die had kennelijk gezien dat ik mondkapjes bij me had en in het Engels vroeg hij of hij er één van mij kon kopen, hij had zijn portemonnee al open. Ik gaf hem het laatste schone mondkapje uit het pakje en zei hem dat hij niet hoefde te betalen. "It's for our health", motiveerde ik mijn geste idealistisch. 

Omdat ik de Duitslandganger niet helemaal vertrouwde, zei ik tegen hem: "We need social distancing" - o , wat een heerlijk excuus - en ik ging een eindje bij hem vandaan zitten in de bijna lege trein. Toch wilde ik wel even weten welke kans hij maakte om op het laatste uur van de dag nog richting Duitsland over te stappen. In de reisapp zag ik al gauw dat de eerste trein pas de volgende ochtend om half acht zou gaan. Bij de volgende stop zag ik de man opstaan, vragend rondkijken en naar de informatiemonitor lopen. Ik vertelde hem dat Amersfoort het eindstation was, na Barneveld Centrum, waar we waren ingestapt, Barneveld Noord en Hoevelaken. Hij bleek naar Berlijn te willen, ik vertelde hem dat er overdag om de paar uur een rechtstreekse trein naar Berlijn gaat en in de ochtend vanaf half acht een paar treinen met overstap in Hannover, zoals ik net had gezien. Hij zou dus in Amersfoort moeten overnachten. 

Bij het uitstappen wees ik hem richting stationshal, waar hij dan maar verder moest vragen. Hij vroeg of ik ook naar Duitsland moest - wat kennelijk heel aannemelijk is als je in Hühnerdorf op de trein stapt - maar ik zei dat ik moest overstappen naar een Nederlandse plaats in de andere richting. Hij bleek zelf uit Duitsland te komen en ik schakelde van Engels over op Duits. "Ich muss unbedingt heute noch nach Deutschland", zei hij, alsof hij toch niet besefte dat heute nog maar eine Stunde duurde. Ik had helaas geen tijd om verder te praten: waren er ernstige familieomstandigheden, was hij slachtoffer of dader van een misdaad, misschien bestolen, was hij in de war? Ik wees naar de stationshal en hoop dat de goede stad Amersfoort zich deze nacht over hem heeft ontfermd.

donderdag 3 september 2020

Y not

Wednesday I did some sightseeing in Amsterdam with two young girls who had just come from London, and of course the highlight of the day was a visit to MacDonald's. There are about five of them around the boring Dam square with the royal palace, the national monument and the very old New Church, where nowadays modern exhibitions and events are held. 

Luckily the girls knew how to order. I had no idea what they were doing, since I never had macdonaldsology in my curriculum. It was only when I put my bank card into the machine and pushed the OK button that I realized that I could have taken a six years academic course on the subject for that money. I remember a few years ago I managed to order a meal at MacDonald's all by myself, it was called a happy meal and didn't seem too complicated considering my age, but after the meal I wondered why there was a plastic toy at the bottom of the package. 

In this MacDonald's near the Dam I noticed that I didn't see or hear much Dutch around me, also my lovely company giggled on in English. So I was happy to see a few Dutch words on a piece of paper stuck to the gent's room door: "De badkamer is kapot". Broken. Unfortunately the door was locked, I wouldn't expect a bath or shower (badkamer) in the gents' toilet (bathroom) of MacDonald's. It was obvious that this Dutch notice wasn't written by a Dutch native speaker. It made me smile. I made a picture and put it on Facebook. This lead to a conversation with my cousin Liz in Australia. At some point she said: "Ridiculous to not be able to go to the toilet at Maccas". She explained: "We call Macdonalds Maccas in Australia. Rockingham is Rocko or Rocky City. Fremantle is Freo. We are a strange lot." I replied: "Don't tell me that next they'll call Elizabeth Liz."

This brought us to a new subject - namely: nicknames, names of endearment or the abbreviation of names - when my cousin Elizabeth or Liz replied : "Yep, they do. Or Betty, Lisa, Elly, Elsie, Beth. The queen got called Lillibet when she was young. But please don't call me Lillibet. Oooh, no way. My mum wanted me to remain Elizabeth, but my brothers called me Liz and it stuck. My dad used to call me Liske."

"Do the Dutch shorten names?", she asked. Well, I have some opinions on that matter, so I wrote a long reply. 

Do the Dutch shorten names? Some do, others don't. There are individual and regional differences. Many (Dutch) names are already abbreviations, like the Dutch name Ria obviously comes from Maria, Kees or Cees (and also Nelis) from Cornelis, Jaap, Japie, Jappie (and also Kobus) from Jacobus, like Jim or Jack from James.

Personally I seldom mention someone by abbreviation or nickname. For me, someone's name or the name that someone introduces himself with is in fact holy. I am not only called Ytzen, I am Ytzen. As if I could never have had an other name. It also connects me to pake Ytzen, my grandfather, with whom I've always felt a strong connection. Though sometimes I jokingly say that I'm the leader of a Buddhist sect, the so called Yt Zen branche.

I always 'fight' to get my name in full and not just the initial Y. (Why? Y's not my name.) On forms, mail, bank cards and so on. This wasn't a problem here until a few decades ago. In the phonebook, bank account and cards my name was always written in full. But years ago they started to use initials practically mandatory. As if it's more polite to cut off someones name short. For me, using ones name correctly is a token of respect. Right now there isn't any Dutch bank anymore that accepts my name in full. It's one of the reasons that I stick to my German bank. In Germany it's quite normal that they write your name the way you are actually named and how you want it to be. Since I always fill in my name in full, in the Netherlands my name for example at my business bank card is written as Y.T.Z.E.N. Lont, since the system only accepts initials.

My parents also had the opinion that you have one name and that's how you are named. So no difference between "doopnaam" (baptism name) and "roepnaam" (call name). So Jikke, Dirk and myself, Ytzen, each have only one name, no second or middle name and no different names at baptism. But after me my parents started compromising, and my younger brother Johan Cornelis (who passed away ten years ago) and sister Feikje Rinske each were blessed with two names. But even then our parents made sure the name was not altered or abbreviated. For example, Johan is not named Johannes, but plainly Johan and that's how he has always been called. He was named after the elder (oom Kees) and younger (oom Jo) brothers of my father, but my parents switched the order of seniority, because they liked the name Johan and also to prevent that Cornelis as a first name would become Kees. So I apparently inherited my name sickness or name holiness for that matter from my parents. 

Elizabeth or Liz, I like Liske and I understand what your father (my mother's elder brother Symen) felt by that name. As if you, though Australian by birth and carrying the name of the Queen of the Commonwealth, were born in his beloved Fryslân after all.

dinsdag 1 september 2020

Gang naar Kenosha

Vandaag gaat Trump naar Kenosha, al hebben de burgemeester van de stad en de gouverneur van Wisconsin hem gevraagd om weg te blijven en geen olie op het vuur van de gespannen situatie te gooien. De gang naar Kenosha doet denken aan de gang naar Canossa. Er is een belangrijk verschil en een overeenkomst tussen beide. 

De gang naar Canossa betreft de Duitse keizer Hendrik IV die in 1077 naar de paus in de burcht Canossa ging om boete te doen en om genade te smeken, waarna de paus zijn banvloek ophief. Het ging om de Investituursstrijd, de vraag wie de meeste macht heeft, de kerk of de keizer. De paus wilde een einde maken aan de macht van de keizer om bisschoppen te benoemen en naar zijn hand te zetten. De keizer dreigde zijn macht te verliezen toen Saksische edelen na de banvloek de kant van de paus kozen. Hij wist zijn troon te redden door zijn nederlaag te erkennen. Een gang naar Canossa is je onderwerpen aan je tegenstander en je verlies nemen. Het werd een uitdrukking nadat Bismarck in 1872 die gang juist niet wilde maken in de Kulturkampf, opnieuw een conflict tussen kerk en staat. 

Zoals ik zei is er een groot verschil tussen Kenosha en Canossa. Trump gaat niet om zijn nederlaag te erkennen maar juist om zijn macht ten toon te spreiden. Als de Democratische burgemeesters en gouverneurs nou maar bereid zijn om zijn macht te erkennen dan maakt hij in een paar minuten een einde aan alle chaos. Daarin ligt meteen ook de overeenkomst. Wie heeft de meeste macht en wie maakt zijn machtsaanspraak waar. 

Ook de gang naar Canossa vond plaats in een tijd van rellen en opstand, waarin de machthebbers hun greep op de situatie dreigden te verliezen. Hoewel de gang naar Canossa voor de keizer heel vernederend was, leed de paus een grotere nederlaag. Hij kon niet anders dan vergiffenis schenken en de ban van de keizer opheffen. Ook in Kenosha kan de winnaar wel eens de grote verliezer blijken te zijn.

vrijdag 28 augustus 2020

Meld Misdaad Anoniem aan Iedereen?

De provincie Utrecht en de Utrechtse gemeenten gaan samenwerken met de stichting Meld Misdaad Anoniem. Zij hebben daarvoor op 27 augustus een samenwerkingsovereenkomst getekend. Meld Misdaad Anoniem of kortweg M. is een onafhankelijk landelijk meldpunt waar anoniem informatie kan worden gemeld over ernstige criminaliteit en misdaad. Wanneer gemeenten zich aansluiten op dit netwerk kunnen zij ook over deze informatie beschikken. Dit is te lezen in een persbericht van de provincie Utrecht.

Het persbericht geeft mij een wat ongemakkelijk gevoel. Laat ik voorop stellen dat ik het heel goed vind dat het meldpunt er is. Iedereen kan ook gewoon de politie bellen, tips doorgeven of aangifte doen, maar mensen die zich bedreigd of ongemakkelijk voelen, zowel slachtoffers als criminelen die uit de school willen klappen, is het goed dat er ook een kanaal is voor anonieme informatie. Ik zou denken dat dit meldpunt van de politie is, want daar moet informatie over criminelen terecht komen. Maar het is het onafhankelijke stichting, los van de politie. Waarom dit zo is weet ik niet, waarschijnlijk om de anonimiteit volledig te kunnen waarborgen. De politie zal immers altijd moeten kunnen rechercheren op de informatie die daar binnenkomt en heeft wettelijke middelen om de anonimiteit te doorbreken en dat is in dit geval nou juist niet de bedoeling.

Het meldpunt is dus niet de politie zelf, maar de informatie gaat vervolgens wel - onder de garantie van anonimiteit - naar de politie. Dacht ik. Maar het kan dus ook naar andere instanties gaan, zoals "de gemeente". Naar wie dan? Naar elke willekeurige ambtenaar, ongeacht zijn functie, de receptioniste? De burgemeester gaat over de openbare orde en maakt deel uit van de driehoek met politie en justitie. Maar in het persbericht wordt de burgemeester niet genoemd, alleen "de gemeente".

Het zal wel goed geregeld zijn, maar daar had ik in het persbericht wel graag wat meer over gelezen. Nu voel ik mij hierover wat ongemakkelijk. Als het meldpunt zelf niet aan opsporing doet en de informatie gaat rechtstreeks naar de gemeente, zonder tussenkomst van de politie, wie doet dán de opsporing en over welke informatie gaat het concreet? Bewoner A meldt dat buurman B een boef is? Wordt de informatie nog verder geanonimiseerd - dus niet alleen melder A blijft anoniem maar ook boef B - of juist concreet en gedetailleerd doorgegeven, zodat de ontvangende ambtenaar er ook echt iets mee kan. Maar hoe zijn dan de bevoegdheden geregeld? De privacy, de opsporing, het niet doorkruisen van een politieonderzoek of de bewijslast van een rechtszaak. 

Het persbericht roept bij mij dus meer vragen op dan het beantwoordt. Ik had deze vragen willen stellen aan de provincie, het meldpunt M. en mijn thuisgemeente Houten, maar omdat er ondertussen weer wat anders op mijn bordje kwam, laat ik het voorlopig bij dit ongemakkelijk-gevoel-blogje. 

dinsdag 25 augustus 2020

Polio bedwongen


Toen ik in de jaren '60 in Barneveld op de lagere school zat, was het beeld niet ongewoon dat er leerlingen mank liepen of met een zware beugel aan het been. Polio. De ziekte sloeg niet alleen toe in wat later de Bible Belt is gaan heten, waar sommige gemeenschappen om principiële redenen vaccinaties weigerden. Van mijn (ex-) vriendin in Bonn weet ik het verhaal dat toen zij in 1960 geboren werd, moeder met de baby in het ziekenhuis lag, vader door omstandigheden afwezig was, één van de kinderen getroffen werd door polio, het gezin zonder de ouders onder de hoede van de oudste van tien thuis in quarantaine moest en het eten dagelijks door de deur geschoven werd. 

Uitbraken komen hier niet meer voor en nu is de ziekte ook in Afrika bedwongen. 

We kunnen niet alle ellende uit de wereld helpen. Maar we kunnen een heel eind komen als we met elkaar - wetenschappers, beleidsmakers, medici en potentiële patiënten (iedereen dus) - ons best blijven doen.

Lees: Polio in Afrika bedwongen, NOS 25-08-2020



maandag 3 augustus 2020

CNN ziet het niet

Wat een vreselijk slechte live uitzending van CNN over de terugkeer van de SpaceX Dragon in de Golf van Mexico. Zondagmiddag heb ik ruim een uur zitten kijken. De 'landing' (eigenlijk 'zeeïng') verliep voorspoedig. Na een eerste controle werd de ruimtecapsule aan boord van het bergingsschip gehesen en daarna duurde het nog een uurtje of zo voordat de twee astronauten, Bob Behnken en Doug Hurley, de capsule mochten verlaten. Als kind zag ik de landingen van de Apollo-vluchten. De beelden waren dan meestal van grote afstand te zien vanuit een helikopter of het bergingsschip. Over de terugkeer van de rampvlucht van de Apollo 13 heb ik geschreven in mijn jeugddagboek.

De bemanning werd indertijd dobberend in zee uit de capsule gehaald en voer dan met een rubberboot naar het bergingsschip. Maar nu werd de capsule met bemanning en al aan boord gehesen, wat natuurlijk veel veiliger is. Aan boord stonden een paar vaste camera's van dichtbij op de capsule gericht. Het beeld was desalniettemin nogal slecht, waarschijnlijk omdat het een livestream was via een internetverbinding. Dat moet toch beter kunnen, dacht ik. Maar dat lag niet aan CNN, het waren de beelden die Nasa leverde.

Vervolgens zagen we een uur lang mannen in zwarte shirtjes met een mondkapje op druk heen en weer lopen. Ze waren kennelijk vooral bezig om gassen rond de capsule te meten die konden zijn vrijgekomen tijdens de terugkeer in de dampkring. Die moesten eerst onder een bepaalde waarde zijn voordat de capsule kon worden geopend. Ook dat lag niet aan CNN.

Intussen deed CNN waar de zender goed in is: een blik ratelaars opentrekken, commentatoren die de tijd vol moeten ratelen als er niets te vertellen is. Ze bleven een uurlang ratelen dat we in afwachting waren van het moment dat de astronauten de capsule mochten verlaten, dat het lange wachten beslist geen reden was voor ongerustheid en dat er dus geen reden was voor ongerustheid. O ja en dat er echt geen reden was voor ongerustheid. Dat konden we zelf ook nog wel zien, want de mannen rond de capsule hadden geen beschermende kleding aan, behalve mondkapjes, maar als we er van uitgaan dat de SpaceX openbaar vervoer is, dan vallen mondkapjes niet op. Het zag er helemaal niet zo spacey of spannend uit, het leek eerder op de backstage crew van een popfestival. Die hooguit wat spacecake hadden gegeten.

Omdat Amerikanen kennelijk niet tegen stilte kunnen (misschien was de terugkeer dáárom ook niet in de Stille Oceaan, zoals vroeger), schakelde CNN een deskundige bij, die wist te vertellen dat de astronauten na twee maanden verblijf in het internationale ruimtestation ISS graag hun gezin en de hond terug zagen. (De afgelopen maanden heb ik een paar keer vanuit mijn zolderraam naar de ISS gezwaaid, daardoor moeten ze zich toch minder eenzaam hebben gevoeld.) Intussen was het moment dáár, waar we een uur op hadden gewacht. Terwijl de deskundologe doorratelde over de kinderen en de hond, zagen we - dat wil zeggen: wie goed oplette - de eerste astronaut uit de capsule komen en in zijn ruimtepak op een stretcher getild worden. Was het Bob of Dough? Ging het goed of slecht? Wie zal het zeggen? Er was kennelijk niemand van de redactie, presentatie of regie van CNN die doorhad, dat dit het moment was waarop we hadden gewacht. Pas toen de astronaut op de stretcher al weer buiten beeld was afgevoerd, drong het kennelijk tot de Anchor van CNN door dat er iets aan boord was veranderd. De blinde presentatrice vroeg aan de ratelende deskundige: "Wat zien we hier?" "Het spijt me", was het antwoord van de deskundige, "ik werk vanuit huis, ik kan de beelden hier niet zien."

zaterdag 1 augustus 2020

AOW

Het zag er lang naar uit dat vandaag een bijzondere dag voor mij zou worden. Want vanaf vandaag zou ik AOW ontvangen. Ware het niet dat ruim acht jaar geleden op dit punt de wet is veranderd. Eerst verschoof de ingangsdatum van het begin van de maand naar je feitelijke verjaardag en later werd deze gekoppeld aan de gemiddelde levensverwachting. Mijn AOW-datum is inmiddels verschoven naar 19 december 2021. Dat ik toch volgend jaar 'al' AOW krijg, zou ik dan weer te danken hebben hebben aan de griepepidemie van een paar jaar geleden. De ene z'n dood is de ander z'n uitkering. Dat er een relatie is tussen de ingangsdatum van de AOW en de gemiddelde levensverwachting vind ik trouwens niet onlogisch. Bij de invoering van de AOW leefden de mensen hier gemiddeld zo'n jaar of zeven van, inmiddels is dat zo'n twintig jaar en dit moet door de werkenden worden opgebracht. De AOW is geen spaarpot, zoals de particuliere en bedrijfspensioenen. In Duitsland is dit jaar na heftige discussies voor het eerst een vorm van AOW ingevoerd, de Grundrente, die veel lager is dan onze AOW en aan meer voorwaarden verbonden. Ook de invoering van het minimumloon levert bij onze Oosterburen nog steeds heftige discussies op. Een Duitse vriend en leeftijdgenoot van mij was heel verbaasd toen ik hem onlangs uitlegde dat je in Nederland ook voor de 'Grundrente" in aanmerking komt als je niet (of weinig) gewerkt hebt. Een Duitse 'Hausfrau' kan pensioen wel vergeten. Dan is er nog wel een soort bijstand als laatste vangnet. We hebben het hier dus zo slecht nog niet. Wat ik in mijn situatie wel weer vreemd vind, is dat ik niet de volle AOW-uitkering krijg omdat ik in 1980 negen maanden met m'n vriendin door Amerika heb getrokken. We hadden onze kamers opgezegd en dat keurig gemeld bij de gemeente, je persoonskaart gaat dan als expat volgens de regels naar de gemeente Den Haag. Had ik mij indertijd, ik was 24, weer bij mijn ouders ingeschreven, waar ook mijn spullen stonden en waar onze bankrekening en inkomen geparkeerd waren, dan had ik straks meer AOW gekregen. Maar goed, ook daardoor zal ik niet verhongeren. Intussen eet ik mijn eigen huis op en ik heb een heerlijk huis, waar Hans en Grietje nog van zouden smullen. 

Wel krijg ik hoogtevrees van dat getal 65. Het lukt mij niet om die leeftijd werkelijk met mijzelf in verband te brengen. Maar ach, dat was ook al zo toen ik 10 werd en niet kon geloven dat je twee cijfers oud kunt zijn.

Omdat ik nog maar een paar weken 64 ben en vanwege het actuele woordgrapje aan het eind (goed opletten, het is een tentamenvraag of gezien het onderwerp misschien eerder een vraag voor Max Geheugentrainer) zing ik nog één keer voor jullie "When I'm 64".


vrijdag 10 juli 2020

Expo-paviljoen krijgt nieuw leven

Het Nederlandse paviljoen van de Expo 2000 in Hannover krijgt een nieuw leven. Het gestapelde landschap van bureau MVRDV wordt omgebouwd tot functionele kantoor- en vergaderruimte en wordt geïntegreerd in een groter complex. De mensen kunnen straks werken in de 'duinen' of in het 'bos' van het paviljoen. 
Dit is te lezen in een artikel - met afbeeldingen - van Archello.nl. Ik heb in dit paviljoen rondgelopen, het beklommen zo je wilt, tijdens mijn bezoek aan de Expo 2000. Een andere aardige associatie die ik met deze wereldtentoonstelling heb, is dat ik in de tram gezeten heb die later werd verkocht aan de HTM en werd ingezet in Houten. Dit trammetje - gehuurd van de HTM, geëxploiteerd door NS en bestuurd door chauffeurs van het Gemeentelijk Vervoerbedrijf Utrecht - reed eindeloos heen en weer tussen station Houten en Houten Zuid, vlakbij het huidige station Houten Castellum. Een ritje van drie minuten. De bouw van het nieuwe station, centraal in Houten-Zuid, was een belangrijke voorwaarde in het Vinex-akkoord van de regio Utrecht met het Rijk (bij de onderhandelingen hierover voerde ik het secretariaat van een drietal werk- en projectgroepen), maar de realisatie moest jaren worden uitgesteld doordat de Tweede Kamer de daarvoor noodzakelijke spoorwegverdubbeling voor zeker tien jaar blokkeerde. De letters HTM staan voor mij sindsdien niet alleen voor Haagse Tram Maatschappij, maar ook voor Hannoverse en Houtense Tram Maatschappij. En dat alles in één tram. 

Bron: Archello 10/07/20 MVRDV revisits their iconic Hannover Expo 2000 pavilion with co-working office transformation



Life expectancy

Tonight I had - as often - contact with a young friend in Sierra Leone. He has no work and income, and tries everything to find a job or earn some money with trade. It occurs that he has no money for food, let alone for investments. This weekend he could get a nice gig as DJ, which he likes to do, but he would risk his health as well as problems with the police, because there's a state of emergency and a curfew from 11 pm tot 7 am. During the day restaurants and bars are allowed to open, but a big club festival isn't allowed. It's a pity that he has to pass for this nice gig.

They have gone through several health crises there in recent years, and every time it's a hard blow. And also, every time (civil war, ebola, corona) education comes to a halt. The spreading of the corona virus in this West-African country is limited till now, but it could hit harder any time. Till now there's 1600 registered cases of corona and 63 deaths. Through the hard lesson of the ebolacrisis the authorities and the people are well prepared for an epidemic, in fact better than the Netherlands. But more than half of the population lives in severe poverty, the average income per inhabitant is according to several sources somewhere between 1100 and 1500 euro's per year, the average live expentancy is 52,2 years.

My young friend (25) has followed a few computer courses last year and he tries everything to find some work to do and he regularly asks me for advice. Via the side I try to bounce the ball back to other contacts in Sierra Leone and the Sierra Leone community. You never know where the ball roles.

On request of my above mentioned friend I translated my yesterday's blog from Dutch.

donderdag 9 juli 2020

Levensverwachting

Vanavond had ik - zoals vaak - contact met een jonge vriend in Sierra Leone. Hij heeft geen werk en inkomen en probeert van alles om een baan te vinden of met handel wat geld te verdienen. Het komt voor dat hij geen geld heeft om te eten, laat staan om te investeren. Het komend weekend kon hij een leuke klus krijgen als DJ, wat hij graag doet, maar dan zou hij zijn gezondheid en problemen met de politie riskeren, want vanwege corona geldt er een noodverordening en een avondklok van 23:00 tot 07:00 uur. Overdag mogen restaurants en bars wel open, maar een groot clubfeest zoals dit is verboden. Jammer dat hij deze leuke schnabbel aan zich voorbij moest laten gaan.

Ze zijn daar de afgelopen jaren al door meerdere gezondheidcrises gegaan en de klap komt elke keer hard aan. Ook elke keer weer (burgeroorlog, ebola, corona) komt het onderwijs stil te liggen. De verspreiding van het coronavirus is in dit West-Afrikaanse land tot nu toe beperkt, zeker in vergelijking met de ebolacrisis, maar kan elk moment alsnog harder toeslaan. Tot nu toe zijn er zo'n 1600 coronagevallen geregistreerd en 63 doden. Door de harde les van de ebola zijn de autoriteiten en de bevolking wel goed voorbereid op een epidemie, in feite beter dan Nederland. Maar meer dan de helft van de bevolking leeft in grote armoede, het gemiddelde inkomen per inwoner ligt volgens verschillende bronnen zo tussen de 1100 en 1500 euro per jaar, de gemiddelde levensverwachting is 52,2 jaar.

Mijn jonge vriend (25) heeft het afgelopen jaar verschillende computercursussen gevolgd en probeert van alles om aan het werk te komen en vraagt mij regelmatig om advies. Via de band van Nederland probeer ik de bal ook door te kaatsen naar mijn andere contacten in Sierra Leone en de Sierra Leoonse gemeenschap. Je weet nooit hoe het balletje rolt. 

On request of my above mentioned friend I translated this blog in English.

dinsdag 7 juli 2020

US hiring vaults

Soms denk ik dat ik Engels begrijp.
Soms niet.
Of te goed.

Reuters:
"U.S. hiring vaults to record high".

Ik las:
"De Verenigde Staten huren kluizen om hoogte op te nemen".

Er staat:
"Amerikaanse werkgelegenheid springt naar recordhoogte".

vrijdag 3 juli 2020

Nuclear sharing is caring?

Na een interview met SPD-voorzitter Rolf Mützenich in Der Tagespiegel (1) begin mei is een discussie losgebrand rond de vraag of Duitsland moet doorgaan met het toelaten van Amerikaanse tactische nucleaire wapens op zijn grondgebied en als bewapening van Duitse vliegtuigen, de zogenoemde Dual-Capable Aircrafts (DCA). De besluitvorming over vervanging van de huidige DCA-luchtvloot zou gepaard moeten gaan met een breder debat over Duitse deelname aan 'nuclear sharing'. 

Het Duitse onderzoeksinstituut DGAP vroeg defensie-experts uit verschillende Europese landen hoe in hún land wordt aangekeken tegen de Duitse rol in de nucleaire afschrikking en een eventuele 'alleingang' van Duitsland. Het DGAP - Deutsche Gesellschaft für Auswärtige Politik ofwel Duits genootschap voor buitenlandse politiek - is een denktank met zo'n 2800 leden. De organisatie is in 1955 opgericht en zet zich in voor een duurzame Duitse en Europese buitenlandse en veiligheidspolitiek, gebaseerd op democratie, vrede en rechtstaat. 

DGAP stelde de volgende vragen en vatte de antwoorden samen in een rapport (2): 1) hoe denken de partners van Duitsland over de nucleaire strategie van de Navo en 'nuclear sharing' in het bijzonder; 2) hoe zien zij de rol van Duitsland en 3) wat zouden de consequenties zijn van een Duitse terugtrekkking? 

Volgens DGAP waren de experts het ondanks verschillen van mening over één ding eens: nucleaire afschrikking is de hoeksteen van de defensiestrategie van de Navo en van levensbelang voor de Europese veiligheid. Alle respondenten steunden de 'nuclear sharing agreement' (3) van de Navo. In het kader van deze overeenkomst hebben vijf Navo-leden Amerikaanse kernwapens op hun grondgebied gestationeerd, namelijk België, Duitsland, Italië, Nederland en Turkije. Van de ondervraagde experts wijzen sommigen erop dat deze overeenkomst van belang is om Europese landen een stem te geven in de nucleaire strategie van de Navo, anderen benadrukken dat nucleaire afschrikking nodig is voor de geloofwaardigheid van de Navo, weer anderen dat de aanwezigheid van tactische kernwapens voorkomt dat Rusland een strategische overmacht krijgt op zijn buurlanden. Het stationeren van Amerikaanse kernwapens in Europa is ook bedoeld om te voorkomen dat Duitsland en andere Europese landen zouden streven naar eigen kernwapens. Duitse deelname aan de overeenkomst is een belangrijk symbool van Duitslands betrokkenheid bij het bondgenootschap.

Velen zien een eventuele eenzijdige terugtrekking uit de overeenkomst als een zorgelijk signaal, dat in elk geval zou moeten worden gecompenseerd door veel hogere defensiebestedingen aan conventionele wapens. Als één van de sterkste landen moet Duitsland een evenredig deel van de defensielasten dragen. Eenzijdige terugtrekking van Duitsland zou kunnen leiden tot een kloof met Washington en olie op het vuur gooien van een toch al gespannen relatie. Veel experts zijn bang dat Oost-Europese landen, zoals Polen, een terugtrekking van Duitsland zouden willen compenseren door stationering van Amerikaanse kernwapens op hun grondgebied, wat zou kunnen leiden tot spanningen en een wapenwedloop met Rusland. Terugtrekking van tactische kernwapens zou alleen moeten worden overwogen als onderdeel van onderhandelingen met Rusland over wapenbeheersing. Er zou van Russische zijde iets tegenover moeten staan. 

Met die laatste zin ben ik het wel eens. Maar - zoals ik hier al eerder schreef (4) - de vanzelfsprekendheid van de aanwezigheid van kernwapens staat mij tegen. Sharing is caring is een misleidende titel. Alle inspanningen zouden er voortdurend op moeten zijn gericht om een wereldwijd verbod op kernwapens stap voor stap mogelijk te maken. Dat gaat niet als we het dreigen met het atoomwapen de "hoeksteen" van onze strategie noemen. 

---

Bronnen: 

(1) Tagesspiegel 03-05-2020 SPD fordert Abzug aller US Atomwaffen aus Deutschland

(2) Lees hier een samenvatting (webpagina) en het hele rapport (PDF): 

(Nuclear) Sharing is Caring - European Views on NATO Nuclear Deterrence and the German Nuclear Sharing Debate (DGAP Report no.. 10, juni 2020)

(3) Wikipedia: Nuclear sharing

(4) Styloblog 24-06-20 Arms Control


donderdag 2 juli 2020

Schaamrood blogje

Als journalist zit ik bovenop het nieuws. Was dat maar waar. Al meer dan zeven jaar - eerst voor het Trefpunt en later voor Omroep Houten - volg ik het beleid van de gemeente Houten rond de voor deze regio zo belangrijke fruitteelt en de risico's voor omwonenden als het gaat om het spuiten van gewasbeschermingsmiddelen. Zo'n zeven jaar geleden stelde de gemeente een 'spuitvrije zone' in rond boomgaarden, maar de gemeente werd daarbij verschillende keren door de Raad van State op de vingers getikt. Vijf jaar geleden sloot de gemeente een convenant met de fruittelers waarin afspraken werden gemaakt over zorgvuldig spuiten. Dat convenant zou na vijf jaar aflopen: dat is volgende maand. Begin deze week kwam de Gezondheidsraad met een advies over de gezondheidsrisico's, ik vroeg de gemeente om een reactie en daarbij meteen ook hoe het stond met het convenant. 

Bij mijn vragen liet ik weten niet op de hoogte te zijn van de stand van zaken rond het Convenant Gewasbescherming. Nou, dat blijkt, want vandaag ontdekte ik op de website van de gemeente dat het convenant al afgelopen januari voor vijf jaar is verlengd. Dat nieuws is mij volledig ontgaan! Ik lees nu dat het convenant is getekend tijdens de fruitteeltvakbeurs in de Expo in Houten. Die beurs heb ik zelf vanwege dit onderwerp voor Omroep Houten bezocht en ik ben er met een stapel informatie vandaan gekomen, maar ik heb kennelijk mijn vragen op het verkeerde moment aan de verkeerde mensen gesteld en ik heb terug gemeld dat er geen nieuws voor de uitzending was. Er zal toen ongetwijfeld een persbericht zijn uitgegaan maar dit is volledig langs mij heengegaan. Het convenant heb ik inmiddels gedownload, maar ik moet het nog nalezen op wijzigingen en actualiteit en ik wacht nog op de beantwoording van mijn vragen door de gemeente. 

Wordt dus vervolgd, maar dit schaamrood blogje moest ik alvast even kwijt. 

Gemeente en fruittelers verlengen inzet tegen hinder gewasbescherming


Mijn dossier over landbouwgif en omwonenden


woensdag 1 juli 2020

Immaterieel erfgoed

Het carnaval in noordoost Twente, de Chinees-Indische restaurantcultuur, het hindoefeest Holi, de Brabantse orgelcultuur, riviervisserij, skûtjesilen en traditionele bevloeiing van grasland worden bijgeschreven in de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland. Deze inventaris bevat nu meer dan 160 vormen van immaterieel erfgoed, waaronder ambachten, feesten en sociale gewoontes. De notering is een middel om de beoefenaars te helpen bij het levend houden van hun immaterieel erfgoed. Ze maken zelf een plan om het erfgoed toekomstbestendig te maken. 

Het Streek

Het Streek Lyceum, voorheen Christelijk Streeklyceum Ede (CSLE), bestaat in 2020 zestig jaar (1960-2020). In 1967 kwam ik op deze school. Is het weer tijd voor een reünie? Zolang het coronavirus nog rondwaart, zit dat er niet in. Rector Wilfred Nep laat weten: "Op korte termijn is er geen jubileumviering te verwachten. Ook onder normale omstandigheden hadden we dit waarschijnlijk doorgeschoven naar 2023 omdat we dan naar verwachting een nieuw gebouw in gebruik gaan nemen en afscheid nemen van het huidige gebouw. Dat lijkt ons bij uitstek een goed moment om een grote reünie te organiseren."


PS. Tien jaar geleden (*) vroeg ik ook of er een reünie te verwachten was, vanwege het vijftigjarig jubileum. Het antwoord kwam toen van Havo-teamleider Wilfred Nep en de reünie in 2011. De teamleider is nu rector. Naamgrappen mogen niet. Nee, niet doen. Stop. Maar als ik tiener was en in de redactie van schoolkrant de Streekbuis zat of zoals eerder nog als Stupey mijn eigenste klassekrant Stupey's News volschreef, wat lijkt het mij dan heerlijk om een rubriek met mededelingen van de directie bij te kunnen houden onder de titel Nep Nieuws.

* Styloblog 04/01/10, 17/01+01/02/11
Zie zoekwoord streeklyceum in dit blog

dinsdag 30 juni 2020

Windpark Goyerbrug mag worden gebouwd

Persbericht rechtspraak.nl

Utrecht, 30 juni 2020

Het windpark Goyerbrug in Houten mag worden gebouwd. Dat heeft de bestuursrechter van de rechtbank Midden-Nederland bepaald. Omwonenden maakten bezwaar tegen de vergunning die voor de bouw verstrekt was door de gemeente Houten.

Overlast

De bouw van het windpark staat gepland in de gemeente Houten, ten zuiden van het Amsterdam Rijnkanaal. In het windpark moeten vier windmolens komen met een maximale ashoogte van 166 meter. De gemeente heeft op 21 oktober 2019 een vergunning verleend voor de bouw van het park. Omwonenden waren het hier niet mee eens en hebben bezwaar gemaakt tegen deze vergunning. Zij vrezen onder andere voor geluidsoverlast die de windmolens kunnen veroorzaken.

Duurzame energie

De rechtbank heeft gekeken waarom de gemeente Houten de vergunning heeft verstrekt en welke bezwaren de omwonenden hebben gemaakt. Tijdens deze zaak zijn veel onderzoeken over de precieze plaats, geluid, (slag)schaduw en externe veiligheid van de windmolens aan bod gekomen. Op al deze gebieden heeft de gemeente laten zien dat dat er geen bezwaar is tegen de bouw van het windpark, en zij de vergunning mocht verstrekken.

Onderbouwd

Het besluit van de gemeente is goed onderbouwd met onderzoeken van onafhankelijke (advies)bureaus, die voldoende borging geven voor de vergunning. Dat betekent overigens niet dat de windmolens geen geluid maken, maar de gemeente heeft in dit geval het maatschappelijke belang van duurzame energie zwaarder laten wegen dan het individuele belang van de omwonenden. De rechtbank vindt dat dit kan.

Rosse vleermuis

Naast de door de gemeente Houten verleende vergunning, heeft de provincie Utrecht voorschriften gemaakt voor het draaien van de windmolens. Die zijn nodig om de leefomgeving van de rosse vleermuis te beschermen. Ook moet de eigenaar van het windpark in de gaten houden hoeveel vleermuizen er overlijden. De eigenaar vindt deze voorwaarden te streng en niet goed uitgewerkt. De rechtbank volgt dit standpunt en geeft de provincie vier weken de tijd om hier een nieuwe beslissing over te nemen.

Uitspraken

Daaag tegen windpark Houten

Gigawiek, een actiegroep die zich verzet tegen windmolens in Houten, wijst op Twitter naar een uitspraak van het Europese Hof van Justitie over het regelgevend kader voor windturbines in Vlaanderen. Volgens Gigawiek gaat deze uitspraak ook grote gevolgen krijgen voor de windmolens in Houten. "Zeg maar daaag tegen Windpark Houten". De originele tweet (29-06-20 18:02u) is op Twitter niet meer te vinden, maar d'r is een afbeelding van: 


"Heel mooi, terwijl @gemHouten en @eneco elkaar bezig hielen, hebben wij internationaal samengewerkt om uitspraken van het Europees Hof af te dwingen. Met dank aan onze Belgische collega's. Zeer spannende uitspraken volgen. Zeg maar daaag tegen Windpark Houten @geengoyerwind "

In een vervolgtweet (30-06-20 08:39u) linkt Gigawiek naar een bericht van GD&A-advocaten in België. Daarin staat dat het Hof van Justitie van de Europese Unie op 25 juni in een langverwacht arrest (C-24/19) heeft uitgesproken dat het Vlaamse regelgevend kader voor windturbines in strijd is met de Europese richtlijn 2001/42 (plan-MER-richtlijn). Het arrest is een antwoord op prejudiciële vragen die door de Belgische Raad voor Vergunningbetwistingen werden gesteld. Het Hof spreekt uit dat ook voor kaderrichtlijnen en ministeriële circulaires met milieugevolgen een milieueffectrapportage (plan-MER) moet worden uitgevoerd. De kaderrichtlijnen voor de vergunningverlening vallen dus onder de Europese plan-MER-richtlijn. De vraag of de richtlijnen aan de regels voldoen, ligt nu weer bij de Belgische rechter. De 'onwettige' richtlijnen en vergunningen kunnen alleen in bepaalde gevallen overeind blijven, bijvoorbeeld als nietigverklaring aanzienlijke gevolgen zou hebben voor de elektriciteitsvoorziening in de hele lidstaat. 

De onwettigheid van het regelgevend kader voor windturbines in Vlaanderen kan volgens de GD&A-advocaten verstrekkende gevolgen hebben. Het valt immers niet uit te sluiten dat de onwettigheid van de milieunormen tot gevolg heeft dat tal van afgeleverde vergunningen onwettig zouden blijken te zijn. Omwonenden die hinder ondervinden van windturbines zouden kunnen trachten om het arrest van het Hof aan te grijpen om de stillegging van bestaande windturbines te vorderen bij de burgerlijke rechter.

Bron: bericht van GD&A-advocaten (26-06-20)



Duitsland: ECB-plan proportioneel

Het stimuleringsplan van de Europese Centrale Bank (ECB) voldoet aan de vereisten van proportionaliteit (evenwicht tussen maatregelen en doel), schrijft de Duitse minister van Financiën Olof Scholz aan de Bondsdag. Dit maakt de weg vrij voor Duitsland, in het bijzonder de Bundesbank, om de maatregelen van de ECB te steunen, omdat het kritisch toetsen van de proportionaliteit één van de voorwaarden was die het Duits Constitutioneel Hof in Karlsruhe daaraan stelde. 

Bron: 
ECB stimulus plan meets court requirements: German finance minister

Zie mijn eerdere blogs over dit onderwerp:

maandag 29 juni 2020

Gezondheidsrisico's landbouwgif

De Gezondheidsraad komt vandaag, 29 juni, met een langverwacht advies over de gezondheidsrisico's van landbouwgif. Nederlands onderzoek geeft geen duidelijke aanwijzingen voor gezondheidseffecten van bestrijdingsmiddelen, maar uit buitenlands onderzoek blijkt er wel een verband te zijn met de ziekte van Parkinson en met ontwikkelingsstoornissen bij kinderen. De onderzoekscommissie van de Gezondheidsraad vindt de conclusie gerechtvaardigd dat blootstelling aan chemische gewasbeschermingsmiddelen een risico voor de gezondheid vormt. De commissie adviseert daarom een zo laag mogelijke blootstelling aan chemische gewasbeschermingsmiddelen en waar het gebruik van deze middelen onvermijdelijk is, te kiezen voor de minst schadelijke variant. Strikte naleving en handhaving van de voorschriften is vereist. De commissie adviseert het gebruik en blootstelling van bestrijdingsmiddelen nauwkeurig te monitoren. Blootstelling kan bijvoorbeeld gemeten worden in de urine. Een groot onderzoek naar blootstelling van omwonenden aan chemische middelen in de bollenteelt toonde vorig jaar een hogere concentratie aan in de woningen en urine van omwonenden. De onderzoekscommissie raadt aan dit ook voor de fruiteelt te onderzoeken, te meer omdat daar zij- en opwaarts wordt geschoven. Dit onderzoek werd overigens jaren geleden al aanbevolen, maar werd een paar keer op de lange baan geschoven. 

Voor Omroep Houten volg ik dit onderwerp al enige tijd. In de gemeente Houten is vooral de fruitteelt van belang. In 2015 sloot de gemeente voor vijf jaar een convenant af met de fruitsector. Dit convenant loopt binnen acht weken af. Uiterlijk in februari 2020 zouden de gesprekken tussen de gemeente en de sector beginnen over verlenging van het convenant. Vandaag heb ik de gemeente Houten gevraagd naar de stand van zaken. De sector zelf bleek vorig jaar niet te willen reageren op persvragen en de gemeente kwam toen niet verder dan de mededeling het onderwerp "met grote belangstelling" te volgen. 

Aanvulling 02-07-2020: 

Het convenant van de gemeente met de fruitsector is dit jaar voor vijf jaar verlengd. 
Zie Schaamrood blogje met o.a. een link naar het nieuwe convenant. 

Aanvulling 03-07-2020: 

In antwoord op mijn vragen antwoordt de voorlichter van de gemeente het volgende: 
1) De wethouder en de medewerkers lezen deze rapporten -uiteraard- met veel interesse. We zullen ook dit rapport goed gaan bestuderen.

2) Op dit moment ontbreken landelijke richtlijnen. Dit soort rapporten kan input leveren voor te maken landelijk beleid. Wij hopen dat dit spoedig gebeurt.

Houten heeft eigen beleid op dit onderwerp, gebaseerd op verschillende rapporten en jurisprudentie. We zorgen bij nieuwe ontwikkelingen voor een zo veilig mogelijke leefomgeving. Voor ontwikkelingen bij fruitteelt houdt dat in dat we afstand houden en dat we fruitteeltpercelen afschermen met hagen. Initiatiefnemers moeten de afstand onderbouwen. Op deze wijze proberen we het contact met mogelijk gevaarlijke stoffen zoveel mogelijk te beperken. Dit doen we op basis van wetenschappelijke inzichten.
Zie mijn dossier en blog: 
Het advies is hier te downloaden: 

woensdag 24 juni 2020

Arms Control

Deze tweet moet ik hier even parkeren, omdat de inhoud mij verwart, vooral in combinatie met de twitternaam van de afzender. USArmsControl bezingt hier vrolijk de verworvenheden van de atoombom. 
Laten we niet vergeten - en kennelijk kunnen we het niet vaak genoeg herhalen - dat het platbranden van steden en dorpen of het verspreiden van dodelijke ziekten - of dat nou door vuur, gif, nucleaire explosie of straling gebeurt - niet is toegestaan. Ook niet in tijden van oorlog of in tijden van dromen over oorlog. Biologische en chemische wapens zijn al officieel verbannen en wie B zegt moet ook A zeggen: ook atoomwapens voldoen niet aan de eisen van het oorlogsrecht. Dat betekent niet dat we van de ene op de andere dag alles kunnen laten vallen (wat als het over bommen gaat sowieso een wat ongelukkige uitdrukking is), maar wel dat het werken aan nucleaire ontwapening een speerpunt (goed, ook een wat ongelukkig gekozen oorlogstaal), een niet aflatende inspanning van ons defensiebeleid moet zijn. Alle kernwapens de wereld uit (te beginnen uit Engeland en Frankrijk). Ook de dreiging ermee. 

Amerika heeft daar een speciale ambassadeur voor, zie ik, en dat is goed. Maarschalk S. Billingslea is de speciale presidentiële gezant voor de wapenbeheersing. USArmsControl is zijn officiële twitteraccount. 

Hoe 'wapenbeheersing' zich verhoudt tot het bezingen van de Navo als nucleair bondgenootschap is mij een raadsel. Dat de Navo kernwapens heeft is een feit; dat andere grootmachten en steeds meer kleinere landen kernwapens hebben evenzeer. Het is des maarschalks taak om wegen te zoeken naar verantwoorde nucleaire ontwapening en de weg daar naartoe helder uit te dragen. 

De uit het JSF-project, de Joint Stike Fighter, voortgekomen F-35 is een "sophisticated jet", een geavanceerd en verfijnd straalvliegtuig. Onze Jet wordt nog verfijnder als ze straks atoombommen kan afgooien waarmee je de mensen op de grond kunt platbranden en kanker verspreiden. Dat kan pas in 2023 - de vijand wordt nog even om geduld gevraagd - maar Amerika is er al druk mee aan het oefenen. De Amerikaanse Ambassadeur ArmsControl kán niet wachten. 

---

First photos of F35A-jets dropping nuclear bombs

Mijn eerdere blogs over kernwapens
27-03-2008 Kernwapenvrije wereld
02-07-2007 Onvermijdelijk immoreel

B61 nuclear bomb
(340 kiloton = 22x Hiroshima)

Wat als een atoombom valt

zaterdag 20 juni 2020

Hop

Uit de kast
Het lot wijst een boek, bladzijde, zin en woord uit de kast
van Ytzen Lont

Deze keer heeft Marjan uit Amsterdam het lot uitgekozen en dit brengt mij bij een artikel in het Utrechts Nieuwsblad van 24 december 1994. Een paginagroot artikel over scouting, een onderwerp dat mij bijzonder aanspreekt. Goed gegokt, Marjan. 

Hip hop
Journalist Bart van Oortmerssen praat met scoutingvoorlichter Theo van der Pas en hij brengt een bezoekje aan welpengroep De Vliegende Pijl, verstopt in een klein stukje groen in de Utrechtse wijk Oog in Al. Het lot wijst naar het vijfde woord van de eerste zin en ik ben zo vrij de kop boven het artikel als de eerste zin op te vatten: "Wij hip, hip, hip, hop". Ik weet niet of dit een slimme woordspeling is van de koppensneller van de krant om het nieuwe 'hippe' imago van scouting te benadrukken - ik denk 't en dat kan ik wel waarderen - of dat hij geen idee heeft waar hij het over heeft. De zin komt in het artikel verder niet voor, wel het correcter klinkende "Wij dip dip dip dop", de openingsyell van de welpen. Als een strenge schoolmeester heb ik indertijd bij eerste lezing al een corrigerende streep door het eerste "hip" van de kop gezet en er onder geschreven "dob". Ik zal ze leren! Waarom ik ze zal leren, daar kom ik straks nog op terug. Leren en luisteren is namelijk de taak van Baloe. En dat ben ik. 

* Hessengroep *
Van mijn zestiende tot mijn achttiende (1972-1974) was ik welpenleider bij de Hessengroep in Lunteren. Vandaag, zaterdag 20 juni 2020, zou de reünie zijn vanwege het 75-jarig bestaan. Ik had me er op verheugd 'mijn kinderen' en oude vrienden terug te zien, maar dat kan vanwege de coronacrisis helaas niet doorgaan. Ik ben amper twee jaar bij de padvinderij geweest, maar die tijd heeft grote indruk op mij gemaakt. Eigenlijk is mijn grote broer de ware padvinder, hij was er van jongsafaan bij. Anders dan ik kent hij alle knopen en kneepjes van de scout.  

Op een gegeven moment had je in Barneveld, waar wij opgroeiden, alleen welpen (de horde 8-12 jaar) en in Lunteren alleen verkenners (de troep 12-16). (Ik heb het nu alleen over de jongens; dat God ook meisjes had geschapen, dat wisten wij toen nog niet.) Het was dus logisch dat veel Barneveldse welpen rond hun twaalfde doorstroomden - of overvlogen, zoals dat heette - naar de verkenners in Lunteren en als ze het daarna nog niet zat waren, kwamen ze op hun zestiende terecht bij de voortrekkers (de stam). De voortrekkers vormden hun eigen bestuur en waren een kweekvijver voor nieuwe leiding. 

* Secretaris *
Mijn broer was inmiddels voortrekker geworden en de stam vergaderde bij ons in de woonkamer. Gelukkig werd ik niet weggestuurd. Pas aan het eind van de vergadering - er was inmiddels een voorzitter en een penningmeester gekozen - kwam iemand er achter dat het misschien wel handig was om notulen te maken. Gewoontegetrouw had ik, al had ik niets met het gezelschap te maken, aantekeningen zitten maken. Dat deed ik zelfs als ik televisie zat te kijken of bij de preek in de kerk. Iemand anders bedacht dat als ik mijn aantekeningen wist om te zetten in notulen, ik dan misschien ook wel de secretaris van de stam kon worden. Dat was goed. Maar een derde bedacht dat de secretaris wel lid moest zijn. En zo kwam ik bij de padvinderij. 

Kort daarvoor was er in Lunteren weer een welpenhorde opgetuigd en er was een schreeuwend gebrek aan leiding. Zo kwam het dat ik op een en dezelfde dag tot voortrekker en tot welpenleider werd geïnstalleerd. 

* Uniform *
Oprichter Baden Powell heeft 'het spel van verkennen' (want het blijft een spel) gebaseerd op zijn ervaring in het Britse koloniale leger, met rangen als hopman, vaandrig en patrouilleleider. Het uniform was trouwens niet zo zeer een uiting van militarisme, maar van gelijkheid. In de Britse standenmaatschappij niet onbelangrijk. Aan de kleren mag je niet kunnen zien uit welke klasse iemand komt. Dezelfde reden waarom Britse scholieren tot op de dag van vandaag schooluniformen dragen. Iets waar wij - terecht, vind ik - vreemd tegenaan kijken. In Londen heb ik bij vrienden op bezoek nog wel eens de schooluniformen van de meisjes staan strijken. 

* Junglebook *
Het viel Baden Powell op dat vaak jongere kinderen vanaf de zijlijn of door de ramen een nieuwsgierig kijkje kwamen nemen bij de padvinderij. Daarom bedacht hij een spelvorm voor jongens van 8 tot 12 jaar. Hij maakte daarvoor dankbaar gebruik van een boek en verhalen van zijn vriend en mede-koloniaal Rudyard Kipling: The Junglebooks. - Kipling schreef overigens ook het gedicht "The white man's burden", een aanmoediging aan de Amerikanen om de Fillipijnen, Puerto Rico, Guam en Cuba op Britse wijze te kolonialiseren en de last op zich te nemen om de wilde volkeren beschaving bij te brengen en te 'bevrijden'. Hij vond op zijn manier dat 'black lives matter', maar zijn racistisch standbeeld houdt niet lang stand. - De verhalen uit zijn jungleboeken zijn echter prachtig. Uiteraard heb ik die gelezen toen ik welpenleider werd. (Er schijnt ook een Disney-versie te zijn, maar die heb ik nooit gezien en dat wil ik graag zo houden.) 

* Eindeloze bron *
De peuter Mowgli, 'het mensenjong', verdwijnt in de jungle als de mensen rond het kampvuur worden beslopen door een tijger. Hij wordt opgevangen en opgevoed door een horde wolven. De leider van de horde is de grijze wolf Akela en de moederwolf heet Raksha. De jungleverhalen bieden een eindeloze bron van ideeën, namen en rollen voor het spel van de jonge padvinders. Bij Akela denken mensen vaak aan een vrouwelijke leidster, maar bij ons in Lunteren was Akela net als in het verhaal een man. Heb je een kwaaie nodig, dan laat je in het spel Shere-Kahn opdraven, de gemene tijger en de grootste vijand van Mowgli en de welpen. Bagheera daarentegen, de zwarte panter, staat aan de goeie kant, hij kan geweldig sluipen en is de snelste jager die er is. De olifant Hathi is één van de oudste dieren van de jungle, rechtvaardig en dapper en kan prachtig vertellen. Moederwolf Raksha verdedigt haar jongen door dik en dun, ze vindt het belangrijk dat iedereen meedoet. De dikke beer Baloe leert Mowgli de wetten van de jungle. 

* Baloe *
De namen van de leiding passen vaak goed bij hun karakter en rol. Al moest ik ook wel eens het spel leiden, ik was daar niet zo goed in, maar ik sjokte vaak mee met de achterblijvers van de groep en kon eindeloos luisteren en raad geven. De naam Baloe paste bij mij. Vorig jaar las ik in de nieuwsbrief van Scouting Lunteren dat Baloe - van de huidige leiding - was overleden. Dat heeft natuurlijk een grote impact op de jongens. Pas toen ik een condoleance stuurde naar de groep, ervaarde ik hoe diep de naam Baloe in mij zit, al ben ik maar twee jaar als zodanig actief geweest. Baloe is dood. Baloe dat ben ik. 

* Vrijgevochten *
De Hessengroep in Lunteren was trouwens een vrijgevochten bende, met weinig achting voor ceremonies, vlaggen, uniform en regels. Maar voor officiële gelegenheden of districtswedstrijden werd alles nog snel serieus bijgespijkerd en iedereen zette dan z'n beste beentje voor en deed het best goed. Ik vergelijk het met de naam die Nederlandse soldaten hadden bij Navo-oefeningen in Duitsland: langharig werkschuw tuig, maar als het er op aankwam taakgericht en gemotiveerd en de beste soldaten van het bondgenootschap. Die cultuur - terecht of niet - vinden we nu weer terug in het begrip 'intelligente lockdown'. 

Lunteren heeft wel het mooiste terrein van heel Nederland. We konden de verkenners bij wijze van spreken veertig kilometer oostwaarts sturen, tot aan Apeldoorn of de IJssel, zonder een stad of dorp tegen te komen. We zaten niet verstopt in een stadswijk, maar de hele Veluwe was van ons. 

* Yell *
Dan terug naar de hippe yell aan het begin. Laat ik het als Baloe nog één keer uitleggen. Elke opkomst begint met de horderoep, de 'grand howl' of het grote gehuil van de wolven. De welpen verstoppen zich in het bos, behalve Akela en één van de jongens, de nestleider van dienst. Die blijven op de 'raadsrots', het centrale punt van samenkomst. Zoals gezegd hadden wij in Lunteren een complete jungle tot onze beschikking, dus dat werkte heel goed. Als iedereen weg is, roept de nestleider "yalahiiii!" en dan komen alle welpen aangelopen en ze vormen een cirkel. Akela draait met gestrekte arm als de grote wijzer van de klok een cirkel en elke welp waarnaar ze wijst gaat zitten met zijn armen tussen zijn benen, als voorpoten op de grond gezet. Als iedereen gehurkt is, gaan ze weer staan, brengen de groet en zeggen in koor: "Akela wij doen ons best. Djib, djib, djib, djib. Wij dob dob dob dob. Woef!" Bij "woef" worden de rechterhand en voet vooruit gestoken. Djib komt van het Engelse 'dyb', do your best, en dob betekent (wij) doen ons best. 

Het is dus niet hip en hop, maar djib en dob. Of het nóg zo gaat, weet ik niet. Dat had ik vandaag willen vragen op de reünie, maar daar kwam een virus tussen. Baloe is intussen bijna net zo oud als de oude olifant Hathi en vertelt alleen nog verhalen van vroeger. 






Partikel van mirativiteit

Vandaag las ik een interessant artikel met als kop: 

"Over (we)hinneh als partikel dat mirativiteit markeert". 

Jammer, nu weet ik wat het betekent en is de betovering van deze volstrekt onbegrijpelijke zin verdwenen. Ik houd van onbegrijpelijke zinnen. Bijvoorbeeld als je onderweg flarden van een gesprek opvangt, waarvan je geen idee hebt waar het over gaat maar waar je van alles bij kunt verzinnen. Ik zou wel eens een boek met onbegrijpelijke zinnen willen schrijven. In mijn werk als externe ondeskundige had ik er veel mee te maken. Mijn bedrijfsfolder opent met: "Als externe ondeskundige ondersteun ik experts in hun werk. Ik ben gewend te werken in werk- en projectgroepen van diverse disciplines, ter plekke, vragen te stellen, lijnen te zoeken. Wat is nu eigenlijk de bedoeling van wat u wilt zeggen? Ik schrijf wat u denkt."

Maar goed, vandaag las ik dus een artikel over wehinneh en mirativiteit. Het artikel staat in 'Met andere woorden', Vakblad Bijbel en vertalen, 39e jaargang nr 1, juni 2020, pagina 24-35. 

Partikels (deeltjes) zijn in de taalkunde kleine, onverbogen woorden, die een grammaticale categorie of een modaliteit - zeg maar een gevoel of beklemtoning - aanduiden. Als je ze weglaat, heb je nog steeds een correcte zin maar dan ontbreekt het gevoel of de duiding. Voorbeelden van modale partikels zijn: dat zou je toch moeten weten; doe maar, even, eens, es, zo is het nou eenmaal, hè, hoor.  

Mirativiteit, afgeleid van het Latijnse woord miror, 'zich verwonderen' of 'zich verbazen', is een grammaticale markering van onverwachte informatie. Elke taal heeft zijn eigen manier om een verrassing of een plotselinge ontdekking weer te geven.  In het Hebreeuws is 'hinneh' zo'n woord, soms in combinatie met 'we' ('en' of 'maar'). In de Bijbel komt het woord vaak voor. Het wordt wel eens vertaald met 'en zie!' of met woorden als 'ontdekken', 'plotseling' of 'ineens', soms ook heel vernuftig met een gedachtenstreepje, een korte pauze. Je zou het ook kunnen vertalen met 'warempel' of, zoals de hoofdredacteur in zijn voorwoord suggereert, met 'verhip'. 

Hinneh is dus een partikel van mirativiteit. Een woordje dat een verrassing uitdrukt. 

De auteur van het artikel in 'Met andere woorden', Leanie de Kok-van Deelen, noemt een hele reeks voorbeelden uit de bijbel, maar het artikel spitst zich toe op een bekend verhaal in Genesis 29. Jacob, die met een list van zijn moeder het eerstgeboorterecht van zijn broer Esau heeft afgetroggeld, is voor zijn woedende broer gevlucht naar zijn oom Laban. Hij wordt al gauw verliefd op diens dochter Rachel en hij vraagt haar ten huwelijk, maar daarvoor moet hij eerst zeven jaar als herder werken voor zijn oom. "Jacob werkte dus zeven jaar om Rachel te krijgen. Maar het leek of het maar een paar dagen waren. Zo veel hield hij van Rachel." (Genesis 29 vers 20). 

Na een groots huwelijksfeest en de aansluitende - wie weet, ook wel grootse - huwelijksnacht wordt Jacob de volgende ochtend wakker. Dan pas komt hij tot de ontdekking dat oom Laban hem niet Rachel maar haar oudere zus Lea heeft meegegeven. 

Nou, als na je huwelijksnacht ontdekt dat je met haar zus in bed ligt, dan ontkom je natuurlijk niet aan een partikel van mirativiteit. Hinneh! 

---

Bronnen: 

(1) Het hele artikel is hier te lezen. 

(2) Het bijbelgedeelte rond Genesis 29:25 is hier te lezen. 
(met gratis of betaald account zijn meer vertalingen te lezen)

(3) Uitleg modaal partikel in Wikipedia

(4) Een interessant artikel over mirativiteit in het Nederlands en Fries. 



maandag 15 juni 2020

Multatuli-jaar

Op 2 maart 2020 was het 200 jaar geleden dat Eduard Douwes Dekker, later bekend onder zijn pseudoniem naam Multatuli ('Ik heb veel geleden') werd geboren. Aan het eind van het jaar zal een grote nieuwe website worden geopend met al het werk van Multatuli, inclusief niet eerder gepubliceerde brieven en fragmenten, en heel veel werk óver Multatuli. Van veel andere activiteiten is nog niet duidelijk of die door kunnen gaan. Informatie is te vinden op de vernieuwde website van het Multatuli-museum (dat is gevestigd in het geboortehuis van de schrijver aan de Korsjespoortsteeg in Amsterdam): 

Bron: Onze Taal, 2020/6 p13

PS. Naar aanleiding van dit bericht las ik wat de bekende theoloog F.W. Grosheide rond 1930 over Multatuli schreef in de Christelijke Encyclopedie. Grosheide blijkt, laten we zeggen, niet bepaald enthousiast. 

zondag 14 juni 2020

Mail from the Mayor

Dear Ytzen,

This is a reminder that from Monday 15 June, everyone travelling on public transport must wear a face covering. Please find further details here, including how to make your own face covering.

Please continue to avoid using public transport if you can and consider walking and cycling some or all of your journey to help make space for those who have no alternative way to travel.

As part of our Streetspace programme, we are working with boroughs across London to widen footpaths and provide more cycle lanes.

Due to the national requirement for social distancing, you might need to queue to enter stations. Please follow the signs and advice from our staff. Find out if your stations are among the busiest.

If you have to use public transport, please travel outside the busiest times of 05:45 and 08:15, and 16:00 and 17:30 on weekdays.

Please carry hand sanitiser with you and wash your hands after travel. Find out which stations have hand sanitiser points available.

Please continue to work from home where you can. If you must travel, our digital tools can help you plan your journey, including Journey Planner or our Facebook Travelbot.

Thank you very much for keeping everyone safe.Yours sincerely

Vernon Everitt
Managing Director, Customers, Communication & Technology


Transport for London

Mayor of London

London busdriver wearing face mask
This London busdriver covering his face with an improvised face mask is a friend of mine. He sent me this picture in April. He lived with me for several years in Houten, the Netherlands, before moving to London. In the Netherlands he worked for a British engineering company in logistics, in London he works for Abellio, a company owned by the Dutch Railroads NS. The Dutch Railroads daughter company runs several rail services in the United Kingdom and a number of bus lines for the Transport for London. Abellio is operating 750 buses with 2500 staff in Central, South and West London. At the bus driver's uniform you can see the NS Dutch Railroads logo. My friend, who's Dutch, is considering to move back with his family to the Netherlands in due time..

zaterdag 6 juni 2020

Moeten B&W de gemeenteraad kunnen verstaan?

Wethouders in het nieuwe college van de gemeente Smallingerland (Drachten), waar in januari de PvdA uit de coalitie stapte, moeten Fries kunnen verstaan. Deze eis is toegevoegd aan het functieprofiel. Dit is te lezen in een bericht in Binnenlands Bestuur

Het blad heeft columnist en staatsrechtdeskundige Douwe Jan Elzinga om een reactie gevraagd: Mag je eigenlijk wel van een wethouder eisen dat hij de Friese taal verstaat? Daar windt de Groningse hoogleraar staatsrecht Douwe Jan Elzinga geen doekjes om. 'Nee, dat mag niet. Je mag wel zeggen dat het gewenst is of dat het aanbeveling verdient, maar het mag geen harde en beslissende eis zijn.'

Helaas staat er niet bij waarom deze eis niet zou mogen en dat roept de nodige vragen op. Ik hoop dat Douwe Jan Elzinga daar later, bijvoorbeeld in zijn column, vanuit zijn deskundigheid nog nader op in zal gaan. De raad verlangt niet dat de wethouders Fries kunnen spreken, maar wel dat ze het kunnen verstaan (passieve kennis van het Fries). De Nederlandse wet gaat uit van gelijkwaardigheid van het Nederlands en Fries in de gemeenteraden in Friesland, met uitzondering van de Waddeneilanden en de gemeente Weststellingwerf (Wolvega), die in het overwegend Nedersaksische taalgebied ligt. De wet bepaalt dat in een Friese gemeenteraad naar keuze Nederlands of Fries mag worden gesproken en dat wat in het Fries is gezegd ook in het Fries wordt genotuleerd. 

Mag je van een wethouder niet eisen dat hij verstaat wat in de gemeenteraad gezegd wordt? En als dat niet mag, terwijl de twee talen in de raad volgens de wet gelijkwaardig zijn, mag je dan wel van een wethouder eisen dat hij Nederlands verstaat?  

Ik kijk uit naar de volgende column van de Groningse professor. 

---

Bronnen: 

Binnenlands Bestuur 05-06-2020 - Harde eis aan wethouder om Fries te verstaan 'mag niet'


Wet gebruik Friese taal

Memorie van Toelichting
Het doel van deze wet is om in de provincie Fryslân het recht van een ieder te garanderen om gebruik te maken van zijn eigen taal, hetzij Nederlands of Fries, in de rechtszaal en in het contact met bestuursorganen en daarmee de gelijke positie van het Fries en het Nederlands in de provincie Fryslân te waarborgen. 

Artikel 2
De officiële talen in de provincie Fryslân zijn het Nederlands en het Fries.

Artikel 9
1. Een ieder kan in vergaderingen van in de provincie Fryslân gevestigde vertegenwoordigende organen de Friese taal gebruiken.
2. Hetgeen in de Friese taal is gezegd, wordt in de Friese taal genotuleerd.

Klimaat is gemiddeld weer

Het extreme weer is het gevolg van klimaatverandering. Dat lees ik vaak en nu weer in een oproep van Greenpeace op Facebook: "De onderliggende oorzaak van het steeds vaker voorkomende extreme weer is klimaatverandering". Mensen staren naar de lucht, voelen de hitte of schuilen voor een felle regenbui en zeggen dan: zie je wel, dit komt door de klimaatverandering. 

Komt het weer van het klimaat? Of het klimaat van het weer? 

Bij aardrijkskunde op de middelbare school leerde ik dat het klimaat het gemiddelde is van het weer over een periode van dertig jaren. Je kunt het weer meten. Temperatuur en neerslag zijn daarvan denk ik de meest duidelijke parameters. (Ik weet niet precies wat parameter betekent, maar ik vind het een mooi woord.) Hang een thermometer op en zet een bakje neer en noteer elke dag of elk uur de temperatuur en hoeveel regen er is gevallen. Doe dat dertig jaar lang, tel alle cijfers op en deel ze door het aantal getallen dat je hebt genoteerd en voilà, je hebt het klimaat. 

Nou zal de werkelijkheid wat ingewikkelder zijn dan dat en de wetenschap is sinds mijn schooltijd ongetwijfeld voortgeschreden - de meter is ook al lang niet meer een staaf in Parijs - maar in grote lijnen zal die definitie van klimaat nog wel zo'n beetje kloppen, denk ik. Klimaat is het gemiddelde weer. 

Daarom vind ik het altijd zo knap als mensen op een mooie zomerdag vanuit een ligstoel in hun achtertuin weten te vertellen dat je wel kunt voelen dat het klimaat verandert. Zelf lukt het mij niet zo om aan mijn huid te voelen dat de dag- en nachttemperatuur over een periode van zoveel jaren gemiddeld een graadje meer is geworden. 

Als je de getallen 1, 2, 3, 4 en 5 optelt, kom je uit op 15; deel het door 5 (het aantal getallen in de reeks) en je komt uit op een gemiddelde van 3. Dat komt door die getallen in de reeks en je kunt dat niet omdraaien: het is niet zo dat er een 5 in de reeks staat omdat het gemiddelde 3 is. 

Ik geef dus het weer de schuld van de klimaatverandering en niet omgekeerd. 

Maar ik moet de mensen die zeggen dat het extreme weer komt van de klimaatverandering toch ook een beetje gelijk geven. Met 'klimaat' bedoelen we natuurlijk niet alleen het gemiddelde van een reeks metingen, maar ook alle omstandigheden bij elkaar die het weer bepalen, veroorzaken. Opwarming, smeltwater, zeespiegelstijging, zeestromingen, overheersende windrichting en weet ik wat voor andere natuurlijke omstandigheden beïnvloeden het weer. En ook het weer beïnvloedt het weer. Als een reeks omvallende dominostenen. Het gaat mij hier niet om de vraag in hoeverre het 'klimaat' beïnvloed wordt door de mens - dat lijkt mij evident - maar in hoeverre het 'klimaat' het 'weer' beïnvloedt. Anders gezegd, als we beweren dat het klimaat iets veroorzaakt, dan moeten we wel weten wat we met het klimaat bedoelen. 

Het stoort mij altijd een beetje als de weerman of -vrouw het heeft over "normaal voor de tijd van het jaar". In de wetenschap zal het woord normaal normaal zijn, maar in de huiskamer klinkt het alsof het weer zich normaal zou moeten gedragen:"zeg, doe es effe normaal voor de tijd van het jaar!". Ik zou liever zeggen "gemiddeld". 

Het weer mag dan extreem zijn, het klimaat blijft altijd gemiddeld. 



maandag 1 juni 2020

Put your hand in the hand

Christo

Inpakkunstenaar Christo is overleden. Toen hij de Reichstag in Berlijn liet inpakken, in 1995, woonde ik in Bonn. We zaten in de tram en stopten in de Bonner Innenstadt bij een oud gebouw dat in de steigers stond. Het was één van de eerste keren dat ik steigers zag afgeschermd met gaasdoek, zoals nu heel gewoon is. "Das hat Christo nicht getan", zei mijn vriendin Maria. Haar zevenjarige dochter Marga keek nog eens heel langzaam langs de steigers op en neer en zei toen overtuigd: "Nein, das haben die Menschen getan!"

maandag 25 mei 2020

Zittenblijven afgeschaft

Ruim eenderde (38%) van de scholen schaft dit jaar vanwege de coronacrisis het zittenblijven af, lees ik vandaag in de Volkskrant. Het kán dus wel. Maar hoe kan dat dan en waarom nu wel? 

De Volkskrant hield een enquête onder alle middelbare scholen in Nederland. De enquête is ingevuld door 149 scholen, die samen lesgeven aan ongeveer 20 procent van alle leerlingen in het regulier voortgezet onderwijs. De middelbare scholen sloten hun deuren op 16 maart en gaan pas volgende week weer open. Veel scholen hanteren daarom dit jaar soepeler overgangsnormen en zo'n 38% laten iedereen overgaan. 

Dat het dit jaar anders gaat dan anders, begrijp ik, maar dat scholen ineens zonder zittenblijven kunnen, verbaast me. Nood breekt wet, snap ik ook wel, maar zittenblijven is nood. Zelf zou ik nóóit een kind naar een school sturen waar zittenblijven gezien wordt als een acceptabele onderwijsmethode. Nou heb ik geen kinderen, dus ik heb makkelijk praten. Maar ik was er ooit wel een. Klassikaal onderwijs en zittenblijven zijn uitgevonden om te voorkomen dat leraren overspannen raken en het is zeker nuttig als tenminste een deel van de leerkrachten het onderwijs overleeft. Maar het blijft een bizarre uitvinding, dat zittenblijven. Om alles over te laten doen als je op onderdelen faalt en de leerling om die reden uit zijn sociale context te halen. Die klas is er dus voor de leraar en niet voor de leerling, zo blijkt. 

Maar goed, mensen roepen dat 'na de corona' alles anders wordt - we gaan allemaal van elkaar houden en zo - dus misschien zullen mensen nu eindelijk opstaan tegen zittenblijven. 

Volkskrant 25-05-2020 Eenderde scholen schaft zittenblijven af in coronajaar

zaterdag 16 mei 2020

Normen

Uit de kast
Het lot wijst een boek, bladzijde, zin en woord uit de kast
van Ytzen Lont


Na Inge uit Hilversum heeft deze week Anneke uit Odijk voor mij het lot uitgekozen dat een tekst aanwijst uit mijn archief of boekenkast. Ze wijst blindelings een plank aan met boeken, brochures, wetteksten en nota’s over ruimtelijke ordening en bouw. Als kleine zelfstandige heb ik jaren secretariaat en tekstredactie gedaan voor gemeenten en stedenbouwkundige bureaus. Vooral de Vinex, de vierde nota over de ruimtelijke ordening extra, leverde veel werk op. Vandaar mijn ‘collectie’ over dit onderwerp. 


Na jaren secretariaatswerk gedaan te hebben via uitzendbureaus, ben ik op m’n dertigste voor mijzelf begonnen, gestart in 1984/85. Ik werkte al een paar jaar zelfstandig, onder andere voor de Universiteit Utrecht, toen ik op een dag in mei 1987 werd gebeld door Antoinette (de beste intercedente van Nederland, een echte matchmaker) met de dringende vraag of ik diezelfde avond voor Randstad een notuleerklusje wilde doen. Ik mocht er een week over doen, dus dat kon ik wel inplannen. Die avond zat ik in een (vanwege de diapresentatie) halfdonker zaaltje in Utrecht-Lunetten op een inspraakavond van de gemeente Utrecht over “vlek 24/26”, een woningbouwproject langs het spoor. Tachtig zeer betrokken en goed ingelezen omwonenden in een zaaltje en één man die van niks weet die het op mag schrijven. Aan het eind van de avond liet stedenbouwkundige Pim Le Large van de gemeente weten dat het college van B&W over een week een beslissing zou nemen. Niks ‘week uitwerken’, die week was niet voor de notulist maar voor het College. Wie A zegt, moet ook B zeggen, ik kon niet meer terug en ben de hele nacht doorgegaan om het verslag de volgende ochtend in te leveren bij de gemeente. Dat maakte indruk en een paar weken later werd ik door de afdeling Stedenbouw ingehuurd voor “juridisch advieswerk”. Lees: schrijfwerk. Dat ene avondje notuleren heeft mij een jarenlange constante werkstroom in de ruimtelijke ordening opgeleverd. Vandaar dus mijn ‘collectie’. 


Het lot wijst op het boek “Kleine Gids voor de Bouwvoorschriften” van ir. H.L. Marinus uit 1987, daarvan bladzijde 62, regel 9, het vijfde woord: “de”. Aan alleen een lidwoord heb ik weinig, dus ik zet het maar even in context: “Naast de standaardafmetingen bevatten de meeste normen voor bouwmaterialen ook bepalingen met betrekking tot de kwaliteitsnormalisatie”. Deze kleine gids is bedoeld voor bouwkundigen, architecten, aannemers, constructeurs, fabrikanten van bouwmaterialen, projectontwikkelaars en controlerende ambtenaren. Dat laatste beroep klinkt wat koel, maar niet voor mij. Mijn eigen vader was jarenlang bouwkundig opzichter, eerst in Harlingen (waar ik geboren ben), later in Schiedam, Pijnacker en Barneveld. Daar begon hij vervolgens in 1963 met enkele compagnons de Bouw Industrie Barneveld. Als opzichter was hij “buitengewoon opsporingsambtenaar” (BOA), wat vandaag de dag een wat sullig imago heeft gekregen. Maar mijn oudste zus wist als kind nog wel eens belagers op afstand te houden door te roepen: “mijn vader is bij de politie, hoor!’. Mijn vaders technisch vernuft heb ik niet geërfd, wel zijn ruimtelijk inzicht en het kunnen lezen van plattegronden, wat mij in mijn werk voor de ruimtelijke ordening erg van pas is gekomen. Toen ik een kleuter was en wij in een flat op het Wibautplein in Schiedam-Nieuwland woonden, stond mijn vaders tekenmachine op het dressoir in de woonkamer en ik heb menig woning op de tekentafel zien ontstaan. Met het scheermesje en de duivenveer als gum. (1)


Als kinderen hadden wij de taak om lichtdrukken te laten maken bij Engel in Amersfoort (“Er wordt op gewacht!”) en vergunningaanvragen in te leveren op het gemeentehuis in Barneveld, waar we de verstoorde blikken van een hok vol ambtenaren moesten trotseren. Zo moesten we leren over de drempel van onze verlegenheid te stappen. Als tiener typte ik voor mijn vader de vergunningaanvragen uit. Mijn carrière in de tekstverwerking begon als dertienjarige met woningen bestemd ter bewoning en hemelwaterafvoerleidingen (HWA) uitgevoerd in PVC.


De Kleine Gids van ingenieur Marinus gaat over bouwrecht, bouwwetgeving, normalisatie en certificatie. In de tijd dat ik voor de gemeente werkte wist ik alles - nou ja, niet alles - over “artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening” en “artikel 50 van de Woningwet”, maar die kennis is weggezakt en achterhaald. Veel van de bouwwetgeving is nu samengevoegd in de nieuwe Omgevingswet. De reden van dit recht is nog hetzelfde. De Kleine Gids begint er mee. Ongezonde omstandigheden maakten overheidsingrijpen noodzakelijk en leidden tot de Woningwet van 1901. Voor het eerst ging de rijksoverheid zich bemoeien met bouwen en wonen. Sindsdien wonen mensen in veel gezondere omstandigheden. In mijn jeugd zag ik nog vaak de bordjes "onbewoonbaar verklaarde woning" op een woning gespijkerd. Of zoals men wel zei een "onverklaarbaar bewoonde woning".


Maar het hoofdstuk waarheen het lot mij leidt, gaat over “normalisatie”. “Dat moeren heden ten dage feilloos op de bijbehorende bouten passen, ongeacht het fabrikaat, is een geslaagd voorbeeld van normalisatie” (p55). De Kleine Gids toont er een plaatje bij van NEN 5555 voor “Platverzonken draadnagels met geruite kop”. Het klinkt als een liedje uit de vaderlandse geschiedenis over een jongetje in Vlissingen dat naar zee wil.


De normen worden uitgegeven door het Nederlands Normalisatie-Instituut (NNI). Ze worden niet eenzijdig vastgesteld en opgelegd, maar zijn een product van overeenstemming tussen de leden van de betreffende normcommissie. Er staat niet bij dat ze abnormaal duur zijn. Ik heb er ook wel eens eentje besteld, want voor alles is een norm. Voor de internationale samenwerking is het NNI lid van de International Organization for Standardization (ISO) in Genève en het Comité Européen de Normalisation (CEN). Van internationaal belang is ook het Deutsches Institut für Normung (DIN). Denk maar aan de alom bekende norm DIN A4, waar we het aan te danken hebben dat ons papier in de printer past. In mijn jeugd werkten we nog met kwarto en folio en aan het begin van het computertijdperk moesten we het ineens een tijdje doen met 11” of 12” (inch) kettingpapier. 


DIN A4 is een afgeleide van A0, een vierkante meter met een lengte-breedteverhouding van wortel 2 (= circa 1,41) staat tot 1. Door A0 telkens over de lengte te vouwen, ontstaat A1, A2 en zo verder. Een A4’tje is dus een zestiende van A0 en weegt bij 80 gr/m2 80/16 = 5 gram. Deze kennis staat niet in de kleine gids voor de bouw, maar gooi ik er toch maar even tussendoor, want dit moest ik weten voor mijn kantoorboekhandeldiploma van de Stichting Opleiding Kantoorinstallaties, - artikelen en -papierwaren (Sokap). En het is toch ook weer van belang voor de bouw, want tekenpennen (zoals de bekende Rotring-pennen) werken  met dezelfde verhouding als de papiernorm, dus als je een bouwtekening op halve grootte laat afdrukken (bijvoorbeeld van A3 naar A4), dan kan je met de volgende maat uit de reeks (DIN 15) in de juiste lijndikte verder tekenen. 


Volgens de Kleine Gids (p61) hebben normen voor bouwmaterialen altijd een belangrijke rol gespeeld in de bouwwereld. In de begintijd van de normalisatie, aan het eind van de Eerste Wereldoorlog, richtte de aandacht zich vooral op de maatnormalisatie. Zo kom ik terug op mijn huiswerk voor vandaag, bladzijde 62 regel 9: “Naast de standaardafmetingen bevatten de meeste normen voor bouwmaterialen ook bepalingen met betrekking tot de kwaliteitsnormalisatie”. 


Daar heb ik weinig aan toe te voegen. 

-----

(1) Voor wie deze techniek van raderen niet kent: wegschrapen met een scheermesje, schoonvegen met een veer.


PS. Mijn boeken staan nog wat door elkaar. Dit waren de eerste tien boeken die ik oversloeg om bij het opgegeven elfde boek uit te komen: 

  • concept-Structuurmodel Houten, ‘Waar de huizen glimlachen’, 10-11-1995, gemeente Houten

  • Streekplan Provincie Utrecht, 01-07-1994

  • Een winkelhart van buurt tot binnenstad, Detailhandelsnota Gemeente Utrecht, januari 1988

  • Gemeentewijzer, 1989, boek bij de gelijknamige Teleac-cursus

  • Stadsplannen, een beschrijving van planvormen, ruimtelijk beleid en rechtszekerheid, oktober 1993, gemeente Utrecht

  • Masterplan Leidsche Rijn, Projectbureau Leidsche Rijn, 1995, in opdracht van de gemeenten Utrecht en Vleuten-De Meern door BVR, Riek Bakker

  • Grondwet en Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, 7e druk, 1972 (gekocht 1982)

  • Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden, tekst en toelichting, 3e druk, 1991

  • Onze Grondwet, De rechtsstaat en de grondrechten verklaard voor nieuwe Nederlandse burgers, VNG, 2003

  • De Dagvaarding, het proces tegen de staat inzake de plaatsing van kruisraketten, 1985