maandag 30 november 2020

Waar ligt Scherpenzeel


Als het aan de provincie Gelderland ligt wordt de gemeente Scherpenzeel binnenkort opgeslokt door Barneveld, maar het kleine Gelderse dorp houdt tot nu toe moedig stand. Elsevier Weekblad doet verslag van de strijd, maar plaatst daarbij een foto van het Friese Scherpenzeel (gemeente Weststellingwerf). Familie van mij heeft in die contreien een boerderij en vanuit Barneveld, waar ik als kind woonde, kwamen wij daar wel.

Als het aan Elsevier ligt, is er dus binnenkort misschien een fusie te verwachten van de gemeenten Weststellingwerf (Wolvega) en Barneveld. Barnevelders die nu meteen al vast Fries willen gaan leren, moet ik even waarschuwen. In Scherpenzeel wordt niet overwegend Fries gesproken maar Stellingwerfs, een Nedersaksische streektaal. Of zoals 'wij Friezen' zeggen: Oertjongersk, Over de Tjonger, een riviertje dat vlak langs Scherpenzeel loopt. De Nederlandse naam van de Tjonger is Kuinder, een naam die je terugvindt in de Noordoostpolder.

De Provincie Gelderland vindt Scherpenzeel te zwak om zelfstandig door te gaan en zet het onwillige gemeentebestuur flink onder druk. Maar misschien hadden ze bij de provincie ook de verkeerde foto op hun bureau liggen.

(Foto gezien en afgebeeld door Jaco Hoeve, Twitter)

zondag 29 november 2020

Voor de puist weg


De meelfabriek bij station Barneveld-Centrum wil het laadperron voor de goederentreinen uitbreiden. Bij de provincie Gelderland ligt de aanvraag voor een omgevingsvergunning ter inzage. Het CDA en Lokaal Belang hebben, ieder voor zich, vragen gesteld aan het college van Burgemeester en Wethouders (1). We wilden die puist toch juist weg hebben? Lokaal Belang vindt het maar een lelijk ding, lees ik in de Barneveldse Krant en het is maar goed dat die krant er is, anders had ik niet geweten dat het ding lelijk is. De meelfabriek staat er al meer dan honderd jaar en het gebouw is - dat moet ik wel toegeven - er niet mooier op geworden sinds ik mijn Barneveldse jeugd achter mij heb gelaten. Ik was een kind en wist niet beter dan dat het nooit voorbij zou gaan. Het oorspronkelijke stenen pand zit weggedrukt tussen de uitbreiding en de fabriek is met wit metalen golfplaat omgeven. Oorspronkelijk had Barneveld drie meelfabrieken, bij de poorten van het dorp: de grote De Heus langs de Lunterseweg, de kleine De Heus langs de Amersfoortsestraat en bij het treinstation de coöperatie, in mijn tijd De Vallei, nu met de aan elkaar geplakte reeks fusienamen AgruniekRijnvallei. Als ik met de trein aankom en de Coöperatie zie, dan weet ik weer: 'ik ben er'. Wat je tegenwoordig noemt: een landmark. De Heuzen zijn gesloopt. Lokaal Belang is daar na bijna twintig jaar nog steeds enthousiast over en schrijft: "Een grote fabriek veranderde in een prachtige locatie om te wonen en te werken". Er staat op de plek van de grote De Heus nu inderdaad een prachtig appartementencomplex, maar de bedrijvigheid is verdwenen. 

Mijn punt is niet dat alles maar moet blijven zoals het is of dat er geen goede reden kan zijn om een bedrijf te verplaatsen. Als de fabriek op ontploffen of instorten staat of gevaarlijke stoffen verspreidt of gewoon stof, wat ook gevaarlijk is, dan kan er alle reden zijn om het te verplaatsen en daar ook het nodige geld voor neer te tellen. Mijn punt is wel... nee, twee punten. Ten eerste, denk goed na als je een bedrijf weg wilt hebben alleen maar omdat het een 'puist' is of omdat je vindt dat bedrijvigheid altijd onzichtbaar en verborgen moet zijn. Dat brengt mij op mijn tweede en belangrijkste punt. Maak van een levendig dorp geen slaapdorp en laat kinderen zien waar de grote mensen mee bezig zijn. Nou, dankzij corona gebeurt dat al: iedereen werkt thuis, maar alle papa's en mama's blijken hetzelfde werk te doen: de hele dag zitten ze te tikken achter de computer. Maar als ik iets van het leven in het dorp Barneveld geleerd heb, dan is het de bedrijvigheid. 

Aan de dorpszijde van het station (het prachtige oude station, dat zo nodeloos gesloopt is, maar laten we het daar maar niet over hebben) had je - ingeklemd in de driehoek tussen het spoor en de Kampstraat - de onvermijdelijke Van Gend & Loos en een grote houtzagerij, waar van die leuke treintjes over het terrein reden, die op een draaiende schijf van richting konden veranderen. Onvermijdelijk verdwenen. Over dit terrein is de vroegere Thorbeckelaan, nu Burgemeester Kuntzelaan, doorgetrokken. Op het station werd veel vracht en post overgeladen. Elke week gingen kisten vol kippen op de trein en het was geen ongewoon gezicht om mannen op klompen achter de ontsnapte kippen over het spoor te zien rennen om ze te vangen. 

Wij woonden aan de Nijkerkerweg (nu Schoutenstraat, nadat ik uit Barneveld vertrokken ben hebben ze snel alle straatnamen veranderd) tegenover garage Broekhuis. Daar zag ik de nieuwste dafjes uitgeladen worden en de eerste daffodil (pas jaren later kwam ik er achter dat dit het Engelse woord voor narcis is). Op een dag stapte de oude meneer Broekhuis onverwachts de straat over en duwde mij een doosje met een Dinky Toy DAF vrachtwagen in de handen. Alsjeblieft, die is voor jou. Een garagebedrijf met tankstation in een woonwijk, er is alle reden om dat niet meer te willen, maar waar het mij om gaat: ik hoefde als kind maar uit het raam te kijken en ik zag 'werk'. Ik zág wat de grote mensen aan het doen waren. Mijn vader had in die tijd een bouwbedrijf, kwam tussen de middag altijd thuis voor de warme maaltijd, de grote slaapkamer was kantoor, in de woonkamer konden we de telefoon aannemen en - heel modern - met een tuimelknop doorschakelen naar de slaapkamer. We bestelden drie kuub klapzand bij Vink (tegenwoordig regelmatig in het vizier van Zembla, want zand is niet altijd schoon). Naast Broekhuis aan de overkant woonde de familie Kap en daarnaast mijn vriendje Jaap Hazeleger. Meneer Hazeleger werkte buiten de deur, maar had ook een klompenhandel aan huis en een kippenhok en een immense groentetuin. Bedrijvigheid. 

Naast garage Broekhuis liep de Beekstraat, de weg naar school. Eerst (langs die enge hond, ik was niet bang voor honden, maar deze zat in een grote kooi naast het huis, sloeg altijd aan en sprong hoog op als je er langs liep) naar de kleuterschool aan de Kuyperstraat, een zijstraat halverwege de Beekstraat. Op de hoek een rijtje oude huisjes, elk met het bekende bordje 'Onbewoonbaar Verklaarde Woning'. Tussen de kleuterschool en de Barneveldse Beek was een stukje grasland met fruitbomen en als ik mij niet vergis, liep daar het peerd van Van de Weerd. Tegenover de kleuterschool een grote houtzagerij. Ja, met van die 'treintjes'! Bedrijvigheid. 

Na het afstuderen van de kleuterschool mocht ik de hele Beekstraat uitlopen. Langs de boomgaard aan de ene kant en de houtzagerij aan de andere kant en dan de meelhandel van Koudijs, die later naar Den Bosch verhuisde en toen nog de bronzen kip cadeau heeft gedaan die bij de ingang van het dorp staat, niet ver van het station. Langs de kruidenier, de fietsenmaker, de bakker - o, wat rook het daar altijd lekker, zo vlak naast de school - dan een café, waar ik eens stiekem naar binnen gluurde en toen de waardin achter mij aan kreeg, en dan onze School met de Bijbel. Toen ik even niet oplette, hebben ze die ook gesloopt zonder het mij te vragen.

Tegenover de school een meelhandel met een weegbrug, waar altijd vrachtwagens met meel gewogen werden (eerst natuurlijk zonder meel, want je moet eerst het ledig gewicht van de wagen weten voordat je kunt wegen met hoeveel meel de vrachtwagen er vandoor gaat), zichtbaar vanuit de voorste lokalen. Toen ik nóg wat ouder was en ook wel eens aan de school en het huis van de bovenmeester voorbij liep, zag ik een slager en een smederij, de smidse zichtbaar door de open deuren, later werd het een winkel. Bedrijvigheid. Aan de overkant Hotel de Roskam, inmiddels ook gesloopt. De Amersfoortsestraat, Schoutenstraat, Langstraat en Gasthuisstraat komen hier samen, aan de voet van de Schaffelaartoren. Aan de zijde van de Gasthuisstraat, met indertijd nauwelijks ruimte er langs voor het verkeer, stond een markthal, die later brandweergarage werd (waar ik in mijn tienerjaren nog eens zes avonden een brandweercursus heb gevolgd, waardoor ik gelukkig nog steeds het principe van de branddriehoek begrijp: brandstof + zuurstof + hoge temperatuur = brand, haal één van de drie hoeken weg en de brand kan niet verder). 

Direct achter onze school - met de rug tegen het schoolplein en gescheiden door een hoge stenen muur - zat transportbedrijf Van Amerongen, later verhuisd naar een industrieterrein, waarna de brandweer deze garage betrok. In de hoek van het schoolplein zat een wit houten hek, dat meestal op slot zat, maar als het eens open kon, leidde het via een smal pad naar het marktplein, met behalve de genoemde garage de Eierhal en de Pluimveehal, later omgebouwd tot sporthal en theater, de Veluwehal. Hier was op woensdag de pluimveemarkt (dan mocht je gerust een eitje snappen uit de kisten) en op donderdag de eiermarkt (dan moest je uiteraard van de handel afblijven). Met school gingen we collectief naar concours hippique Het Gouden Ei en als kinderen bezochten we ook ieder jaar de landbouwtentoonstelling Gallinova in de Pluimveehal, met meteen bij de ingang altijd een prachtig ingerichte tuin met een vijver en rond dartelende konijntjes en de mooiste raskippen. Elk jaar bestudeerde ik als kind ook de nieuwste eiersorteermachines van de Moba en we kwamen met tassenvol folders en vaklectuur thuis. Wat ik maar wil zeggen: alom en altijd bedrijvigheid om ons heen. 

Vanwaar deze ernstige aanval van nostalgia, die met wat gerichte therapie misschien nog wel in bedwang te houden is, al zou ik met gemak nog wel even door kunnen gaan. Maar daar gaat het mij nu niet om. Mijn punt is: stop niet alle bedrijvigheid bij voorbaat weg, het leven bestaat niet uit louter rijtjeshuizen en werken niet alleen uit typen (nou ja, voor mij wel eigenlijk). Mijn plotselinge aanval is uitgelokt door het gemak en enthousiasme waarmee het Barneveldse CDA en Lokaal Belang roepen: hoera, alle bedrijven weg uit het dorp. Als het weg moet, goed, dan moet het weg. Maar neem dan zo vaak als je kan je kinderen mee naar het werk, laat ze je constant voor de voeten lopen, niet alleen als je thuis zit te typen en toch al moeite hebt om de kat van het toetsenbord te houden, maar overal waar gewerkt wordt, ook met de handen en voeten in de modder. Maar goed, er komt natuurlijk een tijd dat we alleen nog maar virtueel leven en zelfs niet meer hoeven te typen en alleen de kinderen het nog snappen. 

(1) 23-11-20 Schriftelijke vragen * CDA * Lokaal Belang (PDF)

Foto fabriek: Pim van Tend (2013, licentie CC-BY-SA 3.0).
Foto school: via Facebook-pagina Barneveld Vroeger Of Later. 

vrijdag 27 november 2020

Toeslagenaffaire

Afgelopen week hield de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) de laatste openbare verhoren. De commissie komt op 17 december met het verslag. (1) 

In de uitzending van het politieke radioprogramma ‘Daar Hou Ik U Aan’ kwam vorige week zaterdagmorgen (21/11) de vraag aan de orde of de ‘toeslagenaffaire’ ook inwoners van Houten heeft getroffen. Presentator Paul van Ruitenbeek stelde de vraag aan het Houtens raadslid Wayne Wilson van Houten Anders, maar die moest het antwoord schuldig blijven. Het is niet bekend. Om na te gaan of en in hoeverre Houtense ouders getroffen zijn, heb ik namens Omroep Houten vragen gesteld aan de gemeenschappelijke sociale dienst Werk en Inkomen Lekstroom (WIL) en aan de gemeente Houten. WIL antwoordde maandagmorgen (23/11) meteen per omgaande, het antwoord van de gemeente laat nog op zich wachten.

Toeslagenaffaire geen thema bij de sociale dienst 

De woordvoerder van WIL liet weten dat binnen deze dienst niet is gesproken over de toeslagenaffaire en een eventuele gerichte aanpak. Slachtoffers die bij WIL aankloppen worden niet als zodanig geïdentificeerd en geregistreerd. Het is dus ook niet bekend hoeveel het zijn.

Vraag 1. Is binnen WIL bekend of en hoeveel gedupeerden zich voor hulp (bijstand, schuldhulpverlening of anderszins) hebben gemeld?
WIL: Nee. Dit is geen ‘waarde’ die wij op enige manier uitvragen of registreren.

Vraag 2. Is binnen WIL (bestuur, beleid, uitvoering) gesproken over de toeslagenaffaire en een eventuele speciale aanpak/benadering?
WIL: Nee.

Vraag 3. Vraagt het feit dat aanvragers mogelijk onterecht als fraudeurs geregistreerd staan een aparte aanpak van WIL (of de gemeente)?
WIL: Nee.

Het antwoord op de laatste vraag verrast mij enigszins, omdat het Rijk wel geld beschikbaar stelt voor hulp aan slachtoffers van de toeslagenaffaire en WIL de uitvoerder is van de bijstand en schuldhulpverlening en daarbij ook een taak heeft bij de aanpak van fraude.

Bij WIL is dus onbekend hoeveel inwoners van Houten in de problemen zijn gekomen doordat zij door de rijksoverheid ten onrechte als fraudeur zijn bestempeld, waardoor zij van gemeentelijke schuldhulpverlening zijn uitgesloten terwijl ze door de hoge terugbetalingen vaak dik in de schulden zijn geraakt.

Belastingdienst: Negen Houtense gedupeerden

Volgens een door de Belastingdienst verstrekte lijst (2) hadden tot 12 oktober van dit jaar 9 gedupeerden uit Houten zich gemeld bij de Belastingdienst (plus 4 uit Lopik, 11 uit IJsselstein en 25 uit Nieuwegein, in totaal dus 49 mensen in het werkgebied van WIL). Vanwege de privacy mag de Belastingdienst zelf geen namen doorgeven aan de sociale dienst. De Belastingdienst raadt gedeputeerden aan om zelf bij de gemeente aan te kloppen voor hulp. (3)

Gemeentelijk meldpunt en rijksmiddelen voor hulpverlening

Het blad Binnenlands Bestuur (4) bericht dat een aantal gemeenten inmiddels een speciaal meldpunt of mailadres toeslagenaffaire hebben geopend, waar gedupeerde ouders zich kunnen melden voor hulp en ondersteuning van de gemeente. Tussen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en staatssecretaris van Van Huffelen van Financiën is afgesproken dat gemeenten gedupeerden op diverse terreinen gaan helpen. Te denken valt aan hulp bij schulden, huisvestingsproblemen, opvoeding, werk en werkloosheid. Gemeenten hebben daarvoor alvast 11 miljoen euro gekregen. Een onafhankelijk bureau gaat de komende maanden onderzoeken welk bedrag nodig is om alle gedupeerden breed te ondersteunen.

Ook Slachtofferhulp is ingeschakeld (5).

Predicaat Opzet Grove Schuld ook bij geringe vorderingen

Net na het sluiten van de openbare verhoren maakte staatssecretaris Van Huffelen vandaag (27/11) bekend (6, 7) dat bij het nog lopende interne onderzoek op het ministerie van Financiën een nota is opgedoken waaruit blijkt dat ook mensen die minder dan 1500 euro terug moesten betalen het predicaat OGS (Opzet / Grove Schuld) konden krijgen, waardoor zij niet meer in aanmerking kwamen voor schuldhulpverlening of een betalingsregeling. Of en hoe vaak dit inderdaad is gebeurd, moet nog blijken. 

Na antwoord van de gemeente Houten op onze vragen zal ik de berichtgeving aanvullen. 

Bronnen

(1) Openbare verhoren kinderopvangtoeslag afgesloten
(website van de commissie met link naar alle informatie)

(2) Toeslagenaffaire: Lijst per gemeente (PDF 8p)

(3) Belastingdienst: Hulp van de gemeente

(4) Binnenlands Bestuur: Gemeenten openen meldpunten toeslagenaffaire

(5) Slachtofferhulp:

(5a) Slachtofferhulp (nieuwsbericht)

(5b) Slachtofferhulp (meer informatie)

(6) NOS 27-11-20: Nieuw kindertoeslagmemo duikt op: ook 'fraudeur' met schuld lager dan 1500 euro 

(7) Video met uitleg van staatsecretaris Alexandra van Huffelen 27-11-20
Luister naar:
Omroep Houten
Daar Hou Ik U Aan
Elke zaterdag 11 tot 12 uur
HoutenFM: 107.3 FM

donderdag 12 november 2020

Eénvrouwsfractie Aanen

Het Houtense raadslid Marian Aanen heeft zich deze week afgescheiden van de CDA-fractie, omdat zij het niet eens is met het standpunt van de fractie over de Ruimtelijke Koers. In deze toekomstvisie staan plannen voor de bouw van nog eens zo'n 5000 woningen, na het voltooien van de 'Vinex-opgave'. Als de plannen doorgaan, komen er in het centrum rond 't Rond en de aangrenzende kantoorzone de Molenzoom meer appartementen en ook het huidige bedrijventerrein Doornkade langs de A27 wordt omgebouwd tot woonwijk met een stedelijk karakter. Vanuit de bevolking zijn er veel bezwaren tegen de 'hoogbouw' en de aantasting van het 'Houtens DNA', er zijn zo'n 400 bezwaren ingediend en er is een referendum over dit onderwerp aangevraagd. Het CDA is een coalitiepartij en steunt dus in beginsel de koers van het College, maar Marian Aanen is het daar niet mee eens. Volgens de berichtgeving zou zij wel ruimte hebben gekregen voor een afwijkend standpunt, maar waren de verschillen kennelijk niet te overbruggen en zag zij geen ruimte meer binnen de fractie van het CDA. Met het vertrek is het CDA niet meer de grootste partij in de gemeenteraad. Marian Aanen gaat verder als 'eenmansfractie'. 

Zie verder de berichtgeving in het AD en Houtens Nieuws van 11/11/2020. 

Op de website van het CDA stond tot gisteren een mooi portret van de nieuwe fractievoorzitter van de fractie Aanen, maar vandaag geeft dit webadres een adquate samenvatting van de politieke situatie: "Oeps, er is iets misgegaan". 

Voor zover ik weet, heeft de nieuwe eenvrouwsfractie nog geen website, haar bedrijf 50plusrecht heeft dat wel en daar staan ook haar contactgegevens. Om te weten wie zij is en als 'naslag', parkeer ik het portret dat op de CDA-site stond hieronder in mijn weblog. Let op, dit zijn háár woorden en die van haar 'ex', het CDA. 

Portret Marian Aanen, fractie Aanen, Houten

"Vanaf 1980 woon ik in Houten(-Noord). Ik heb Houten daarom “groot” zien worden: van 8.000 inwoners naar bijna 50.000.

Het is goed wonen in Houten. Veel groen, veel fietspaden, een goede treinverbinding. Alle soorten winkels, een theater, een bioscoop, veel verenigingen, levendige kerken, een mooi buitengebied. En: een dorpse sfeer. Dat maakt dat ik mij er als boerendochter, geboren en getogen in de Alblasserwaard, thuis voel. Ik ben me een échte Houtenaar gaan voelen en ben trots op dit dorp.

Dat is ook de reden dat ik me kandidaat heb gesteld voor de raad. In de politiek ben ik altijd geïnteresseerd geweest. Ik ben al lang lid van het CDA. Dat is mij met de paplepel ingegoten. Mijn vader was voorzitter van de lokale afdeling (eerst ARP).

Wat mij aan het CDA aantrekt is dat het een echte volkspartij is en geen partij van rangen en standen of van extremen. Met als gemeenschappelijke basis de C, dus met het Christelijk geloof als leidraad. Daarnaast sta ik vol overtuiging achter de vier basisuitgangspunten van het CDA:

a. Rentmeesterschap. Het is niet alleen maar “hier en nu”.

b. Solidariteit: betrokkenheid tussen generaties en arm en rijk.

c. Gespreide verantwoordelijkheid: het maatschappelijk middenveld en maatschappelijke initiatieven zijn de kurk waar de samenleving op drijft.

d. Publieke gerechtigheid: wij staan pal voor de rechtsstaat en streven naar een rechtvaardige samenleving.

Van mijn ouders heb ik mee gekregen dat je verantwoordelijkheid niet uit de weg moet gaan. Mijn vader nam die vooral buitenshuis met allerlei bestuursfuncties. Hij was een echte verbinder. Mijn moeder nam haar verantwoordelijkheid door het grootste deel van de opvoeding van haar kinderen op zich te nemen en te zorgen voor degenen die dat nodig hadden. Zo zorgde zij voor haar schoonouders toen die ernstig ziek werden en voor haar eigen moeder. Zij nam die in huis en niets was haar te veel. Van haar weet ik wat mantelzorg in de praktijk betekent. Mede daarom was het voor mij geen issue toen mijn moeder ook zelf mantelzorg nodig had. Die mantelzorger werd ik. Uit ervaring weet ik daarom dat je dan heel weinig ruimte hebt voor wat anders. Daarom heb ik een aantal bestuursfuncties (voetbalclub, KNVB, kerk) laten vallen en ben ik een dag minder gaan werken. Dat geeft ook het besef dat je je “alleen” kunt gaan voelen omdat je niet overal tijd voor hebt. Toch weegt dat laatste niet op tegen de voldoening die het zijn van mantelzorger geeft en wat je ervoor terugkrijgt.

Omdat mijn moeder inmiddels in een verzorgingshuis zit en goede zorg heeft, ben ik vrijer en is mijn zorg voor haar anders. Ik heb daarom een “nieuwe” start kunnen maken en ben een eigen bedrijf begonnen in de juridische dienstverlening. Daarnaast heb ik weer ruimte voor vrijwilligerswerk en bestuurswerk.

De politiek heeft mij dus altijd getrokken en nu vind ik er de tijd rijp voor om daarin ook echt actief te zijn.

Wat kunt u van mij verwachten? Geen geschreeuw of theater! Daarvoor zijn de onderwerpen waarom het in de politiek moet gaan te serieus. Wat mij betreft moet er meer dialoog zijn, zeker ook in de gemeentepolitiek. Met z’n allen moeten we de gemeente mooi en leefbaar houden en dat doen we niet door elkaar in de haren te vliegen of elkaar vliegen af te vangen. Als de coalitie een goed voorstel heeft zou de oppositie dat moeten steunen en andersom geldt dat ook voor de coalitie als de oppositie met een goed initiatief komt. Je moet dus niet bij voorbaat alles dicht timmeren. Dat is frustrerend en gaat ten koste van de geloofwaardigheid. Bovendien weet je niet alles van tevoren. Niet alles kan in een verkiezingsprogramma staan. Juist daarom zijn de kernwaarden van het CDA voor mij zo belangrijk.

Politici moeten leiderschap durven tonen en niet iedereen naar de mond praten. Je moet ook je eigen achterban durven trotseren. Je handelt in het algemeen belang en je zit er niet om alleen om de belangen van jouw eigen fans te behartigen.

Het is wat mij betreft ook de kunst om te luisteren naar de mensen die je niet hoort. Dat is nog altijd de overgrote meerderheid. Dus niet alleen luisteren naar de schreeuwerds, maar ook uitzoeken wat de zwijgende meerderheid vindt, opkomen voor degenen die het nodig hebben en lokale ondernemers steunen.

De leefbaarheid van Houten staat voor mij voor op. “De samenleving maak je samen” is mijn motto. We moeten elkaar zien en op elkaar letten. Samen met elkaar in de wijken en in de kernen. Wat verbindt moeten we koesteren."

donderdag 29 oktober 2020

Automatisch schrijven

Vandaag ontving ik een persbericht van Uitgeverij Wanningen. Ik kende die uitgeverij nog niet. Het heeft zo te zien wel een interessant 'fonds'. Zo heet dat toch? De uitgever komt met een boek over het leven van Jezus. Het persbericht legt uit hoe het boek tot stand is gekomen. "De inhoud van het boek is door een medium (B. Wanningen) ontvangen door een automatisch schrijven en helderhorend mediumschap". Dit vraagt enige uitleg: "Het automatisch schrijven komt kort gezegd tot stand doordat de arm en de hand van het medium met een enorme kracht verbazingwekkend wordt bewogen, waarbij het handschrift sterk verschilt van zijn eigen handschrift." Menig uitgeverij zou jaloers zijn op zo'n correctie-afdeling: "Ook bepaalde foutieve teksten uit het evangelie worden hersteld." De kwaliteit van het boek is boven alle twijfel verheven: "Het gaat hier dus om de absolute objectieve waarheid", aldus het persbericht.

Aardse auteurs als Mattheus, Marcus, Lucas en Johannes hoeven denk ik bij deze uitgeverij niet aan te kloppen met hun manuscripten. Ze maken weinig kans. 

dinsdag 27 oktober 2020

Lockdownmenu

Woensdag (28/10) komen in Duitsland de minister-presidenten van de deelstaten bij elkaar met bondskanselier Angela Merkel om nieuwe coronamaatregelen te bespreken. Daags tevoren geeft de krant die Welt alvast een overzicht van de verschillende vormen van 'lockdown' die overwogen worden.

(1) Lockdown Light
In deze vorm van lockdown, die volgens Bild morgen waarschijnlijk voorgesteld gaat worden door Angela Merkel zelf, gaan de cafés en restaurants dicht en worden evenementen afgezegd. Scholen en kinderdagverblijven blijven open, met uitzondering van in de zwaarst getroffen gebieden.

(2) Strobl-Lockdown
Deze vorm is voorgesteld door plaatsvervangend CDU-voorzitter Thomas Strobl. In dat geval gaan ook de scholen, kinderdagverblijven en winkels dicht en komen er grenscontroles.

(3) Wellenbrecher-Lockdown (golfbreker)
Dit is een korte maar krachtige lockdown, voorgesteld door de SPD-politicus Karl Lauterbach. Hij stelt voor om voor een korte tijd restaurants, fitnessclubs, sportverenigingen en dergelijke te sluiten om door een sterke beperking van alle sociale contacten de golf van coronabesmettingen te breken. 

(4) Plan C
Tenslotte is er Plan C: alle burgers zouden zeven dagen per maand vrijwillig in lockdown moeten gaan en hun contacten drastisch beperken. In de drie weken daarna is dan met het dragen van maskers en afstand houden een redelijk vrij leven mogelijk. Na drie weken volgt de volgende lockdownweek. Dit concept komt van een groep rond crisis- en communicatie-adviseur Marcus Ewals uit Mainz. Artsen en ondernemers uit het hele land ondersteunen zijn oproep om de week van 8 tot 14 november vrijwillig in lockdown te gaan.  

Lees het hele artikel in die Welt 27.10.20 Sebastian Beug: 
Lockdown Light, Wellenbrechter, Plan C - Das sind die Ideen für die nächsten Beschränkungen

woensdag 21 oktober 2020

Geen onderbezetting meer bij bijstandscontrole

HOUTEN - Voor het politieke radioprogramma Daar Hou Ik U Aan van Omroep Houten volg ik het nieuws over Werk en Inkomen Lekstroom (WIL), de gemeenschappelijke sociale dienst van de gemeenten Houten, Nieuwegein, Lopik en IJsselstein. 

In februari 2020 liet een woordvoerder van WIL weten dat het team Handhaving van de dienst niet genoeg mensen heeft om fraudeonderzoek te doen op basis van risicoanalyses van Totta Data Lab in Amsterdam. Dit bedrijf berekende op basis van de door WIL aangeleverde gegevens van bijstandsgerechtigden bij welke cliënten het risico op fraude het grootst was. Naar de cliënten met de hoogste scores kon WIL dan een fraude-onderzoek starten. Maar door gebrek aan menskracht bleven vanaf het voorjaar 2019 deze onderzoeken op de plank liggen. Daarom heeft WIL het contract met Totta Data Lab met ingang van 2020 beëindigd. 

Een bestuurslid van WIL liet in februari weten dat de sociale dienst bezig is met een "herijking van het handhavingbeleid". 

In augustus 2020 heb ik navraag gedaan bij WIL naar de werking van de gebruikte risico-indicatoren en welke persoonsgegevens hiervoor zijn gebruikt. WIL liet mij in september weten meer tijd nodig te hebben om deze vraag te beantwoorden. "De door u gevraagde persoonsgegevens zouden wij u zo kunnen verstrekken. Deze zitten opgeslagen in een Excelbestand. Maar daarmee heeft u nog niet de begrijpelijke uitleg. Voor het geven van die uitleg hebben wij meer tijd nodig. Dat is niet in een paar zinnen te duiden." 
Deze informatie wordt uiterlijk half november verstrekt en wacht ik geduldig af. 

Op verzoek van de omroepredactie ben ik ook aan het uitzoeken hoe het inmiddels staat met de door WIL gemelde onderbezetting van het team Handhaving en de herijking van het handhavingsbeleid. 

David Jimmink, die namens de gemeente Houten in het algemeen bestuur zit van Werk en Inkomen Lekstroom, laat ons weten: "Het handhavingsbeleid is op dit moment onderwerp van discussie binnen WIL. Binnenkort worden er met de gemeenteraden van de vier verschillende gemeenten gesprekken gevoerd over hoe WIL er uit moet zien na 2021 en met name hoeveel dat mag kosten. Enkele van de WIL-gemeenten staat het financiële water tot aan de lippen. Er komen in 2021 ook nog eens verplichte taken bij vanuit het Rijk, dus deze discussie is uiterst complex. Handhaving is dan een van de eerste dingen die als taak wordt geminimaliseerd, zowel handhaving als generieke controle op alle dossiers als handhaving na een signaal of tip. Hoe dit gaat lopen is nog werk in uitvoering, maar voor de begroting van 2021 moet dit wel rond zijn."

Woordvoerder Marjolein van Veenendaal van WIL laat in antwoord op onze vragen weten: 

"De personele bezetting van het team Handhaving is in 2020 op orde. Er is geen sprake van onderbezetting meer. WIL heeft de voor 2020 voorgenomen werkzaamheden op het gebied van handhaving tot nu toe kunnen uitvoeren". 

Volgens de woordvoerder is er geen sprake van een bezuiniging of herijking van het beleid, zoals eerder gesuggereerd: 

"Net als voor 2020 maakt het bestuur van WIL ook voor 2021 keuzes met betrekking tot de prioriteiten op het gebied van handhaving. Hierbij gaat het niet om een bezuiniging of herijking van het beleid, maar om weloverwogen keuzes over hoe de beschikbare middelen het beste in te zetten."

Zo is een belangrijke keuze bij de handhaving de vraag of het zwaartepunt moet liggen 'aan de voorkant', bij de intake van nieuwe klanten, of 'aan de achterkant', in de vorm van controles onder bestaande klanten. Voor 2020 was de keuze meer 'aan de voorkant’ en wanneer daar aanleiding voor is 'gericht onderzoek aan de achterkant'. Deze keuze is met de gemeenteraden gedeeld en door de raden in hun zienswijzen als goed bestempeld, aldus de woordvoerder.  

De voorgenomen keuzes voor 2021 zullen naar verwachting begin december 2020 bekend zijn en aan de vier gemeenteraden worden voorgelegd. De woordvoerder vindt het "niet onwaarschijnlijk" dat de prioritering dan weer hetzelfde zal zijn als in 2020. 

(wordt vervolgd)

Zie voor meer informatie over WIL, Totta en SyRi het dossier Algo: go.stylo.nl/algo

Mijn eerdere blogs over dit ondewerp: 
12-02-20 Gegevensbeschermingseffectbeoordeling 
07-02-20 Persoonlijke levenssfeer 

Omroep Houten
Daar Hou Ik U Aan
Elke zaterdag 11 tot 12 uur
HoutenFM: 107.3 FM
Web: omroephouten.nl

donderdag 15 oktober 2020

Journalisten bedreigd

Medewerkers op de wagens van de NOS hebben de laatste tijd steeds vaker last van intimidatie en bedreigingen. Hoofdredacteur Macel Gelauff: "Opgestoken middelvingers, scheldpartijen, en op de snelweg gaan mensen vlak voor de wagens vol op hun rem staan." Na oplopende spanning en maandenlange discussie op de redactie is nu besloten om het logo van de wagens te halen. "Eerst werden de intimidaties nog afgedaan als incidenten, maar het gebeurt nu structureel", zegt Gelauff. "Er is een grens bereikt."

Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) Pieter-Jaap Aalbersberg bevestigt in zijn laatste dreigingsrapport dat journalisten doelwit zijn van intimidatie. Aalbersberg maakt zich daarom zorgen: "Een democratische samenleving heeft vertrouwen in de overheid nodig, vertrouwen in politici, maar ook vertrouwen in de journalistiek." Aalbersberg moedigt journalisten aan om vooral ook aangifte te doen bij bedreiging, om zo een norm te stellen: "Veel mensen denk vaak 'het hoort er een beetje bij'. Maar dat is niet zo. Bedreigingen horen er niet bij."

Bekijk de reportages hieronder (1) over de NOS; (2) Pieter-Jaap Aalbersberg (NCTV) aan het woord.

dinsdag 13 oktober 2020

Buitenkunst

Begin oktober heeft het college van B&W van de gemeente Houten een notitie over kunst naar de gemeenteraad gestuurd met de titel Notitie beleid, beheer en onderhoud kunstwerken in de openbare ruimte van de gemeente Houten (2020-2025) (1). De ondertitel luidt De Houtense ruimte verrast! Deze verrassende titel komt voort uit de Cultuurvisie Houten 2017 en de nota Perspectief op 2025 (zie p4 §2.1 van de Notitie). 

Het meest verrassende van de notitie is dat de gemeente Houten zelf tot de conclusie komt dat de kunst in de openbare ruimte de afgelopen jaren weinig prioriteit heeft gehad, waardoor een besluit (2) uit 2013 zeven jaar lang is blijven liggen. In dat jaar had de gemeente een bedrag van € 58.018 klaargezet voor beheer en groot onderhoud van kunst in de openbare ruimte. Maar daar is in de zeven vette jaren niets mee gedaan. Het bedrag wordt nu aangevuld met € 17.000 voor klein onderhoud en vrijgegeven om vanaf dit jaar daadwerkelijk aan de slag te gaan met het beheer en onderhoud (p10 §5). 

Zie de kunst als een museale collectie met een collectiemanager

In 2012 was de gemeente Houten een project gestart om na te gaan hoe het beheer van de kunst in de openbare ruimte beter en structureler kon worden aangepakt. De gemeente zette met deze vraag Michelle Boon aan het werk, als afstudeerproject voor de opleiding Cultureel Erfgoed van de Reinwardt Academie, de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten (3). In oktober 2013 kwam zij met een lijvige eindscriptie van 176 pagina's (4). Zij adviseert daarin om het openbare kunstbezit van de gemeente op te vatten als een museale collectie en een collectiemanager aan te stellen. Daarvoor zouden zowel vanuit openbare werken als welzijn formatie-uren moeten worden overgeheveld. De collectiemanager registreert en beheert de kunst en stelt onderhoudsplannen op, legt contact met experts en kunstenaars, maar ook met de groenwerker die moet weten hoe hij met een kunstwerk om moet gaan of buurtbewoners die een kunstwerk willen adopteren. 

Het boekwerk van Michelle Boon bevat veel foto's en beschrijvingen van de op dat moment aanwezige kunst in de buitenruimte van Houten. Zij geeft aan dat het onderhoudsniveau van een aantal objecten te wensen overlaat. Ze maakt zich vooral zorgen om het pixelkunstwerk in het weiland op de hoek van de Rondweg en de Schalkwijkseweg, een uitkijktoren met tekst, die door vandalisme en zwakke constructie heel fragiel is (5).

Weg met de ufo

In maart 2019 stelt SGP-fractievoorzitter Wouter van den Berg de 'ufo-landingsplaats' (6) weer eens ter discussie. Dit kunstwerk bij de entree van Houten vanaf de A27 is slecht onderhouden en deels onttakeld. Kan het niet vervangen worden door een meer Houtens kunstwerk, vraagt hij zich hardop af in verschillende media. In de uitzending van 16 maart 2019 (7) nodigt Omroep Houten naast Wouter van den Berg ook de maker van het kunstwerk uit, Martin Riebeek. Deze wijst er op dat het kunstwerk nationaal en internationeel nogal wat aandacht kreeg, tot in China en Mexico aan toe. Het is de bedoeling dat als het druk is op de A27 de verkeerstoren wit licht geeft en als het rustig is groen of blauw licht, maar dat is uitgeschakeld. De gedachte achter het kunstwerk is dat Houten centraal gelegen is aan een knooppunt van wegen, spoorwegen en vaarwegen, als een centraal ontmoetingspunt. "Het enige wat nog ontbrak is een landingsbaan voor buitenlandse culturen", aldus de kunstenaar. Het idee is dat  hier in Houten "een ultieme ontmoeting" kan plaatsvinden. Het gaat om kijken naar de toekomst, hoop en verwachting. Toenmalige wethouder H. Lenstra (CDA) zei indertijd (1993): "Voor sommigen ligt die hoop buiten de aarde, voor mijzelf verwijst die letter 'U' naar iemand die ooit over het water liep". Volgens de kunstenaar hoort dit kunstwerk specifiek op deze plek en verkreeg Houten het kunstwerk "voor een prikkie", omdat de Juniorkamer Kromme Rijn, het Mondriaanfonds en verschillende bedrijven hebben bijgedragen. 

Heeft Houten een kunstbeleid? 

Naar aanleiding van deze discussie vroeg de redactie van Omroep Houten zich af hoe het kunstbeleid in Houten is geregeld en stootte daarbij op het rapport van Michelle Boon uit 2013. Zij deed haar onderzoek in opdracht van en in nauw overleg met de gemeente en de verwachting was dat de gemeente de adviezen had overgenomen. Zo is ook te lezen in het rapport zelf. Er zou dus inmiddels een collectiemanager zijn aangesteld. De redactie zocht daarom contact met de collectiemanager van de gemeente, waar vervolgens in het hele gemeentehuis naarstig naar werd gezocht, maar deze functie bleek niet te bestaan. De omroep ontdekte dat er met de adviezen en besluiten uit 2013 helemaal niets was gedaan. 

Kunstkaarten van Kunst om de Hoek

Maar daar waar de gemeente het liet afweten, waren intussen wel de Houtense kunstenaars zelf aan de slag gegaan, verenigd in de stichting Kunst om de Hoek. Deze club is in 1995 opgericht als platform voor beeldende kunstenaars die wonen of werken in Houten, Schalkwijk, Tull en 't Waal en 't Goy met als doel het bevorderen van kunst en cultuur in Houten in de breedste zin van het woord. Een werkgroep van deze stichting heeft geprobeerd om van alle kunstwerken de ontstaansgeschiedenis en achtergrond te beschrijven. Er zijn drie interactieve kaarten (8) gemaakt: Houten Noord, Houten Zuid en een kaart van het buitengebied met de kernen Schalkwijk, 't Goy en Tull en 't Waal. Door op de kaart te klikken, verschijnen dia's van de kunstwerken met meer informatie. Aan deze kaarten hebben veel kunstenaars en andere inwoners van de gemeente Houten meegewerkt.

Wat staat er in de kunstnotitie? 

Nu is er dan toch die kunstnotitie. Volgens de gemeente heeft het onderhoud van de inmiddels circa 76 kunstobjecten in de buitenruimte, ondanks de lage prioriteit, de laatste jaren wel gewoon plaatsgevonden, maar is het herstellen of vervangen van beschadigde of gestolen kunstwerken blijven liggen. De notitie (p6 §3.1) geeft een categorie-indeling en criteria om te bepalen welke kunstwerken tot de kerncollectie behoren en welke minder belangrijk zijn, verplaatst kunnen worden of misschien zelfs afgestoten. De criteria zijn ook van belang bij het aankoopbeleid. Houten heeft de ambitie om met een consistent beleid en heldere visie een kwalitatief hoogstaand aanbod aan kunstwerken in de openbare ruimte te hebben. "Wil de gemeente zich profileren op dit gebied, dan vraagt dit om een duidelijke lijn die gedurende langere tijd wordt voortgezet". (p5 §2.4)

Het kunst- en cultuurbeleid valt onder de afdeling Samenleving. Het beheer en onderhoud van de kunst in de openbare ruimte is een taak van de afdeling Voorbereiding en Ontwikkeling Beheer (VOB), die een lijst bijhoudt van alle kunstwerken en voor elk kunstwerk zo compleet mogelijk de gegevens verzamelt (p8 §4). Een onderdeel van het beheer is ook de ontsluiting voor het publiek (p8 §4.3). In 2017/2018 zijn alle informatieborden bij de kunstwerken geactualiseerd en vervangen. De notitie verwijst verder naar de eerder genoemde kunstkaarten van de Kunst om de Hoek (8), naar de VVV voor routes en folders en suggereert verder podcasts en virtuele rondleidingen met behulp van Google Maps. De kunst in de openbare ruimte van Houten zou ook een onderdeel moeten worden van de cultuureducatie op de scholen. 

Het college van B&W kiest niet voor een permanente kunstadviescommissie, maar de mogelijkheid om waar nodig per project een adhoc kunstadviescommissie samen te stellen, die per geval verschillende taken kan krijgen, zoals het kiezen van een ontwerp of het adviseren bij bewonersinitiatieven. Het advies is zwaarwegend maar het college mag er wel van afwijken (p9 §4.6). 

Op de laatste pagina (p10 §4.7) komt ineens een "ik" aan het woord, die eerder niet voorkomt, het is dus niet helemaal duidelijk wie "ik" is: "Mede gelet op het zoeken naar mogelijkheden om vandalisme tegen te gaan, stel ik voor dat we op zoek gaan naar zogenoemde 'kunstvrienden'. Het idee is dat de kunstvrienden 'hun' kunstwerk in de gaten houden en schoonmaken als dat nodig is."

Eerste reactie

De kunstnotitie heb ik (Ytzen Lont, de schrijver van dit blog) voorgelegd aan kunstkenner Michelle Boon voor een eerste reactie. Eerder liet zij weten: "Na mijn vertrek heb ik geprobeerd contact te leggen met de gemeente om te vragen welke dingen nu zijn doorgevoerd, maar daar heb ik geen antwoord op gehad, dus ik weet niet of er inhoudelijk dingen zijn veranderd." Ze ziet - los van Houten - een algemene trend bij gemeenten dat kunstbeheer vaak een post is die 'weggegeven' wordt aan iemand zonder specifieke kennis van kunst, want "het is maar kunst, dus zo moeilijk is het niet". Dat is vaak een onderliggende oorzaak van gebrekkig collectiebeheer. 

Vindt ze iets van de eerdere adviezen en plannen terug in de notitie? Over de collectiemanager: "Ik zie wel dat er ergens een expert wordt genoemd, maar dat is misschien op freelancebasis en niet structureel. Verder maak ik mij zorgen over de grote focus op een afstootbeleid (wat doet vermoeden dat vooral wordt gekeken naar de kosten van het onderhoud), de weinige onderlinge verbinding van de collectie-items met elkaar en het missen van momenten van burgerinspraak."

Bronnen: 

(1) Notitie beleid, beheer en onderhoud kunstwerken in de openbare ruimte van de gemeente Houten (2020-2025)De Houtense ruimte verrast! 
Zie hier de raadsinformatiebrief 'Kunst in de openbare ruimte' en de notitie. 

(2) "Op 5 februari 2013 heeft het toenmalige college van burgemeester en wethouders een besluit genomen over beleid, beheer en onderhoud van kunst[werken] in de openbare ruimte, te weten: 1. Taken op het gebied van groot onderhoud van kunstwerken in de openbare ruimte worden formeel ondergebracht bij de afdeling Voorbereiding en ontwikkeling Beheer [VOB]. 2. Er komt een budget beschikbaar voor het dagelijks onderhoud van de kunstwerken in het openbaar gebied en een apart budget voor het groot onderhoud. 3. Er wordt een beheerinstrumentarium uitgewerkt, zodat er meer grip op de budgetten ontstaat. 4. Afhankelijk van een evaluatie de bestaande bestemmingsreserve kunstobjecten in te zetten voor de driejaarlijkse aanschaf van een nieuw kunstwerk en of voor het onderhoud van de kunstwerken als uit de evaluatie blijkt dat dat nodig is."

(3) Reinwardt Academie, Michelle Boon

(4) Buitenkunstig. Het gemeentelijk beleid van het beheer & behoud van kunst in de openbare ruimte. Michelle Boon, Reinwardt Academie, oktober 2013. (PDF 176p)

(5) Buitenkunstig, p13-14 §1.5 Conditie

(6) Wikipedia: Landingsbaan voor Buitenaardse Culturen

(7) De uitzending van het radioprogramma Daar Hou Ik U Aan van Omroep Houten op 16 maart 2019 met Wouter van den Berg (fractievoorzitter SGP) en kunstenaar Martin Riebeek is hier terug te luisteren. 

(8) Kunst om de Hoek: Kunstkaart-Houten

Meer lezen: 

AD 31-10-20: Houten is een schatkamer vol kunstwerken, en met de kaarten van Ger kun je er allemaal langs wandelen



maandag 12 oktober 2020

Valuable inheritance

From my younger brother Johan, who passed away ten years ago, I didn't only inherit material things but also some valuable online contacts. Like me, Johan had an interesting social life online. Actually, I got to know my own brother much better through the online media. His comments on daily life, when he was on his own, his way of thinking, his wit. His way of looking at things, and his endless patience to really watch, I learned from his YouTube videos. I won't argue with people who say there's nothing better than face to face contact, proper conversation or taking up activities together, but his online communication made me see other qualities in him, from a different angle, that wouldn't have come up in a direct conversation. (See links to his webpresence below this blog.) Luckily, also in real life, 'irl', we could get along pretty well. We really got close during his year of illness, when we spent much time together, and until he had to be hospitalized he lived with me for half a year. 

When he passed away we received many unexpected condolences from the online world. One or two days before the funural someone from Sacramento, California, sent a precious picture, that she had once received from him, and that we had never seen before, obviously a selfie that Johan had made in his room. We quickly made some copies and framed them to use at the funeral, and now this picture is standing in my living room, so I can see my brother every day, in his natural habitat. 

One contact that I 'inherited' from my brother is the Canadian singer, songwriter and ukelele player Kate Sloan. As far as I remember Johan once even 'set a score' for her, writing down the music for ukelele. I can't remember which song. (*) Since then - off and on - I follow Kate Sloan and her music on Twitter and YouTube. On social media she tells about her life, growing up with her brother Max, and about her music. I think she was still a teenager when Johan got to know her, but this is more than ten years ago now. According to her own website Kate is "20-something from Toronto, sex journalist by day, ukulele songstress by night, writes songs about love, sex, fictional characters, and occasionally jellyfish." See more: katesloan.com

(*) Searching at Kate's YouTube channel I found a few songs that Johan figured out the chords for her, for example Mother of Pearl of Nellie McKay, where Kate comments: "The incomparable Johan Lont figured out the chords & sent them to me."

Today I was especially moved when I heard Kate Sloan beautifully sing a new cover of Gilbert O'Sullivan's song 'Alone again (naturally)'. Her voice has grown and perfected. And then again, obviously I can't listen to her without thinking of my brother. Also, I had never really listened to the somber words of this song. They are like a psalm of David. I will certainly listen more often now. 

If no video shows up, click here

Alone again (naturally)
Gilbert O'Sullivan


In a little while from now,
If I'm not feeling any less sour
I promised myself to treat myself
And visit a nearby tower,
And climbing to the top,
Will throw myself off
In an effort to make it clear to who
Ever what it's like when your shattered
Left standing in the lurch, at a church
where people saying,
"My God that's tough, she stood him up!
No point in us remaining.
We may as well go home."
As I did on my own,
Alone again, naturally

To think that only yesterday,
I was cheerful, bright and gay,
Looking forward to, but who wouldn't do,
The role I was about to play
But as if to knock me down,
Reality came around
And without so much as a mere touch,
Cut me into little pieces
Leaving me to doubt,
Talk about God in His mercy
For if He really does exist
Why did He desert me
In my hour of need?
I truly am indeed,
Alone again, naturally

It seems to me that
There are more hearts
Broken in the world
That can't be mended
Left unattended
What do we do? What do we do?

Alone again, naturally

Now looking back over the years,
And what ever else that appears
I remember I cried when my father died
Never wishing to hide the tears
And at sixty-five years old,
My mother, God rest her soul,
Couldn't understand, why the only man
She had ever loved had been taken
Leaving her to start with a heart
So badly broken
Despite encouragement from me
No words were ever spoken
And when she passed away
I cried and cried all day
Alone again, naturally
Alone again, naturally

Webpresence Johan Lont: * Johan's weblog * Johan's blog * Twitter (Eng.) * Twitter (NL) *  Natuurfilmpjes * YouTube * Wikipedia *

zaterdag 10 oktober 2020

Tien tien

Op 10-10-1995, vandaag 25 jaar geleden, werden de tiencijferige telefoonnummers ingevoerd. Veel netnummer-gebieden werden samengevoegd. Tot die tijd hadden kleinere plaatsen meestal vijfcijferige netnummers. Zo heeft Houten, waar ik nu woon, het netnummer van Utrecht gekregen, dus 030. Daarvoor was het 03403, nadat het eerder ook al verschillende keren veranderd was (*). De lengte van het abonneenummer hing af van het aantal aansluitingen in een plaats. Als het aantal aansluitingen sterk groeide, kon het gebeuren dat iedereen een nieuw telefoonnummer kreeg, doordat er een cijfer voor gezet werd.

In 1995 vond er dus een grote omnummering plaats, van zowel netnummers als abonneenummers. Alle telefoonnummers in Nederland werden even lang, namelijk tien cijfers. Al vond de verandering technisch gezien ongemerkt achter de schermen en niet op één dag plaats, officieel traden de nieuwe telefoonnummers in één keer op één dag in werking. Er ging een maandenlange publiekscampagne aan vooraf, bedrijven moesten nieuw briefpapier laten maken, iedereen kon 'verhuisberichten' versturen met het nieuwe nummer en ook waren er omnummertabellen beschikbaar, zodat je uit het oude nummer het nieuwe nummer kon herleiden.

De slagzin van de publiekscampagne was "Wie tot tien kan bellen, kan de hele wereld bellen" en bewust werd gekozen voor de tiende van de tiende om het tiencijferige nummer van start te laten gaan.


Op de foto:
Het bord van het bouwbedrijf van mijn vader in de jaren '60, dat nu bij mij in de woonkamer hangt. Het eerste telefoonnummer is ons eigen nummer in Barneveld, het tweede nummer is het nummer van een bedrijfspartner in Voorthuizen. Na verloop van tijd groeide Voorthuizen (onder andere doordat mijn vader er veel huizen bouwde, haha) en werd abonneenummer 692 uitgebreid door er een 1 voor te plaatsen. Op dit bord is dat er indertijd met de hand bij geschreven.









donderdag 8 oktober 2020

Valse tegenstelling

Op de sociale media zie ik nogal wat #ophef over de snelheid waarmee ondernemers hun 'coronasubsidie' krijgen in tegenstelling tot de ouders die eindeloos moeten wachten op hun kinderopvangtoeslag. Het is een valse tegenstelling, die mij stoort. 

De Leidse professor Leo Lucassen is één van de velen, hij twittert: "Een schrijnend contrast tussen de snelheid waarmee het NOW-geld op de rekening van ondernemers stond en het eindeloze geduld dat slachtoffers van de toeslagenaffaire bij de belastingdienst moeten betrachten". 

Het is een valse tegenstelling en een verkeerd signaal op een verkeerd moment. 

In het Journaal was een ondernemer te horen die op dinsdag een aanvraag had ingediend voor ondersteuning, donderdag de bevesting kreeg en vrijdag het geld ontving. Het gaat om de NOW-regeling, de Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid. 

De tegenstelling tussen beide, de snelheid van de NOW en de traagheid van de kinderopvangtoeslag, is vals omdat er vóór de tegenstelling eerst een overeenkomst is: zowel bij de toeslagen als bij de NOW is de belastingdienst door de politiek gevraagd om direct uit te keren, een aanvraag vrijwel ongezien als 'voorlopig waar' aan te nemen en pas achteraf te controleren en te verrekenen. Ook de toeslagen waar nu zo'n gedoe over is, werden in eerste instantie vlot uitgekeerd. Net als bij de toeslagen kan bij de NOW de 'affaire' nog komen, als het op afrekenen en terugbetalen aankomt, vergissingen van fraude moeten worden onderscheiden en incassoprocedures worden gestart of gestaakt. 

Bij de kinderopvangtoeslag is dit gruwelijk misgegaan, door incompetentie, slechte aansturing, de braindrain bij de belastingdienst door een te riante vertrekregeling, verouderde ICT en zelfs kwade wil en onrechtmatig handelen van ambtenaren. De door de politiek gewenste cultuuromslag van 'snel helpen' naar 'streng controleren', van 'de overheid moet de zwakken ondersteunen' naar 'wie zijn hand ophoudt, zal wel geneigd zijn tot frauderen' heeft niet echt bijgedragen ten goede. Daardoor zijn de ten onrechte van fraude verdachte ouders in ten hemel schreiende toestanden terecht gekomen. Laten we hopen dat aan dit soort toestanden snel een einde komt en de menselijke maat weer gevonden wordt. 

Toen de 'toeslagen' een aantal jaren geleden werden uitgevonden, werd er hardop over gediscussieerd of je van een organisatie die op inning is gericht wel een uitkeringsinstantie kunt maken. Ook ken ik mensen - al láng voor de toeslagenaffaire - die doodsbang zijn voor toeslagen van welke aard dan ook en ze daarom niet aanvragen of zelfs weigeren - ook al hebben ze het geld hard nodig en er alle recht op - omdat ze de geldstroom niet kunnen overzien en vrezen aan het eind van de rit niet terug te kunnen betalen. 'Technisch' gezien is de vergelijking NOW en toeslagenaffaire dus vals, omdat het om verschillende fasen van een overeenkomstig proces gaat. 

De achterliggende gedachte van de kritiek is dat ondernemers zakkenvullers zijn (wat soms waar is) en de wegen en regelingen kennen die gewone mensen ontgaan (wat vaak waar is). Ondernemers kunnen boekhouders en adviseurs inhuren, krijgen de betaalde BTW terug (net als de toeslagen in eerste instantie ongecontroleerd en per omgaande), kunnen investeringen aftrekken, verliezen opvoeren en als ze internationaal werken winsten wegsluizen en dus hun belastingafdracht minimaliseren. Iedereen kan een poging wagen om te frauderen en ondernemers hebben daar meer mogelijkheden voor dan 'de gewone man'. Als je daar kritiek op hebt, ga je gang, maar doe het gericht, onderbouwd en intelligent.

De kritiek nú in deze vorm is een drogreden. De NOW-regeling is bedoeld om de gewone man en vrouw aan het werk te houden, terwijl de inkomsten kelderen doordat de klanten wegblijven, op last van de overheid, omdat ze bang of verstandig zijn, of beide, of omdat de klant zelf in een crisis terecht is gekomen. Veel van die klanten verdienen ook gewoon hun dagelijks brood met een baan die nu op de tocht staat. En weet je wat, ook die ondernemer blijkt een gewone man of vrouw te zijn, die bij de kassa van de supermarkt moet afrekenen voor de boodschappen. 

De coulante coronaregelingen zoals de NOW schijnen tot nu toe goed te werken, in elk geval om erger te voorkomen. Veel mensen raken hun baan kwijt maar de massale ontslagen hebben we als maatschappij nog enigszins voor ons uit kunnen schuiven, in de hoop dat we het coronavirus en de economische crisis zo veel mogelijk vóór kunnen blijven om straks met vereende krachten weer op te kunnen veren. 

Daar helpen valse tegenstellingen niet bij. 





dinsdag 6 oktober 2020

Achterdeur

 Op Twitter zag ik deze grappige foto. 

Zoals vaker raakt mijn hoofd dan meteen vol van associaties.

[1] De foto deed mij denken aan het grapje uit mijn jeugd met het briefje op de voordeur: "Uit angst voor dieven heb ik de sleutel onder de mat gelegd".

[2] Het aankondigen van de toegangscode, het in het zicht hangen van de sleutel of het simpelweg open laten van de deur helpt zeker tegen inbraak. Iets breken is dan niet nodig.

[3] Mijn vader deed vroeger vaak zijn auto niet op slot. Hij zei: een opengebroken slot kost mij meer dan alles wat uit de wagen gestolen kan worden. 

[4] Als kind ving ik op dat de verzekering niet uitkeert als er geen sporen van braak gevonden worden. Ik dacht: "Moesten de boeven dan kotsen?"

[5] Mijn moeder verbleef aan het eind van haar leven op een gesloten afdeling. Na acht jaar weet ik de deurcode nog. De code werd nooit veranderd en hoefde niet geheim gehouden te worden. Wie hem kon onthouden, mocht er uit.

[6] De foto herinnert mij er aan dat ik altijd nog eens een blogje wilde schrijven over mijn stelling "als de voordeur goed op slot zit, staat de achterdeur vaak open" ... ofwel hoe ik ooit (in 1977) tien bewakers van het hoofdkantoor van de Rabobank wist te omzeilen en via de kelder naar binnenging, hoe ik (in 1979) een manier wist om het in het weekend gesloten intergemeentelijk computercentrum binnen te dringen en in de kluis kon komen waar de bevolkingsgevens van de Utrechtse bevolking lagen opgeslagen of hoe ik door een paar willekeurige nummers in te toetsen alle wachtwoorden en inlognamen van een chatsite kon lezen. Allemaal goed beveiligd maar met een open achterdeurtje.

Rabobank, Utrecht
Voordat ik op m'n dertigste voor mijzelf begon, heb ik veel als uitzendkracht gewerkt. In 1977 werkte ik op de afdeling Telex Buitenland op het hoofdkantoor van de Rabobank, toen nog gevestigd in de zeshoekige torens van het Gildenkwartier op Hoog Catharijne. Het was in die tijd - lang voor het internet - een bijzondere ervaring om brieven te typen die op hetzelfde moment aan de andere kant van de wereld gelezen en per omgaande - luid ratelend - beantwoord werden. In de lunchpauze ging ik meestal even Hoog Catharijne in om een broodje te eten. Maar die eerste week had ik nog geen pasje en was het een hele toer om weer binnen te komen. Bij elke ingang stonden bewakers - in totaal wel een man of tien - en elke bewaker had zijn eigen manier om te beoordelen of ik naar binnen mocht of niet. De ene deed alsof mijn naam op de lijst stond, wat nog niet het geval was, en liet mij door, de ander belde mijn afdelingshoofd om te verifiëren of ik er in mocht. Na twee dagen was ik het gedoe zat. Ik bedacht een andere route. Een eindje bij de ingangen vandaan stapte ik in een goederenlift van de winkels naar de kelder, of eigenlijk niveau 0 van Hoog Catharijne. Door de catacomben zocht ik de toren waar ik moest zijn. Het noodtrappenhuis was afgesloten met een deur die alleen van binnenuit kon worden geopend. Zij het dat ik door het traliewerk naast de deur makkelijk mijn arm naar binnen kon steken en de deurkling aan de binnenkant bereiken. Ik liep regelrecht door naar mijn afdelingshoofd en vroeg hem waarom er tien  man bewaking stond terwijl ik via de kelder zó naar binnen kon lopen. Ik zie zijn hoofd rood aanlopen van schrik. Hij was blij dat ik het meldde en de beveiliging is direct aangepast. Als de voordeur goed op slot zit, staat de achterdeur vaak open. 

Intergemeentelijk Automatiseringscentrum Midden-Nederland (IAM), Zeist
In 1979 heb ik een half jaar als computeroperator gewerkt bij het Intergemeentelijk Automatiseringscentrum Midden-Nederland (IAM). Dit computercentrum beheerde en verwerkte onder andere de bevolkingsadministratie en de vastgoedadministratie van de gemeente Utrecht en een groot aantal andere gemeenten in de provincie. Wij 'draaiden' bijvoorbeeld de registratie voor de militaire dienst (volgens de wet moet de burgemeester elke achtttienjarige mannelijke inwoner van de gemeente inschrijven in het register voor de oproep tot militaire dienst, in de praktijk is dat een computer die een aantal uren staat te zoemen). Ik herinner mij ook nog dat wij een weekend moesten overwerken om de oproepkaarten te draaien voor de eerste rechtstreekse verkiezingen van het Europees parlement in juni 1979. Mijn taak bestond vooral uit het opzetten van de tapes en disks waar het programma om vroeg, het kettingpapier op de printer te vervangen, en zo nu en dan het programma door te starten door op een toets te klikken. Het was een mainframe computer, ofwel een computerconfiguratie die een complete computerzaal besloeg, met een console (toetsenbord met scherm), vijf tape-units, vijf disk-units en een printer, alles met elkaar verbonden door kabels onder de vloer. Bij de tape-units moet je denken aan wat je nog wel eens in oude films ziet: een apparaat ter grootte van een grote koelkast, met een raam waarachter een grote spoel zenuwachtig heen en weer draait. De diskpacks bestonden uit tien schijven boven elkaar met een diameter van zo'n 30 centimeter. De tapes en diskpacks lagen op nummer opgeslagen in een grote inloopkluis. De sleutel van de kluis was opgeborgen op een geheim plekje in het bureau. De computerzaal was zwaar beveiligd en alleen toegankelijk voor wie daar echt moest zijn. Het computercentrum was ingedeeld in drie veiligheidsringen: de zwaarbeveiligde computerzaal, de ook nog redelijk beveiligde ruimtes waar de werkvoorbereiding en nabewerking plaatsvonden en dan de algemene kantoorafdeling, waar ook wel bezoekers mochten komen. Het computercentrum bevond zich op de tweede verdieping van winkelcentrum Vollenhove in Zeist. Bij de ingang op de tweede verdieping was een receptie, die alleen overdag bemenst was. We werkten in ploegendienst van maandag tot en met vrijdag, een week dagdienst, een week avonddienst en een week nachtdienst, alleen in het weekend was het centrum gesloten. 's Nachts werkten we met z'n tweeën, de shift leader en één operator, zoals ikzelf. In de nacht werden vooral lange 'jobs' gedraaid en hadden we vaak weinig te doen. Mijn shift leader ging dan wel eens slapen op een berg versnipperd computerpapier in het papiermagazijn. Het was mij al snel opgevallen dat het papiermagazijn een tweede deur had, die uitkwam op de buitenste, onbeveiligde ring. Deze deur had een gewone kastdeursleutel, nummer 20, die je in elke sleutelzaak kunt kopen. De beveiliging was dus zo lek als een mandje. Als de voordeur goed op slot zit, staat de achterdeur vaak open. 

Op een nacht hadden mijn shiftleader en ik eens nog minder te doen dan anders en we verlieten even het computercentrum, maar tot onze grote schrik hadden we ons daarbij per ongeluk buitengesloten. Gelukkig zagen we twee gaatjes in de hoofddeur op de tweede verdieping, waar een naamplaatje had gezeten. Met een gebogen metalen draad wisten we de toegangsdeur open te krijgen. Nu was mijn beeld van de lekke beveiliging compleet. Toen niet lang daarna een einde kwam aan deze uitzendbaan, had ik het plan opgevat om contact op te nemen met de bestuursvoorzitter, wethouder van de gemeente Utrecht, en hem voor te stellen om in het weekend samen in te breken. Ik had berekend dat ik vanaf de straat binnen tien minuten in de kluis met alle bevolkings- en vastgoedgegevens moest kunnen komen: van de sleutel van de buitendeur had ik een kopie laten maken, met het ijzerdraadje kon ik de ingang van het computercentrum openen, met sleutel 20 kon ik via het papiermagazijn in de computerzaal komen en met de sleutel uit het bureau kon ik in de kluis. Helaas is het snode plan niet doorgegaan, ik heb het beveiligingslek wel gewoon gemeld. Het computercentrum bestaat niet meer, dus ik durf mijn inbrekerspad nu wel te onthullen. 

Chatsite VVV Zeeland
Online heb ik wel vaker 'ingebroken', soms per ongeluk en soms expres. Ik ben geen echte 'hacker' en hou niet van computerspelletjes, maar in mei 1987 ontdekte ik voor het eerst het 'chatten', het was een vergelijkbare sensatie als toen ik op 'Telex Buitenland' werkte: dat je iets intypt op je computer en iemand anders aan de andere kant het gelijktijdig leest en direct kan reageren. Ik moet wel eens glimlachen als men het over de 'moderne' sociale media heeft, ik leef al 33 jaar online. Hier kon geen computerspel (van toen) tegenop: een echt mens aan de andere kant! Bedenk dat dit lang voor de introductie van het internet was. Je moest nog inbellen op een telefoonnummer (het kostte kapitalen) en je stuurde je signalen met een luid piepende modem naar een bbs, een bulletin board system, die soms weer een netwerk vormde met andere bbs'en. Ook vroeg ik in die tijd een aansluiting op Datanet-1 (via het Rijkscomputercentrum RCC in Apeldoorn) en op de computer van 008, de nummerinformatie van de PTT (zo'n vraag hadden ze nog nooit gehad, maar na intern overleg bleek er geen bezwaar tegen). Daardoor kon ik omgekeerd zoeken, van naam, naar adres, naar telefoonnummer en omgekeerd. 

In die tijd had ook de VVV van Zeeland een chatbox op hun teletekstsysteem, dat enthousiast gebruikt werd door een groot aantal chatters uit het hele land. Teletekst werkt met paginanummers: te beginnen met 0 tot en met 9 en dan kan je via elke pagina door meer cijfers in te toetsen doorgaan naar een dieper niveau, pagina 10, 101, 1013, 10135 en zo verder tot paginanummers van misschien wel tien cijfers. Op zoek naar informatie en chatgenoten typte ik een aantal willekeurige lange paginanummers in. Tot mijn eigen schrik kwam ik op de pagina waar het systeem alle inloggegevens (naam en wachtwoord) bijhield, zonder enige beveiliging. Natuurlijk heb ik dit gemeld. Als de voordeur goed op slot zit, met een wachtwoord, staat de achterdeur vaak open. 

De truc met het willekeurige nummer paste ik eerder ook al toe in de jaren '70 toen de belastingtelefoon nog niet bestond en de handbediende centrale van de belastingdienst vaak urenlang bezet was. In die tijd kwamen net de automatische centrales met doorkiesnummer er in. Als het hoofdnummer van de belastingdienst onbereikbaar was, draaide ik een willekeurig doorkiesnummer, kreeg een nietsvermoedende ambtenaar aan de lijn, die mij altijd beleefd doorverbond met de afdeling die ik moest hebben. 

Je mag alles van me weten
Tot slot en dan sluit ik af. Laatst heb ik mij bijna mijn pincode laten ontfutselen. Bij restaurant Vroeg te Vechten bij Bunnik toetste ik mijn pincode in om twee kopjes koffie te betalen. Ik had mijn leesbril niet opgezet, maar net op tijd viel mij op dat ik geen sterretjes zag maar cijfers. Ik zette snel mijn bril op en zag toen pas dat het restaurant de gelegenheid gaf om een fooi in te toetsen. Erg handig misschien, maar heel riskant. Bijna had de serveerster een viercijferige fooi ontvangen, dus minstens 1000 euro, plus de pincode van mijn rijk met nullen gevulde bankrekening. 

. 

maandag 5 oktober 2020

Zorg VS op niveau Albanië

Gezondheidszorg VS op niveau van Albanië
USA’s sundhed er på niveau med Albaniens 
door Flemming Ytzen in Politiken 6-10-2020
Met Google Translate vertaald door Ytzen Lont

Flemming Ytzen is een Deense journalist en auteur

De Amerikaanse kiezers die volgende maand moeten beslissen wie de de komende vier jaar supermacht Amerika aanstuurt, zouden een gedachtenexperiment moeten doen. Probeer de traditionele onderwerpen als werkgelegenheid en belastingen te negeren en vraag jezelf af hoeveel van je medeburgers de corona-epidemie zouden hebben overleefd als de opperbevelhebber in het Witte Huis een normale president zou zijn geweest. Normaal in de zin van 'gemiddeld'. 

Tijdens het eerste televisiedebat tussen de beide presidentskandiaten Trump en Biden, dat op beangstigende wijze de achteruitgang van de politieke cultuur van het land aantoonde, werden we herinnert aan de mijlpaal die de Verenigde Staten zojuist hebben bereikt: 200.000 Covid19-doden. Als Joe Biden de natie had geleid, zouden het miljoenen zijn geweest, brieste Donald Trump. Dat is even slikken voor de kiezers. De brute realiteit is dat de de VS vier procent van de wereldbevolking huisvest, maar dat het land 25% van het wereldwijd geregistreerde aantal Covid19-gevallen heeft. 

Laten we de situatie in de Verenigde Staten vergelijken met de dichtstbevolkte landen in Europa. Hier valt Duitsland op met een aantal doden op ongeveer een vijfde van het niveau van de Verenigde Staten. Van de andere liggen Spanje, Italië en Frankrijk dicht bij de plek van de Verenigde Staten. De bron hiervoor is Our World in Data, dat de laatste dag van september de volgende cijfers presenteerde, het op een dag nieuwe aantal besmette personen per miljoen inwoners: VS: 130; Frankrijk: 123; Spanje: 241; Zweden: 31; Denemarken: 68.

De berekening van het aantal sterfgevallen per miljoen inwoners plaatst de VS (met 622) en de twee zwaarst getroffen landen van Europa, Spanje (676) en Italië (593), ongeveer gelijk, terwijl het ver achter Denemarken en Duitsland ligt met respectievelijk 113 en 122. Zuid-Korea en China doen het goed in Oost-Azië met respectievelijk 8 en 3 doden per miljoen inwoners, maar er bestaat veel onzekerheid over de juistheid van de Chinese cijfers. 

Bij de voorbereidingen voor de komende debatten kunnen Joe Biden's strategen overwegen of de Zweedse en Deense [en Duitse - YL] cijfers niet naar voren moeten worden gebracht, aangezien ze een succesverhaal vertegenwoordigen in Europa. Voor de Amerikanen zou het ook interessant zijn om een vergelijking te maken met Latijns-Amerika. Hier is Argentinië succesvol, terwijl Mexico en Brazilië in dezelfde onaangename categorie vallen als de grote buur in het Noorden. De situatie in de Verenigde Staten weerspiegelt het ontbreken van een nationale strategie en een gruwelijke ontkenning van de realiteit door de federale regering en van het Witte Huis.

De 200.000 doden zijn een mijlpaal die de geschiedenis ingaat. Het aantal komt overeen met het verlies van militairen dat de Verenigde Staten in al hun oorlogen van de afgelopen zeven decennia hebben verloren, inclusief Korea (1950-53) en Vietnam (1965-75). Iedereen die Arlington Cemetery aan de rand van Washington heeft bezocht of Memorial Day heeft bijgewoond, is zich bewust van de ernst waarmee de Verenigde Staten hun oorlogsslachtoffers herdenken, maar in Washington worden geen ceremonies gehouden voor de coronadoden.

Amerikaanse kiezers moeten eraan worden herinnerd hoe ver de natie is gevallen in haar vermogen om gezonde en stabiele levensomstandigheden voor de mensen te creëren. De recent gepubliceerde cijfers van de Global Social Progress Index zetten de Verenigde Staten op de 28e plaats. Sinds deze peilingen in 2011 begonnen, zijn de Verenigde Staten zes plaatsen gezakt en delen ze nu het lot van Brazilië en Hongarije als de meest uitgesproken verslechtering van ontwikkelde samenlevingen. De Verenigde Staten beginnen dezelfde kenmerken te krijgen als een ontwikkelingsland, zegt professor Michael Porter van de Harvard Business School, die een adviespanel leidt voor Global Social Progress. Noorwegen staat duidelijk op de eerste plaats, gevolgd door Denemarken, Finland en Nieuw-Zeeland, terwijl de Verenigde Staten zijn ingehaald door landen met een veel lager welvaartsniveau zoals Estland, Tsjechië, Cyprus en Griekenland.

Het verandert niets aan het feit dat de Verenigde Staten een modelland zijn voor de elite: nummer 1 wat betreft universiteiten maar nummer 91 wat betreft toegang van kinderen tot het basisonderwijs. Nog een paradox: de Verenigde Staten hebben de meest geavanceerde farmaceutische bedrijven, maar zijn nummer 97 als het gaat om toegang tot basisgezondheidzorg. Qua gezondheid staat de supermacht op één lijn met Chili, Jordanië en Albanië.

De verkiezingscampagne heeft aangetoond dat miljoenen kiezers die traditioneel Republikeins stemmen, de voordelen hebben ontdekt die Obamacare hen heeft gegeven, maar dit besef heeft het Witte Huis niet bereikt. De volgende president van de Verenigde Staten krijgt tal van uitdagingen voor zijn kiezen. 


zaterdag 3 oktober 2020

Vegaburger

Via Facebook werd ik geattendeerd op een petitie tegen een mogelijk Europees verbod op de term 'vegaburger'. De petitie is opgesteld door ProVeg, een organisatie die zich internationaal inzet voor plantaardige voeding en die er naar streeft om de consumptie van dierlijke producten tussen nu en 2040 te halveren. Volgens ProVeg overweegt de Europese Unie een verbod op begrippen als 'vegaburger' voor plantaardige producten, omdat de consument bij 'burger' aan vlees denkt en in de war zou kunnen raken. 

ProVeg wijst er op dat de voorstellen strijdig zijn met de Green Deal waarmee de EU ook streeft naar een meer duurzame voedselketen en minder vlees. Op school leerde ik vroeger dat vleesproductie eigenlijk geen voedselproductie is maar 'voedselveredeling'. Door vlees eten gaat veel kostbaar voedsel verloren, kunnen minder mensen worden gevoed en raakt de aarde sneller uitgeput. 

Een oud-collega noemde mij in haar commentaar onder de petitie. Ze schrijft: "Een beetje merkwaardig dat het woord burger geclaimd wordt door de vleesindustrie. Het woord burger betekent inwoner. Er is wel een woord Hamburger, net als Frankfurter. Beide kunnen verwijzen naar een vleesproduct. Maar verder kom ik burger niet tegen in het woordenboek in relatie tot vlees. Ik ben een Vega-burger. Ytzen Lont, kan jij als taaldeskundige hier nog iets over zeggen?"

Daaronder reageerde ik als volgt (er ook maar weer eens op wijzend dat ik mijn Nederlandse taalopleiding voornamelijk op de lagere school heb gevolgd), waarmee dit blogje weer geschreven is: 

<< Dank je wel dat je het zo waardeert dat ik de lagere school met goed gevolg hebt doorlopen (daarna is mijn schoolcarrière enigszins gestuit). 

Wat het onderwerp zelve betreft. De Dikke Van Dale (12e editie, 1992) zegt er dit over:

"Burger (m; -s; -tje) [Eng. foutief geïsoleerd uit hamburger, omdat men hierin een samenstelling zag van ham en burger, in werkelijkheid is het een afleiding van Hamburg], (na zn.) gebakken, meestal gepaneerde schijf, voor 't grootste deel bestaande uit wat in het eerste lid wordt genoemd: biefburger, kaasburger, kipburger."

De burger hoeft dus geen vlees te bevatten. Die associatie kan men maken, maar het is niet de betekenis van het woord. Het lijkt me dan ook moeilijk om het begrip te claimen en beschermen als vleesproduct.

Zelf heb ik wel een hekel aan vleesassociaties in vegetarische producten, zoals De Vegetarische Slager doet, vooral als het dan ook nog gepaard gaat met chique spelfouten, alsof groente slechtgespeld vlees is. Het is wel te prijzen dat deze slager rasechte vleeseters aan de groente probeert te krijgen.

Mocht het toch tot een rechtszaak komen over het begrip 'burger', dan zou ik er voor pleiten deze benaming helemaal te verbieden, zolang er geen echte burgers (of ze nou uit Hamburg, Frankfurt, Nieuwegein of Houten komen) in zijn vermalen. >>

donderdag 1 oktober 2020

Lindenhorst weer verkocht

De Lindenhorst, het voormalige hoofdkantoor van Youth for Christ Nederland is - onder voorbehoud - verkocht aan een projectontwikkelaar. Dit blijkt uit de eigendomsinformatie van het kadaster. Youth for Christ nam vorig jaar afscheid van het pand en verhuisde naar de Utrechtse reliboulevard, het kantorencomplex van het dienstencentrum van de Protestantse Kerk (PKN). De Lindenhorst huisvestte sinds de vroege jaren '70 vele activiteiten en medewerkers van de organisatie, waaronder elk jaar een nieuwe groep diakonale medewerkers, dia's genoemd, die er een jaar lang woonden en werkten. 

"Wij zijn geen vastgoedbeheerders maar een jeugdbeweging", vond het bestuur en met pijn in het hart zetten ze het oude, dure, onderhoudsgevoelige pand in de verkoop. Op 8 september vorig jaar werd met een dankdienst en een borrel afscheid genomen van De Lindenhorst en op 1 december was de verhuizing een feit. In 1976 begon ik in dit gebouw aan mijn eerste baan en vorig jaar was ik ook bij het afscheid. 

Een paar dagen voor dat afscheid in september was De Lindenhorst verkocht aan het modebedrijf Grosso Moda te Doorn onder voorbehoud van financiering. Maar nog voor het eind van het jaar haakte de koper af en stond het lege pand alsnog te koop. 

Hoe zou het er nu mee zijn, vroeg ik me af, een jaar later. Een blik in het kadaster laat zien dat het pand op 17 juni 2020 is verkocht aan CD City Development BV te Loenen aan de Vecht en Hub Development BV te Vinkeveen. Het Loenense bedrijf heeft, zo is te zien op hun website, naast moderne appartementencomplexen al heel wat prachtige oude monumentale panden aangekocht en gerenoveerd. De website van Hub laat vooral grote moderne complexen zien in Londen en andere Engelse steden. 

Het voorlopige koopcontract is een half jaar geldig, dus de kopers kunnen er nog van af. Ik ben benieuwd naar hun plannen. Cees-Jan Zegers van City Development laat mij desgevraagd weten dat zij voor de Lindenhorst diverse concepten in onderzoek hebben, maar dat het nog te vroeg is om daar iets over te zeggen. Naar verwachting is de koers voor het einde van het jaar helder en komt de ontwikkelaar dan met plannen naar buiten. Cees-Jan Zegers: "Wij zijn inderdaad graag bezig met panden en locaties met een mooie historie en dit project past dus mooi in onze strategie". Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Zie ook:
Eerdere blogs over dit onderwerp:
City Development projecten
* 18-06-18 Youth for Christ verkoopt hoofdkantoor
Hub Group UK
* 09-09-19 Afscheid van de Lindenhorst
Drieklomp makelaars: Lindenhorst
* 17-04-06 Youth for Christ 60
Grosso Moda
Nederlands Dagblad 9-12-19

Lindenhorst bij Driebergen
Lindenhorst in de 19e eeuw met rechts de Hoofdstraat

zaterdag 26 september 2020

Zeg maar dag tegen kernwapens

Vandaag, 26 september, is het de internationale dag voor de totale uitbanning van kernwapens. Deze dag is ingesteld door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties om de VN-doelstelling van totale uitbanning van kernwapens te bevorderen, door regeringsleiders en publiek bewust te maken van de bedreiging die deze wapens vormen voor de mensheid. Men hoopt dat de aandacht en activiteiten van deze dag zullen helpen om nieuwe internationale inspanningen te mobiliseren voor het gemeenschappelijke doel van een kernwapenvrije wereld.

Wereldwijde nucleaire ontwapening is een van de oudste doelstellingen van de Verenigde Naties. Het was onderwerp van de eerste resolutie van de Algemene Vergadering in 1946 (toen gastland Amerika nog de enige kernmacht was - YL), waarbij een Commissie voor Atoomenergie werd opgericht met het mandaat om specifieke voorstellen te doen voor de controle van kernenergie en het uitbannen van atoomwapens en alle andere massavernietigingswapens. Elke opeenvolgende secretaris-generaal van de VN heeft dit doel nadien actief gepromoot.

Ondanks diverse ontwapeningsverdragen zijn er vandaag de dag, volgens de VN, toch nog ongeveer 13.400 kernwapens over. Landen die dergelijke wapens bezitten, hebben langetermijnplannen om hun nucleaire arsenaal te moderniseren. Meer dan de helft van de wereldbevolking leeft in landen die zulke wapens bezitten of lid zijn van nucleaire allianties. Het aantal operationele kernwapens is sinds het einde van Koude Oorlog aanzienlijk afgenomen, maar de kernwapens zijn niet fysiek vernietigd. Bovendien zijn er momenteel geen onderhandelingen over nucleaire ontwapening. De doctrine van nucleaire afschrikking blijft een element van het veiligheidsbeleid van alle bezittende staten en veel van hun bondgenoten (waaronder Nederland - YL).

Internationale wapenbeheersing komt steeds meer onder druk te staan. Op 2 augustus 2019 trokken de Verenigde Staten zich terug uit het verdrag over de beperking van atoomwapens voor de middellange afstand (Intermediate-Range Nuclear Forces Treaty). Het verdrag voor de beperking van strategische langeafstandswapens (START) loopt februari 2021 af.

Volgens de VN neemt de frustratie onder veel lidstaten over het trage tempo van nucleaire ontwapening toe en is er groeiende bezorgdheid over de catastrofale gevolgen van het gebruik van zelfs maar een enkel kernwapen, laat staan ​​een regionale of mondiale nucleaire oorlog.

-----

Bron (samenvattend vertaald door YL): 

Lees mijn eerdere blogs over nucleaire ontwapening:

9 augustus 2005 Houd de dief!

2 juli 2007 Onvermijdelijk immoreel

27 maart 2008 Kernwapenvrije wereld

29 oktober 2008 Tijd terug

29 oktober 2013 Rode Kruis: Kernwapens nooit toestaan

24 juni 2020 Arms control

3 juli 2020 Nuclear sharing is caring?

-----