dinsdag 25 februari 2020

Andere zaken

"Het geld dat met de OZB wordt binnengehaald, gebruiken gemeenten voor heel andere zaken", schrijft de Algemene Nederlandse Bond voor Ouderen, de ANBO, in een persbericht.

Dit zinnetje stoort me mateloos.

Een paar dagen geleden las ik iets soortgelijks op Facebook. De OZB wordt voor heel andere zaken gebruikt. Andere zaken dan wát, dacht ik. Ik overwoog om te reageren - hoezo "andere zaken"? - maar ik heb dat niet gedaan. Maar de ANBO had ik wijzer geacht.

Naast de uitkeringen uit het Gemeentefonds is de OZB de belangrijkste inkomstenbron van een gemeente. Het is geen doelbelasting, het is gewoon een algemene belasting om zaken die de inwoners van de gemeente belangrijk vinden uit te kunnen voeren. De belasting wordt in de eerste plaats geheven bij eigenaren van onroerend goed - grond, woningen, bedrijven - maar indirect bij iedereen die woont en werkt in een gemeente. Het is niet slechts een "sluitpost van de begroting", zoals ANBO enigszins vilein opmerkt, maar de kern van de keuzemogelijkheden die de democratisch gekozen raadsleden hebben. De kern van de lokale democratie.

Nou kan er alle reden zijn om te protesteren tegen "onredelijke" verhogingen van de lokale lasten. Over het algemeen is "rechts", de VVD, tegen verhoging van de OZB en "links" vóór. Kortgezegd, links wil dat de gemeentewerker het onkruid wiedt en rechts vindt dat de burger dat zelf maar moet doen. De variaties aan keuzes gaan wel wat verder dan dat, maar het zijn uiteindelijk keuzes, die in een goed functionerende lokale democratie in overleg met de burgers tot stand komen.

Sommigen verwarren de OZB - de belasting - met de WOZ - de waardebepaling van het onroerend goed. Elk jaar zie ik op de sociale media weer mensen die heftig protesteren tegen de belachelijk hoge WOZ-waarde van hun huis. Daarvoor moet je niet bij de gemeente zijn, maar je huis onder de marktprijs verkopen. Als dat is wat je wilt. Over het algemeen gaat bij een sterke stijging van de marktwaarde, de WOZ, het tarief van de OZB navenant omlaag. Dat tarief wordt door de gemeenteraad bepaald en daarbij komt het aan op beleidskeuzes. De gemeente kan volstaan met de inflatiecorrectie, maar ook kiezen voor een grotere stijging of een daling van de belastingdruk. Hoe staat de gemeente er financieel voor (inderdaad, een sluitende begroting), hoeveel wil je wááraan besteden en wat zijn je inwoners bereid om daarvoor te betalen dan wel ben je als gemeentebestuur bereid om je burgers op te leggen. Dat zijn moeilijke maar serieuze keuzes die gemaakt moeten worden.

Als er wat te kiezen valt, is er noodzakelijkerwijs ook ruimte voor verschillen. Het leven in de ene gemeente is dan duurder dan in de andere. Dat is een logisch gevolg van lokale autonomie.

De ANBO vindt dat de rijksoverheid moet ingrijpen of in elk geval de koopkracht van senioren moet compenseren. Dat kan. Je kunt met nationaal inkomensbeleid de armlastigen tegemoet komen. Je kan ook het hele systeem op de schop nemen en de lokale overheid de zeggenschap over de lokale belastingtarieven ontnemen. Je zou de OZB door de rijksoverheid kunnen laten innen of helemaal afschaffen en het door andere belastingvormen vervangen.

Als je dat wilt, dan beperk je dus doelbewust de keuzemogelijkheden van de lokale overheid. Dat kan. Je kiest er dan voor om het bestuur op grotere afstand van de burgers te plaatsen. Dat kan nuttig zijn. Maar zeg dat dan, als je daarvoor kiest.

Het is goed dat de ANBO opkomt voor de belangen van ouderen. Ik ben zelf belanghebbende. Dit jaar word ik 65 en ik betaal per jaar een vol maandinkomen aan lokale lasten. Dat mag wel wat minder. Maar politiek gezien ben ik er een voorstander van om de hoge kwaliteit van leven - van groenvoorziening tot zorg - in mijn woongemeente Houten in stand te houden en te verbeteren. Dat wat de ANBO "heel andere zaken" noemt. Dat stoort me. Dan denk ik: "Mag het ietsjes meer zijn?"


Aanslag koopkracht

Persbericht ANBO 25 februari 2020

Stijging gemeentelijke belastingen: 2e aanslag koopkracht senioren in één week

Vorige week werd bekend dat de waterschapsheffingen in 2020 gemiddeld 4,6 procent hoger zullen zijn dan in 2019. En nu blijkt dat de gemeentelijke heffingen ook met ruim 5 procent omhoog gaan. ANBO vindt beide verhogingen onredelijk, want het betekent een verslechtering van het besteedbaar inkomen van senioren.

Onduidelijk waar geld aan besteed wordt
Bij de waterschapsheffingen is het duidelijk waar het geld aan wordt besteed. Namelijk het beheren van waterkeringen en waterlopen, maar ook de werking van de zuiveringsinstallaties. Dat is bij gemeentelijke belastingen niet het geval. Sterker nog, gemeenten gebruiken de opbrengst van ozb als sluitpost van hun begroting. “In gewoon Nederlands: het geld dat met de ozb wordt binnengehaald, gebruiken gemeenten voor hele andere zaken,” stelt Liane den Haan, directeur-bestuurder van ANBO. “Huiseigenaren zien zelf niet veel terug van de opbrengst.”

Aantasting koopkracht ouderen
Mensen betalen de waterschapslasten en de gemeentelijke heffingen uit hun netto-inkomen. Den Haan: “Dat betekent dus een forse aanslag op het besteedbare inkomen van ouderen. Het kabinet heeft voor het eerst sinds de crisis van 2008 maatregelen genomen om de koopkracht enigszins te verbeteren. Maar als dat via de achterdeur van de gemeenten en waterschappen wordt afgeroomd, zijn we weer terug bij af. Een slechte zaak.”

ANBO herhaalt in dit kader het standpunt dat lokale en regionale heffingen en belastingen de koopkracht van burgers behoorlijk kan beïnvloeden. Liane den Haan: “Koopkrachtbeleid is de verantwoordelijkheid van de landelijke overheid, niet van de lokale of regionale overheden. Als op dat niveau maatregelen worden genomen die een rechtstreekse invloed op de koopkracht heeft, moet de landelijke overheid ingrijpen.”
Al 120 jaar ervaren en eigentijds. ANBO is de meest invloedrijke seniorenorganisatie van Nederland. Landelijk, regionaal en lokaal beïnvloedt ANBO de beleids- en opinievorming rond senioren. Op individueel niveau kan ieder lid bij ons terecht voor persoonlijk advies, ondersteuning en heel veel voordeel en korting.

vrijdag 14 februari 2020

Aldert Poortema

De ouders van de op 12 januari 2008 in Uruzgan omgekomen militairen Aldert Poortema uit IJlst en Wesley Schol uit Assen krijgen een schadevergoeding. Defensie erkent aansprakelijkheid.

Het graf van Aldert Poortema in IJlst bezoek ik elk jaar twee of drie keer, als ik daar verblijf in de caravan van mijn broer, voorheen van m'n ouders. Aldert Poortema wordt in IJlst ook op 4 mei herdacht, in aanwezigheid van zijn makkers en zijn ouders, wat de Dodenherdenking een extra gewicht en last geeft. Ik was er bij op 4 mei 2008, die eerste keer, en daarna nog een paar keer en zie met lede ogen de ouders staan. En hoewel ik er niet zo voor ben dat op 4 mei 'iedereen en alles' wordt herdacht, ik vind het wel indrukwekkend en word meegezogen in het verdriet. Sindsdien kan ik het niet laten om bij mijn bezoek aan IJlst altijd even bij Aldert langs te gaan, een moment stil te staan bij zijn graf, te kijken naar zijn foto die daar staat en na te denken over de zinloze dood van deze jonge jongen.

Aldert Poortema is geboren op 2 oktober 1985 en gesneuveld op 12 januari 2008, nog geen 22 jaren oud. De nóg jongere Wesley Schol heeft hem proberen te redden en werd toen ook dodelijk geraakt.

Ook als ik thuis ben, denk ik vaak aan hem, aan het verdriet en ook aan de politiek. Slechts één keer in de geschiedenis is artikel 5 van de Navo ingeroepen, dat zegt dat een aanval op één bondgenoot een aanval op ons allen is. Dat was toen Amerika op 11 september 2001 werd aangevallen door gruwelijk wrede terroristen. Toen Amerika een beroep op ons deed, zijn 'we' gegaan, ook al moesten we daarvoor helemaal naar Afghanistan. Of dat een wijze beslissing was, vraag ik mij af, maar die solidariteit vind ik niet onbelangrijk. De wijze van optreden van de Nederlanders in Uruzgan oogste veel lof: de Dutch approach, zo dicht mogelijk bij de bevolking. Toen de Amerikanen ons land vroegen om langer in Uruzgan te blijven dan oorspronkelijk was afgesproken, viel het kabinet Balkenende (CDA), omdat de PvdA (Wouter Bos) de steun introk. Eimert van Middelkoop van de ChristenUnie was in die tijd minister van Defensie en Maxime Verhagen (CDA) minister van Buitenlandse Zaken.

De ouders van Aldert Poortema hadden er publiekelijk voor gepleit om de missie voort te zetten. Dat vond ik indrukwekkend, maar ik was het er niet mee eens. Voor mij ging het er niet om of de Uruzgan-missie al dan niet moest worden voortgezet, maar om de vraag of dit door de Nederlanders moest worden gedaan. Ik hecht juist erg aan trouw en betrouwbaarheid in een bondgenootschap. Ik vond het geen laf weglopen, maar je houden aan de afspraken. Daarin moest Nederland, vond ik toen, geen slappe knieën tonen. Er was een concrete einddatum afgesproken en als een bondgenootschap zich niet aan afspraken kan houden, hoe staat het dan met je betrouwbaarheid en weerbaarheid? Als een missie van één land afhangt, dan heeft de vijand dat gauw door en is de strijd bij voorbaat verloren. Dat hebben we geleerd in Srebrenica. Vergeet niet dat de "safe haven" werd ingenomen nadat in eerste instantie niemand en uiteindelijk alleen Oekraïne de missie van Nederland wilde overnemen. Het mandaat van Dutchbat liep 1 juli af, de opvolgers waren nog niet verschenen, op 11 juli openden de Bosnische-Serviërs de aanval en uiteindelijk bleef ook luchtsteun uit. "Een aanval op één is een aanval op allen", is het credo van de Navo, als de strijd van één afhangt, is deze verloren.

In een boze bui of slaapdronken voer ik in gedachten wel eens heftige discussies met president Trump, voor wie de Navo is verworden tot een uitzendbureau. You pay, we fight. Onze waarden mogen wat kosten, maar terechte verhoging van het defensiebudget mag niet waardenloos en doelloos zijn. Dan vertel ik hem van Aldert. Die jongen uit dat kleine elfstedenstadje die ging - misschien uit avontuur, misschien vanwege z'n maten, maar uiteindelijk om de vrijheid en vrede te verdedigen.

Had het zin? Kan je vrede krijgen door oorlog te voeren? Het verhaal van Aldert en Wesley is nog triester. Ze zijn doodgeschoten door hun eigen mensen. Friendly fire. Slachtoffer worden van eigen vuur kan op verschillende manieren gebeuren. Een soldaat kan per ongeluk in de vuurlinie terecht komen, terwijl er geschoten wordt op de vijand. Maar erger nog is het als inkomend vuur wordt beantwoord en leidt tot een fel vuurgevecht en men in de chaos pas laat ontdekt dat het alleen de eigen troepen zijn die elkaar beschieten. Bij deze schietpartij zijn twee Nederlanders en twee Afghaanse medestrijders omgekomen en een Nederlander zwaar gewond, maar ook de andere betrokkenen dragen een zware last. De ouders van Aldert hebben geprobeerd de commandant die opdracht gaf tot het vuren aansprakelijk te stellen, maar dat is afgewezen. Defensie erkent nu wel de aansprakelijkheid voor het incident.

In 1977 kreeg ik een collega die getrouwd was met een Amerikaanse soldaat die gevochten had in Vietnam. Toen ik het echtpaar uitnodigde voor mijn 22ste verjaardag, moest ik een houding weten te vinden tegenover de Vietnam-veteraan, terwijl de Vietnam-oorlog een decennium lang als het ultieme kwaad was voorgesteld. Ik hoor onze bijbelstudieleider nog zeggen: "Het gaat ook om het Vietnam in je hart". Voor mij was duidelijk dat je de vragen over goed en kwaad, oorlog en vrede, niet kunt vermijden, ook als je het antwoord niet weet of tot verschillende antwoorden komt. Een "licence to kill" (of "rules of engagement") betekent niet dat doden goed is, het is nooit goed, maar dat we soms niet aan het kwaad kunnen ontkomen en we dit samen zullen moeten dragen. Of we nou pacifist of militarist zijn. Ik bedoel niet te zeggen dat onze antwoorden of opvattingen niet uitmaken, maar wel dat als ons land militairen uitzendt, wij hen en hun nabestaanden er niet alleen voor mogen laten opdraaien. De oorlog niet vergoeilijken, maar ook niet wegduwen. Een schadevergoeding voor de ouders is misschien net zo zinloos als de dood van hun zoon - en wat zegt nou eigenlijk mijn stille groet bij zijn graf? - maar het is een erkenning van betrokkenheid.

Zie ook: Leeuwarder Courant 14-02-20 
Ouders omgekomen Uruzgan-militairen Aldert Poortema en Wesley Schol krijgen schadevergoeding




donderdag 13 februari 2020

Universiteiten in Sierra Leone

Via een Google alert kom ik terecht op een webpagina van World Scholarship Forum met informatie over universiteiten in Sierra Leone. Al bijna twintig jaar heb ik veel contact met mensen uit en in Sierra Leone. In 2014 ben ik er drie weken geweest met mijn goede vriend Abdul, die van 2000 tot 2004 als kamerhuurder bij mij in huis woonde. In Sierra Leone bleek hij iedereen te kennen - van rijk tot arm - en ik heb daardoor heel veel mensen gesproken. We verbleven voornamelijk in de hoofdstad Freetown, één dag gingen we naar Abduls geboortedorp Mathoir, voor mij het hoogtepunt van de reis. Voor Abdul was het de eerste keer na de oorlog dat hij terugkwam in zijn dorp. Op de terugreis naar Freetown zijn we in de stad Makeni geweest, waar we onder andere op ziekenbezoek gingen in een ziekenhuis. In Freetown logeerde ik twee weken in een huis van Abduls familie aan de College Road in Goderich, een stadsdeel van Freetown. Aan de overkant van de weg was de campus van de Milton Margai universiteit. Daar heb ik vele uren doorgebracht, omdat de bomen van de campus schaduw en verkoeling boden, en ik heb er veel studenten gesproken. Met sommigen heb ik nog contact.

Bij het lezen van de website over Sierra Leoonse universiteiten maak ik hier wat notities. Sommige dingen wist ik al, andere dingen zijn nieuw.

Sierra Leone ligt in West-Afrika aan de Atlantische Oceaan, het heeft landsgrenzen met Liberia en Guinea. Het land heeft bijna 8 miljoen inwoners. In Sierra Leone leven zo'n achttien verschillende etnische groepen, elk met zijn eigen taal en gebruiken. De twee grootste bevolkingsgroepen zijn Temne en Mende. Beide talen werden bij mij in huis vaak gesproken, daarnaast ook Fullah en Mandingo en natuurlijk Krio, de lingua franca van Sierra Leone.

De hoofdstad Freetown, het economisch centrum van het land, ligt aan de Atlantische Oceaan en een grote baai. Vanaf het internationale vliegveld Lungi moet je eerst de baai oversteken met de veerboot. Andere belangrijke steden zijn Kenema, Koidu, Makeni en Bo, waar mijn huidige huisgenoot geboren is.

"Het land heeft een sterke journalistieke traditie en was in de jaren 1860 een journalistiek centrum voor Afrika", lees ik op de website. Dat is nieuw voor mij en daar wil ik me binnenkort zeker eens in verdiepen.

Zo'n 65% van de bevolking is moslim, 25% christen en 10% heeft een traditioneel Afrikaanse religie. Tussen de verschillende geloofsgroepen bestaan over het algemeen geen grote spanningen en soms komen binnen één gezin verschillende godsdiensten voor zonder dat daar moeilijk over wordt gedaan. De geloven lopen ook wel eens wat door elkaar en men viert elkaars feestdagen.

De website van het World Scholarship Forum noemt twee particuliere universiteiten en vijf openbare. De openbare scholen hebben het voordeel dat je er veelal gratis of met een beurs kan studeren. Particulier: Universiteit van Makeni en Milton Margai College of Eduction and Technology (de universiteit waarvan ik één van de campussen tijdens mijn verblijf regelmatig bezocht). Openbaar: Njala University, University of Sierra Leone, Eastern Polytechnic, Nothern Polytechnic en tenslotte de Ernest Bai Koromo University of Science and Technology.

Ernest Bai Koroma was de vorige president van Sierra Leone, hij kwam uit Makeni. Ik stel mij dus zomaar voor dat deze universiteit nog niet zo lang deze naam draagt en in Makeni staat. Maar ik moet eerst nog verder lezen...

Bij de 'ranking' komt Njala University als beste uit de bus. De universiteit heeft twee campussen, één in het district Moyamba in het zuiden van Sierra Leone en één aan de rand van de stad Bo, in de voorsteden Towama en Kowama. Daarnaast biedt de universiteit een cursusprogramma in Freetown (Henry Street 17). De universiteit heeft zes instituten en zes centra (ik weet niet wat het verschil is) die zich toeleggen op onderzoek op het gebied van o.a. landbouw, huishoudkunde, gezondheid en geneeskunde. Ook internatonale studenten kunnen terecht op deze school.

De tweede in ranking is de Universiteit van Makeni (UniMak). Deze universiteit stelt 'sociale ontwikkeling' centraal. Momenteel zijn er ongeveer 1500 studenten, 147 fulltime en 30 parttime leraren. De afdelingen Recht, Volksgezondheid en IT bevinden zich op de Yoni-campus, 6 km buiten Makeni. Eén van de studenten die ik heb getroffen op het Milton Margai College in Freetown ging later rechten studeren in Makeni. In die tijd had ik online contact met een paar studenten van deze universiteit.

Derde op de lijst is de University of Sierra Leone. Daar had ik nog nooit van gehoord, maar nu zie ik dat deze is ontstaan uit een fusie met onder andere het welbekende Fourah Bay College. De universiteit heeft drie campussen. Ten eerste die van Fourah Bay College, opgericht 18 februari 1827. Dit instituut bestaat dus 193 jaar en heeft komende dinsdag zijn dies natalis.  De tweede campus is het Institute of Public Administration (IPAM), opgericht 5 november 1980. Tenslotte het College of Medicine and Related Health Sciences (COMAHS), de eerste medische school in Sierra Leone, opgericht 12 april 1988 door de regering van Sierra Leone met de Nigeriaanse regering en de WHO. Dit instituut heeft vier faculteiten: medische basiswetenschappen, klinische wetenschappen, verpleegkunde en farmacie.

Vierde op de rankinglist is het Milton Margai College of Education and Technology. Opgericht in 1963 en genoemd naar de vroegere premier Milton Margai. Het instituut kwam voort uit de lerarenopleiding van het Fourah Bay College en veranderde een paar keer van naam. De universiteit heeft drie campussen in Freetown, in de stadsdelen Brookfields, Congo Cross en Goderich. Op het terrein van die laatste heb ik dus vaak verkoeling gezocht en met veel studenten gesproken.

Vijfde is de Ernest Bai Koroma University of Science and Technology. Ik gokte dat deze mij onbekende universiteit in Makeni is gevestigd en daar heeft het in elk geval een campus. De hoofdvestiging is Magburaka University College in de stad Magburaka, de tweede vestiging is Makeni University College (met daarin opgenomen een veterinair instituut) en de derde campus is de Universiteit van Port Loko. Het oorspronkelijke Islamic College of Magburaka werd opgericht met steun van de Islamic Developmentbank voor onderwijs in Arabische en Islamitische studies. De universiteit in Port Loko kwam voort uit een lerarenopleiding.

Als zesde op de lijst staat Eastern Polytechnic in Kenema.

Bron: World Scholarship Forum 
Meer lezen: Wikipedia

woensdag 12 februari 2020

Nissewaard: SyRI heeft geen gevolgen voor Totta

Wethouder Igor Bal van de gemeente Nissewaard (Spijkenisse) heeft de raadscommissie Sociaal Domein laten weten dat de rechterlijke uitspraak over SyRI geen gevolgen heeft voor het gebruik van Totta Data Lab door zijn gemeente. De data-analyse van Totta en de werkwijze van Nissewaard zijn niet vergelijkbaar met die van SyRI. "Onze werkwijze blijft binnen de wet", aldus de wethouder.

Doelbinding
De aanpak van Nissewaard richt zich specifiek op bijstandfraude en het systeem analyseert alleen de informatie die gewonnen wordt bij de uitvoering van de Participatiewet. Er is sprake van een strikte 'doelbinding'. SyRI gaat over samenwerking tussen UWV, SVB, Belastingdienst, Inspectie SZW en gemeenten, die onderling hun gegevens uitwisselen voor een projectmatige, wijkgerichte aanpak van allerlei vormen van fraude en oneigenlijk gebruik van voorzieningen, waaronder bijstandsfraude. De rechtbank vindt het mengen van al die informatie niet in verhouding staan tot de inbreuk op de privacy.

Controleerbaar
De data-analyse van Nissewaard en Totta is volgens de wethouder veel beter te controleren dan die van SyRI. De gemeente levert altijd zelf actief de anonieme informatie aan, krijgt die retour en alleen de topscores qua frauderisico worden kort administratief onderzocht. Pas als dat iets oplevert, kan worden overgegaan op dieper onderzoek. Er wordt geen informatie gemengd met andere systemen of voor andere doeleinden, zoals bij SyRI wel het geval is. De uitkomst is altijd controleerbaar, aldus de wethouder in zijn memo aan de raadscommissie Sociaal Domein.

Bron: Memo aan commissie Sociaal Domein (PDF 1p) 
Gemeente Nissewaard, wethouder Igor Bal, 10-02-20
Gevolgen SyRI-uitspraak voor Totta Data Lab

Zie de reacties van Totta Data Lab, Werk en Inkomen Lekstroom, Houtens raadslid David Jimmink en Platform Bescherming Burgerrechten in mijn blog van eerder vandaag: Gegevensbeschermingseffectbeoordeling

Gegevensbeschermingseffectbeoordeling

Zie voor informatie over WIL, Totta en SyRi het dossier Algo, korte link: go.stylo.nl/algo
Lees ook mijn voorgaande blog van 7/2/20: Persoonlijke levenssfeer
Reactie gemeente Nissewaard: "Geen gevolgen voor Totta"

Onderbezetting bij handhaving

Werk en Inkomen Lekstroom heeft het contract met Totta Data Lab om fraude op te sporen dit jaar niet meer verlengd. De reden hiervoor is dat het team Handhaving niet genoeg mensen heeft om fraudeonderzoek te doen op basis van de risicoanalyses van Totta. In 2019 heeft er geen evaluatie plaatsgevonden van het systeem. Volgens Totta staat de samenwerking met WIL sinds een aantal maanden "on-hold". Bij het algemeen bestuur van WIL is dit niet bekend. Wel is bekend dat de organisatie bezig is met een "herijking van de handhaving". WIL maakt op dit moment geen gebruik van algoritmes bij fraudeonderzoek, maar sluit dat in de toekomst niet uit. In dat geval voert WIL eerst een "gegevensbeschermingseffectbeoordeling" uit, in het Engels een Data Protection Impact Assessment (DPIA). 

Rechter verbiedt SysteemRisicoIndicatie (SyRi)

Voor het politieke radioprogramma Daar Hou Ik U Aan van Omroep Houten volg ik Werk en Inkomen Lekstroom (WIL), de gemeenschappelijke sociale dienst van Houten, Nieuwegein, IJsselstein, Lopik en tot voorkort Vianen. WIL doet - of deed - in samenwerking met Totta Data Lab BV in Amsterdam fraudeonderzoek met behulp van 'algoritmes'. Het systeem analyseert een bulk aan gegevens over bijstandsgerechtigden en vergelijkt die met bekende fraudegevallen. Door het herkennen - en leren - van patronen kan het systeem risico's op fraude signaleren. 

Op 5 februari 2020 zette de rechtbank van Den Haag een streep door een ander systeem van de overheid, namelijk SyRi (Systeem Risico Indicatie).

Naar aanleiding van de SyRi-uitspraak heb ik vragen gesteld aan Totta, WIL, raadslid David Jimmink en aan de belangrijkste eiser in het SyRi-proces, het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten NJCM

Heeft de SyRi-uitspraak ook gevolgen voor het systeem van Totta en de aanpak van Werk en Inkomen Lekstroom en zo niet, wat is dan het verschil? 

Hieronder vat ik de reacties samen. 


Reactie van de eisers

Het juristencomité wees mij door naar één van de andere eisers in de SyRI-zaak: het Platform Bescherming Burgerrechten. Ronald Huissen, redacteur en onderzoeker van het platform, liet mij weten dat hij nog bezig is met een grondige analyse van het vonnis. Kern van de uitspraak is volgens hem dat de rechter korte metten heeft gemaakt met de 'blackbox'. SyRi is niet controleerbaar, het risicomodel is geheim, iemand die onderzocht wordt of waarover een risicomelding wordt gedaan, krijgt dit niet te horen en kan zich niet verweren. Dat mag niet meer. 

Het platform is op zoek naar en inventariseert vergelijkbare systemen, die mogelijk ook juridisch zullen worden aangepakt. Het systeem van Totta zou daar één van kunnen zijn. Ronald Huissen maakt zich vooral zorgen over de grote hoeveelheid gegevens die WIL aan Totta verstrekt en dat Totta liefst nog meer gegevens wil. (noot 1) Hij was verbaasd dat het initiatief om bijstandsfraude op deze manier aan te pakken, gekomen is van het marketingsbureau zelf en dat WIL hier in was meegegaan. (noot 2) Hij wees op de website van het platform en op een bericht over de samenwerking van Totta met de gemeente Nissewaard, die veel minder opgeleverd zou hebben dan de gemeente stelde.

Zie de noten onderaan dit blog. 


Reactie van Totta Data Lab

Heeft de uitspraak over SyRi gevolgen voor het programma van Totta en zo ja hoe? Totta: "Dit is momenteel nog te vroeg om te zeggen. SyRI verschilt wezenlijk van wat wij doen in het gebruik van welke en de hoeveelheid gegevens. Wij zijn momenteel aan het onderzoeken wat de gevolgen zijn."

Vindt bij de toepassing van het Totta-programma onafhankelijke toetsing door derden plaats? Totta: "Zie vraag 1. Daar zijn wij nu mee bezig."

Totta is onlangs overgenomen door Blue Field Agency. Wordt de verwerkingsovereenkomst van WIL hierop aangepast en belanghebbenden geïnformeerd? Totta: "De samenwerking tussen WIL en Totta staat sinds een aantal maanden on-hold. Wij zijn aan het onderzoeken of en zo ja hoe wij de samenwerking willen voortzetten. Aangezien de samenwerking al een aantal maanden stil ligt zijn aanpassingen niet nodig."


Reactie van David Jimmink
(raadslid en lid Algemeen Bestuur van WIL namens Houten)

David Jimmink benadrukt dat als het systeem van Totta evenals SyRi illegaal blijkt te zijn, het "offline" moet. Hij wist niet dat de relatie van WIL met Totta al maanden "on-hold" is. Wel is het bij het algemeen bestuur bekend dat WIL bezig is met een herijking van het handhavingsbeleid. Hij zal hierover navraag doen binnen de organisatie en komt binnenkort met een uitgebreidere reactie. 


Reactie Werk en Inkomen Lekstroom (WIL)

Heeft de uitspraak over SyRi gevolgen voor het programma van Totta en zo ja hoe? 
WIL: "Het contract van WIL met Totta liep af op 1 januari 2020. Zodoende heeft de uitspraak geen gevolgen voor het gebruik van Totta bij WIL. WIL houdt de mogelijkheid open om in de toekomst gebruik te maken van algoritmes om fraude op te sporen. Voordat we dit doen voeren we een "gegevensbeschermingseffectbeoordeling"uit, in het Engels een Data Protection Impact Assessment (DPIA). Uit het DPIA blijkt welke risico’s er bij het gebruik van Totta, of een ander systeem, zijn op het gebied van privacy en informatieveiligheid. Hierbij houden we rekening met de op dat moment geldende gerechtelijke uitspraken en inzichten."

Waarom is de samenwerking met Totta on-hold gezet? 
WIL: "Door onderbezetting bij het team Handhaving is na het eerste kwartaal van 2019 geen gebruik meer gemaakt van Totta. Het contract met Totta liep tot 1 januari 2020 en is vanwege het capaciteitsgebrek niet verlengd."

Is het project na de evaluatie van 13/9/2018 in 2019 opnieuw geëvalueerd?  
WIL: Nee.

Totta is onlangs overgenomen door Blue Field Agency. Wordt de verwerkings-overeenkomst van WIL hierop aangepast en belanghebbenden geïnformeerd? WIL: "Dit is niet van toepassing aangezien WIL niet meer samenwerkt met Totta."


Voetnoten

Noot 1. Zie go.stylo.nl/algo

Openbare verwerkingsregister WIL - Op p2 en 4 wordt Totta genoemd, als ontvanger van de volgende data: BSN, NAW, emaildres, telefoonnummer, geboortedatum; gegevens over gezondheid, strafrecht, hinderlijk gedrag; signalen van het Inlichtingenbureau; anonieme meldingen; echtscheidingsvonnis; huurovereenkomst; bankafschriften, vermogensgegevens, hypotheekakte, internetgegevens, openbare en niet-openbare bronnen, inkomensgegevens, arbeidsgegevens, verblijfsgegevens, UWV, werkervaring, opleidingen, uitkeringen, vorderingen, polissen, maatregelen, huisvesting, leefvorm, trajectplan, participatieplaats, re-integratie, Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW). Betrokkenen: belanghebbende, (ex-) partner, kinderen, burgers en instanties die niet-anonieme meldingen verrichten. Doel: preventieve en repressieve handhaving van de Participatiewet.

Evaluatie pilot Totta 2018 (datum 13/9/2018 door Wim Janssen, projectleider): "Ter verbetering van de werking van het algoritme zijn er mogelijkheden om meer data in te brengen. Hoe meer relevante data gebruikt worden, hoe nauwkeuriger de voorspellingen zullen zijn. Te denken valt aan signalen die WIL reeds in bezit heeft of waarover wij geautomatiseerd kunnen beschikken, bijvoorbeeld de verschillende IB signalen (bankrekeningen, kentekens, inkomen, vermogen, Suwi). Eventueel kunnen in een later stadium nog data van externe partijen worden toegevoegd zoals energieverbruik, gegevens Belastingdienst, werkgever etc. WIL kan op grond van artikel 64 (...) over eerdergenoemde gegevens van externe partijen beschikken. Het is nog niet duidelijk of toevoegen van meer data leidt tot betere resultaten. Dit zal in nauw overleg met de medewerkers van Totta plaatsvinden. Naar de mening van Totta is het resultaat (de predictive power) het meest gebaat met het toevoegen van andere ‘domeinen’ aan informatie: door de klant zelf aangegeven informatie (social media, e-mails, open teksten). Totta adviseert eerder nieuwe (andere) informatie dan slimmere algoritmes."

Noot 2. Zie go.stylo.nl/algo

Voorstel MT 2015 voor pilot Totta (23/9/2015): "Totta was op zoek naar een gemeente om samen een studie/pilot uit te werken met betrekking tot fraudebestrijding. (...) Resultaat van het gesprek was de voorzichtige conclusie dat we elkaar wel wat te bieden hadden. (...) Op 17 september 2015 hebben zij een presentatie geven. (...) Totta wil graag een pilot draaien om met behulp van Machine Learning (ML) te bezien of zij een product kunnen ontwikkelen waarbij gemeenten op het gebied van fraude effectiever en goedkoper kunnen worden."

Spelen met licht

Als kind vond ik het heerlijk om met het lampeknopje te spelen en het licht te laten knipperen. Welk kind niet? De ontdekking van het licht is een bijzondere ervaring in een mensenleven, net als je vingers in het stopcontact steken.

Nu heb ik een plafondlamp met afstandsbediening gekocht en heb ik het lampeknopje niet meer nodig.

Maar om de afstandsbediening te installeren, moest ik de lamp eerst even resetten. Ja, je leest het goed, m'n plafondlamp resetten. Met het lampeknopje!

1 seconde aan, 6 seconden uit, 1 seconde aan, 6 seconden uit, 1 seconde aan, 6 seconden uit, 12 seconden aan, 6 seconden uit, 12 seconden aan, 6 seconden uit, dan weer AAN en de lamp gaat knipperen!

Ik denk dat ik voortaan elke dag mijn lamp ga resetten!

vrijdag 7 februari 2020

Persoonlijke levenssfeer

Zie voor informatie over WIL, Totta en SyRi het dossier Algo, korte link: go.stylo.nl/algo

Voor het politieke radioprogramma Daar Hou Ik U Aan van Omroep Houten volg ik onder andere Werk en Inkomen Lekstroom (WIL), de gemeenschappelijke sociale dienst van Houten, Nieuwegein,  IJsselstein, Lopik en tot voorkort Vianen. WIL doet in samenwerking met Totta in Amsterdam fraudeonderzoek met behulp van 'algoritmes'. Het systeem analyseert een bulk aan gegevens over bijstandsgerechtigden en vergelijkt die met bekende fraudegevallen. Door het herkennen - en leren - van patronen kan het systeem risico's op fraude signaleren. Het mooie van dit systeem is dat de onderzoekscapaciteit (tijd, geld, mensen) van de uitkeringsinstantie effiënt kan worden ingezet om onterechte uitkeringen aan te pakken. Het gaat immers om geld dat door de belastingbetalers moet worden opgebracht. Het risico daarentegen is dat de privacy (onnodig, overmatig) wordt geschonden of dat het systeem door het versterken van patronen discriminatie in de hand werkt (arme wijken -> meer bijstandstrekkers -> meer fraude -> meer fraudeonderzoek -> nog meer fraudegevallen in deze groep - eenzijdige aandacht etc.). Met deze risico's moet zorgvuldig worden omgegaan.

SyRi
Op 5 februari 2020 zette de rechtbank van Den Haag een streep door een ander systeem van de overheid, namelijk SyRi (Systeem Risico Indicatie). SyRi is geregeld in artikel 65 van de Wet SUWI (Structuur Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen). De rechtbank heeft dit artikel nu onverbindend verklaard, omdat het te zeer in strijd is met het recht op privéleven, zoals is vastgelegd in artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De overheid mag het systeem SyRi niet meer gebruiken.  

Totta
Het systeem van Totta, dat WIL gebruikt, is juridisch getoetst en zou aan alle wettelijke eisen voldoen. Ik vraag mij af of en in hoeverre hier door het vonnis van de rechter misschien anders tegenaan gekeken wordt en of het systeem van Totta nu ook zal worden aangevochten. Ik heb verschillende partijen om commentaar en hun visie gevraagd: WIL, Totta, het raadslid dat Houten vertegenwoordigt in het algemeen bestuur van WIL en de belangrijkste eiser in het SyRi-proces, het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten NJCM. De antwoorden wacht ik nog af.

Door verschillende geluiden ben ik wat sceptisch over de wijze waarop WIL met de eisen van de wet en de privacy omgaat. Aardige mensen daar, maar nogal eens naïef en onervaren. Ik heb daar al verschillende keren over geschreven. 

CompetenSys
Enkele jaren geleden - misschien nog wel - maakte WIL gebruik van CompetenSys, een systeem om gegevens over de persoonlijkheid en vaardigheden van uitkeringontvangers te verzamelen. Tamelijk onverwachts moesten cliënten van WIL hun ziel en zaligheid bloot geven aan dit systeem. Waar deze zeer gevoelige gegevens terechtkwamen, was onduidelijk.

Geanonimiseerd geef ik hier (enigszins aangepast en ingekort) een brief aan WIL weer over CompetenSys. Of hier ooit iets mee is gedaan, weet ik niet.

31-10-2016 aan WIL: "Het thuis invullen van de vragen zou 45 minuten in beslag nemen, maar het kostte me vier uren en als ik het zou onderbreken, dan had ik een nieuwe link nodig, was mij gezegd. Mijn opleidingen kwamen niet voor in de keuzemogelijkheden en de opties die wel gegeven werden kende ik niet. Het invullen duurde eindeloos. De vraag "bent u bereid om een aangeboden baan te aanvaarden" levert geen enkele praktische informatie op maar verkeerd invullen kan je je uitkering kosten, je bent immers verplicht elke baan te accepteren. De vragen werden steeds persoonlijker: er werd gevraagd naar schulden, medische gegevens en zelfs psychiatrische gegevens. In mijn ogen is dit onwettig vanwege het medisch beroepsgeheim. Er werd geen enkel veiligheidsprotocol getoond, de URL was mij onbekend en de naam CompetenSys zegt mij (nog steeds) niets. De relatie van ComptenSys met WIL werd niet aangegeven, welke medewerkers van CompetenSys, WIL of enige andere organisatie de (deels medische) informatie konden inzien werd niet vermeld. De consequenties van het niet (volledig) invullen werden niet aangegeven: overtreding van de informatieplicht (op straffe van inhouding van uitkering)? Na verzending was het niet mogelijk om de eigen gegevens nog in te zien (of je zou WIL hier langs juridische weg om moeten vragen, het is namelijk wettelijk verplicht) en er werd niet aangegeven wat er met de informatie gebeurt. Gezien een recente hack kan WIL kennelijk ook geen garantie geven dat de ingevulde medische en psychiatrische gegevens niet op straat komen te liggen."

Over die hack kan ik nog wel een aardige anekdote vertellen, die illustreert hoe zorgvuldig WIL met persoonlijke gegevens omgaat. Omroep Houten vroeg bij WIL de rapportage over het datalek op. Daarin waren - terecht - de persoonlijke gegevens zwartgemaakt. Dit was echter simpelweg gedaan met de accentueerfunctie van de tekstverwerker. Bij binnenkomst schakelde de omroepmedewerker de zwarte stift uit en alle vertrouwelijke informatie was gewoon zichtbaar. Maar ja, zwartgemaakt of niet, een journalist is ook nooit tevreden.