zondag 20 oktober 2019

World Giving Index

Deze maand is de tiende jaarlijkse World Giving Index verschenen. Dit is een door Gallup uitgevoerd onderzoek van de Britse Charities Aid Foundation (CAF). Het rapport is gebaseerd op de Gallup's World Poll, een continu onderzoeksproject in 143 landen, dat bij elkaar zo'n 95% (5,2 miljard mensen) van de wereldbevolking beslaat. In de meeste landen zijn 1000 vragenlijsten ingevuld door een representatieve doorsnee van de bevolking.

De kernvragen van dit onderzoek waren: "Heeft u in de afgelopen maand één van de volgende dingen gedaan: (1) Iemand geholpen die u niet kende en die hulp nodig had? (2) Geld gegeven aan een goed doel? (3) Vrijwilligerswerk gedaan voor een goed doel? Op elk van deze onderdelen is een scorelijst gemaakt en daarnaast een eindscore waarbij de drie onderdelen zijn samengenomen.

Van de 126 landen op de 'eindlijst' staat de Verenigde Staten op de eerste en China op de laatste plaats. Myanmar is tweede, Nieuw Zeeland - dat op alle drie vragen hoog scoort - derde.

Nederland

Nederland staat in de totaallijst op de achtste plaats en scoort vooral goed op vrijgevigheid. Met geld geven aan goede doelen staat Nederland vijfde, na Myanmar, Engeland, Malta en Thailand. 

Liberia en Sierra Leone

Opvallend - en voor mij bijzonder interessant vanwege mijn liefde voor Sweet Salone ofwel Sierra Leone - is de top 3 voor behulpzaamheid. Sierra Leone staat hiermee op de tweede plaats, na buurland Liberia op 1 en vóór de Verenigde Staten op 3. Voor vrijwilligerswerk staat Sierra Leone op de zeventiende plaats en wat betreft geld geven op de 79ste plaats. Dat laatste is niet onbegrijpelijk als je bedenkt dat Sierra Leone één van de armste landen van de wereld is. Maar de mensen daar zijn gewend om elkaar te helpen in nood.

België

België komt op de 42ste plaats (hulpvaardigheid 72ste, vrijgevigheid 30ste, vrijwilligerswerk 39ste). Het verschil tussen deze twee buurlanden is ook in België opgevallen. Het Nieuwsblad wijdt er een artikel aan. Belgen zijn "gieriger" dan de Hollanders, hoe kan dat?

Professor Walter Weyns, socioloog en cultuurcriticus van de Universiteit Antwerpen heeft daar wel een verklaring voor. “Nederland verdient de naam van ‘gierig zijn’ niet als het gaat over liefdadigheid. Zij sluiten dichter aan bij de Angelsaksische wereld en de VS en het ligt een beetje verankerd in die protestantse cultuur om de gemeenschap te ondersteunen met particuliere giften."

De socioloog gaat verder:“Wij Belgen leunen meer aan bij de Latijnse cultuur. We gaan ervan uit dat het openbare leven voornamelijk gestuurd wordt door de staat en daar staan we een beetje huiverachtig tegenover. Die wortels gaan terug tot in de zestiende eeuw. Op die manier zijn wij als individu dus iets minder geneigd om gratuit en gul bij te dragen aan allerlei initiatieven en is onze houding tegenover collectieve verwachtingen anders dan in Nederland. Je merkt dat ook: als een tv-zender een of andere actie opzet, haalt datzelfde project minder op in Vlaanderen dan in Nederland.”

Bronnen: 
Charities Aid Foundation CAF
Word Giving Index 10 (PDF 28p)
Nieuwsblad 19.10.19



donderdag 10 oktober 2019

Nieuwe identiteit

Vandaag heb ik een nieuwe identiteit gekregen.

Nou ja, ik bedoel mijn BTW-ID. Het oude BTW-nummer bestaat uit mijn sofi-nummer, tegenwoordig burgerservicenummer geheten. Tientallen jaren moest ik dat nummer wettelijk verplicht overal van de daken schreeuwen, zoals op mijn website en facturen, terwijl dezelfde overheid er aan de andere kant op aandrong het nummer privé te houden om identiteitsfraude te voorkomen. Al die jaren was deze tegenstrijdigheid voor mij en vele anderen zowel een ergernis als een bron van vermaak.

Nu heeft de Autoriteit Persoonsgegevens de Belastingdienst op de vingers getikt en duidelijk gemaakt dat het onrechtmatig is om te pas en te onpas van burgers te vragen hun persoonsgebonden nummer bekend te maken. Daarom heeft de Belastingdienst nu nieuwe BTW-identiteitsnummers uitgegeven, naast het BTW-nummer dat voor de communicatie met de Belastingdienst wel blijft bestaan.

Het oude BTW-nummer heb ik vanmiddag meteen van m'n website gehaald en vervangen door de nieuwe BTW-ID. Tot het eind van het jaar prijken beide nummers op mijn facturen, dan gaat ook daar mijn BSN van af.

Eigenlijk zou ik natuurlijk een nieuw burgerservicenummer moeten krijgen. Ik heb dat immers jarenlang rond moeten strooien en volgens de Autoriteit Persoonsgegevens is daarmee mijn privacy geschonden. Dat is niet met terugwerkende kracht goed te maken. Ik vroeg me af hoe een rechtszaak tegen de overheid zou verlopen als iemand op grond van deze constatering een nieuw burgerservicenummer eist en wat de gevolgen zouden zijn als de overheid vervolgens alle zzp'ers een nieuw BSN zou moeten verstrekken.

Even speelde ik met de gedachte om een nieuw burgerservicenummer aan te vragen en te zien hoe de overheid reageert. Maar dat vind ik toch te veel gedoe en laat ik liever aan een ander over.

Groen netwerk

Eind september verscheen het Ringpark Magazine, een uitgave van de provincie Utrecht en de Vereniging Deltametropool. Het Utrechts 'Ringpark' brengt groene gebieden samen in een groot netwerk. Het ringpark is niet een concreet park maar een concept, dat uitgaat van vier ringen in en rond elke stad of dorp. De eerste ring is de historische kern. Stads- en dorpsparken vormen de tweede ring en een dorps- of stadsrandzone de derde ring. Het platteland is de buitenste ring. Binnen dit concept worden deze ringen verbonden, zodat er een groen netwerk ontstaat dat steden en dorpen verbindt met het buitengebied. Het Ringpark Magazine ofwel 'Ring! Ring! Ring! Ring!' is via de website van de provincie te downloaden of te bestellen.

Meer groen nieuws. Begin oktober hebben de Utrechtse gedeputeerde Hanke Bruins Slot en de Houtense wethouder en voorzitter van het Recreatieschap Stichtse Groenlanden Herman Geerdes in Nieuwegein de eerste paal geslagen van het nieuwe Wandelroutenetwerk Kromme Rijnstreek. De komende maanden worden meer routepalen en bordjes aangebracht en naar verwachting is het wandelnetwerk in maart 2020 gereed. Bij het realiseren en op elkaar aansluiten van de wandelroutes werken het recreatieschap en de gemeenten Bunnik, De Bilt, Houten, Nieuwegein, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist samen. Het nieuwe netwerk beslaat ongeveer 500 kilometer aan wandelpaden en 400 knooppunten en sluit aan op de 1100 kilometer aan eerder gerealiseerde Wandelnetwerken Groene Hart Utrecht-West en Utrecht-Midden.
Bron: 't Groentje Bunniks Nieuws 9.10.19

maandag 7 oktober 2019

Zetelroof

Tweedekamerlid Wybren van Haga, die twee weken geleden uit de VVD-fractie is gezet, heeft besloten om zijn zetel niet op te geven. Dat vind ik geen goede beslissing. Hij zou er goed aan doen te vertrekken. Maar laat iedereen die het woord "zetelroof" in de mond neemt, zijn mond spoelen met Dubro Citroen (schuimt nog volop). 

"Zetelroof" veronderstelt dat je de zetel van iemand anders afpakt en dat deze dus van iemand anders is. Maar hoewel de meeste kamerleden binnenkomen op de slipstream van hun partij en lijsttrekker, toch blijft het principe overeind - móet in mijn ogen overeind blijven - dat elk kamerlid het gehele Nederlandse volk vertegenwoordigt, stemt zonder last of ruggespraak, zijn geweten volgt en zelf verantwoordelijkheid draagt voor zijn keuzes.

Dat die vrijheid is ingeperkt door de politieke werkelijkheid, partijprogramma's en zwaar uitonderhandelde akkoorden doet aan dat uitgangspunt niet af. De waarheid ligt ergens in het midden. Alleen verkiezingen en de geloofsbrieven (het bewijs dat iemand aan de objectieve voorwaarden voor het kamerlid voldoet) vormen de basis voor een kamerzetel.

Het alternatief is namelijk dat de zetel inderdaad aan iemand anders toebehoort en dat het aan de fractievoorzitter of partij is om een voorraadje kamerzetels uit te delen en dat elk kamerlid dat zich niet gedienstig gedraagt door de baas kan worden ontslagen. 

Dat model zou Wybren van Haga trouwens vast wel aanspreken. Hij blijft om als ondernemer op te komen voor de ondernemers.

Zie ook:
NOS 7.10.19 Oud-VVD-fractielid Van Haga neemt Kamerzetel mee 

zondag 6 oktober 2019

Moeder uitgezwaaid

In Aircrash Investigation op National Geographic vanmiddag het neerstorten van een vliegtuig van Garuda bij Medan op 26 september 1997. Ik heb deze aflevering al vaker gezien. Alle 152 passagiers kwamen om, de grootste vliegramp in de geschiedenis van Indonesië. Die dag heb ik onbedaarlijk gehuild. Mijn moeder zat op dat moment in een vliegtuig van Garuda onderweg naar Medan.

Mijn moeder ging op bezoek bij haar broer in Australië. Haar broer, mijn omke Symen, is begin jaren '50 met zijn gezin geëmigreerd. Niemand van de familie in Nederland was nadien ooit daar op bezoek geweest. Mijn moeder was inmiddels de 70 gepasseerd en haar broer 82, ze vond het tijd om hem op te zoeken. Maar ze had nog nooit gevlogen en was nauwelijks over de grens geweest.

In diezelfde periode wilde de vrouw van mijn broer haar oom en tante in Australië bezoeken. Zo ontstond het plan om samen via Indonesië te vliegen, zodat mijn moeder op de eerste vlucht van haar leven gezelschap en begeleiding had. Ze boekten een Garuda-vlucht via Medan naar Djakarta. Van daaruit zou mijn schoonzus naar Brisbane in het Oosten en mijn moeder naar Perth in het Westen van Australië vliegen.

Maar op Schiphol bleek de vlucht geannuleerd. Al dagen waren de bosbranden in Indonesië in het nieuws. Boeren staken hun velden en stukken bos in brand om nieuwe akkers aan te leggen. Zoals wel vaker, waren de branden uit de hand gelopen en er hing een grote mist over grote delen van het land en verder. Vliegen was onveilig geworden.

Grote spanning op Schiphol, lange tijd bleef onduidelijk hoe het verder zou gaan. M'n schoonzus kon als eerste overgeboekt worden op een andere vlucht met aansluiting naar Brisbane. Mijn moeder zou met een bus naar een hotel in Leiden worden gebracht en daar op kosten van Garuda overnachten, in afwachting van een geschikte vlucht. Mijn vader twijfelde nu of hij zijn vrouw wel alleen had moeten laten gaan. Mijn moeder aarzelde ook. "Maar als ik niet ga, Ytzen, wie dan?" Ineens besefte ik dat ze het als haar heilige plicht zag om haar broer te bezoeken. Ze was altijd trouw aan haar familie, wat er ook gebeurt. Maar nu zag ze toch wel op tegen de vlucht, ik zag een moment van angst in de ogen van m'n nuchtere, altijd onderkoelde moeder. "Ga je mee?", vroeg ze.

Terwijl mijn moeder met de bus naar Leiden werd gebracht, reisde ik hals over kop naar het Australische consulaat in Amsterdam. Binnen twee uur had ik een visum voor Australië in mijn paspoort. Ik had geen ja of nee gezegd op de vraag van mijn moeder, maar ja was geen optie zonder visum. Met de trein reisde ik vervolgens van Amsterdam naar Leiden, waar mijn moeder net een rijk Indonesisch buffet voorgeschoteld kreeg. Als m'n moeder iets niet eet is het scherp gekruid eten, dus in elk geval kon ik die taak van haar overnemen. Ik vroeg haar of ze nog wilde dat ik meeging. Ze was inmiddels weer tot rust gekomen en voelde zich sterk genoeg om in haar eentje de grote reis te aanvaarden. De volgende morgen in alle vroegte kon ze vertrekken.

Mijn vader en ik waren weer vroeg op Schiphol om haar uit te zwaaien. Nadat we afscheid hadden genomen gingen we op het dakterras staan om het vliegtuig te zien vertrekken. We konden het zien opstijgen en minutenlang steeds kleiner zien worden totdat het als een klein puntje in de wolken verdween. Bedrukt staarden we nog een poosje naar de lucht. Door alle gedoe rond de vlucht was ons ontspannen optimisme verdwenen, ik besefte dat er iets kon gebeuren waardoor ik haar nooit terug zou zien. Maar dat zou zo'n vaart niet lopen, vliegen is immers veilig. Maar dan besefte ik dat ze hoe dan ook ooit uit mijn leven zou verdwijnen, als een steeds kleiner wordend puntje in de lucht en dat dit afscheid onafwendbaar zou zijn.

Thuisgekomen in Utrecht moest ik huilen. Helemaal leeg en doodmoe van het vroege opstaan en de spanning viel ik daarna op de bank in slaap. Tegen twaalven werd ik wakker en zette ik de televisie aan. Het journaal opende met het nieuws van een vliegtuig van Garuda dat door de bosbranden was neergestort bij Medan. Het vliegtuig had in de dichte mist een verkeerde draai gemaakt en was tegen de bergen gevlogen. Het journaal was nog niet voorbij of mijn vader belde, met overgeslagen stem. We vertelden elkaar dat zij niet in dit vliegtuig kon zitten, ze was nog niet eens halverwege. Maar we konden onze emoties niet verbergen.

Mijn moeder redde zich ondertussen uitstekend, zo bleek later toen ze thuiskwam met verhalen. Haar vliegtuig was omgeleid van Medan naar Djakarta en zou daarna alsnog doorvliegen naar Medan. Ze besloot in Djakarta te wachten op haar vlucht naar Perth en bleek zich, met alleen lagere school maar een goed stel hersens en een open blik, goed te kunnen redden in het Engels en met handen en voeten. Luchtvaarttermen als check in, gate en departure had ik voor haar op een papiertje gezet.

Die dag heb ik dus gehuild om het afscheid van m'n moeder en ik vroeg mij af of je op voorraad kan huilen. Ja dat kan. Jaren daarvoor had ik over deze vraag al eens nagedacht, bij het schrijven van een verhaal over mijn moeders afscheid van háár moeder, toen ze dertien was. Ik schreef (samengevat):

<< "Het schijnt dat ik veel huilde toen". De vader kijkt niet begrijpend. "De dag van mijn geboorte". De vader knikt en kijkt mild glimlachend voor zich uit. "Ik huil niet minder nu. Ik verspreid alleen mijn tranen beter over de jaren." >>

Precies vijftien jaar nadat ik mijn moeder uitzwaaide, hebben we haar begraven (27-09-12). Ik heb die dag niet gehuild. Dat had ik al gedaan.