zaterdag 26 september 2020

Zeg maar dag tegen kernwapens

Vandaag, 26 september, is het de internationale dag voor de totale uitbanning van kernwapens. Deze dag is ingesteld door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties om de VN-doelstelling van totale uitbanning van kernwapens te bevorderen, door regeringsleiders en publiek bewust te maken van de bedreiging die deze wapens vormen voor de mensheid. Men hoopt dat de aandacht en activiteiten van deze dag zullen helpen om nieuwe internationale inspanningen te mobiliseren voor het gemeenschappelijke doel van een kernwapenvrije wereld.

Wereldwijde nucleaire ontwapening is een van de oudste doelstellingen van de Verenigde Naties. Het was onderwerp van de eerste resolutie van de Algemene Vergadering in 1946 (toen gastland Amerika nog de enige kernmacht was - YL), waarbij een Commissie voor Atoomenergie werd opgericht met het mandaat om specifieke voorstellen te doen voor de controle van kernenergie en het uitbannen van atoomwapens en alle andere massavernietigingswapens. Elke opeenvolgende secretaris-generaal van de VN heeft dit doel nadien actief gepromoot.

Ondanks diverse ontwapeningsverdragen zijn er vandaag de dag, volgens de VN, toch nog ongeveer 13.400 kernwapens over. Landen die dergelijke wapens bezitten, hebben langetermijnplannen om hun nucleaire arsenaal te moderniseren. Meer dan de helft van de wereldbevolking leeft in landen die zulke wapens bezitten of lid zijn van nucleaire allianties. Het aantal operationele kernwapens is sinds het einde van Koude Oorlog aanzienlijk afgenomen, maar de kernwapens zijn niet fysiek vernietigd. Bovendien zijn er momenteel geen onderhandelingen over nucleaire ontwapening. De doctrine van nucleaire afschrikking blijft een element van het veiligheidsbeleid van alle bezittende staten en veel van hun bondgenoten (waaronder Nederland - YL).

Internationale wapenbeheersing komt steeds meer onder druk te staan. Op 2 augustus 2019 trokken de Verenigde Staten zich terug uit het verdrag over de beperking van atoomwapens voor de middellange afstand (Intermediate-Range Nuclear Forces Treaty). Het verdrag voor de beperking van strategische langeafstandswapens (START) loopt februari 2021 af.

Volgens de VN neemt de frustratie onder veel lidstaten over het trage tempo van nucleaire ontwapening toe en is er groeiende bezorgdheid over de catastrofale gevolgen van het gebruik van zelfs maar een enkel kernwapen, laat staan ​​een regionale of mondiale nucleaire oorlog.

-----

Bron (samenvattend vertaald door YL): 

Lees mijn eerdere blogs over nucleaire ontwapening:

9 augustus 2005 Houd de dief!

2 juli 2007 Onvermijdelijk immoreel

27 maart 2008 Kernwapenvrije wereld

29 oktober 2008 Tijd terug

29 oktober 2013 Rode Kruis: Kernwapens nooit toestaan

24 juni 2020 Arms control

3 juli 2020 Nuclear sharing is caring?

-----


vrijdag 25 september 2020

Strippenkaart

Op Facebook plaatst Frans Hikspoors een plaatje "uit de oude doos": een setje strippenkaarten. Uit de commentaren blijkt dat voor jonge mensen de afgeschafte strippenkaart al weer een onbekend fenomeen is, terwijl hele oude mensen zoals ik nog nauwelijks van deze nieuwigheid zijn bekomen.  

Toen mijn vriendin en ik in december 1980 na een jaartje reizen door Noord-Amerika weer thuis kwamen en van Rotterdam Centraal met de tram naar haar ouders in Rotterdam Kralingen wilden reizen, vielen we bijna van schrik uit de tram toen we bij de bestuurder een kaartje wilden kopen en botweg te horen kregen: "meneer, mevrouw, het kaartje bestaat niet meer". Je bent even weg en in de tussentijd zijn zomaar de bus- en tramkaartjes afgeschaft en vervangen door een strippenkaart waar we op dat moment helemaal niets van begrepen. Het vergde nog wat tijd voordat we de begrippen zones en basisstrip helemaal onder de knie kregen. De meeste mensen die gewoon thuis waren gebleven hadden daar al heel wat over te horen gekregen. De strippenkaart was voor hun al weer oud nieuws, want toen wij aankwamen had iedereen het over Kinderen voor Kinderen, die dat jaar voor het eerst de Vara Speelgoedactie (giro 12345) had vervangen.

Sickle Cell Awareness

This blog was translated from Dutch/Nederlands

This month September is National Sickle Cell Awareness Month in America. I was made aware of this earlier this month by a White House tweet (@WhiteHouse). This special month was set by the United States Congress and 'declared' by the president. The American sicklecell disease patients' organisation has a special website about the activities and points of interest.

I immediately forwarded the link to a Dutch friend of African descent who now lives in America and who suffers from this disease. In my circle of friends I know several people with sickle cell anemia. It is an inheritable disease common in West Africa. Due to a gene abnormality, the red blood cells are not closed as a circle, but semi-circular and open, in the shape of a sickle. Such a semi-open blood cell is less able to transport an oxygen cell and this abnormality leads to a severe form of anemia.

The disease is accompanied by severe pain attacks. I have witnessed this once. Another time I was going to meet a friend at her house but I received a phone call on my way that I had to travel on to the Academic Medical Centre in Amsterdam. There I found her rather cheerful again on an examination stretcher. The pain attack was over, but she still needed to gain strength. Earlier, in high school she had passed out in class one day due to anemia and she was rushed to hospital by ambulance. The attacks are controlled with pain relief and, if necessary, oxygen, fluid infusion or blood transfusion. Healing is not possible. The disease can eventually lead to serious damage to the organs and be life-threatening in the long term.

There is an evolutionary and practical link between sickle cell and malaria. The malaria parasite attacks the red blood cells and becomes deadly, but due to the sickle shape and the shorter lifespan of the red blood cells, the parasite is less likely succesful in a sickle cell sufferer. Conversely, by surviving malaria this gene abnormality in West Africa is more strongly passed on to subsequent generations. Only recently someone pointed out this connection to me and that immediately made a lot clear to me. The first time, years ago, that a friend from Sierra Leone texted me that she had malaria, I was shocked. For us Westerners, malaria can be deadly within days. Before, during and after my visit to Sierra Leone I had to take malaria tablets every day. I know of a Dutch family where a few days after a holiday in Africa the mother unexpectedly fell ill at home during the night and died very soon after. Malaria is a deadly disease for us. But my African friend sent me a happy photo from the hospital a few hours after her first disturbing message. She was feeling much better the same day.

Afterwards I received apps and photo's from Sierre Leone countless times. "Uncle Ytzen, I am sick". When I ask what's wrong, most of the time it's malaria. Like our "flu". I almost always get a picture of the patient on a stretcher in the hospital or at home on the couch with an IV (intravenous drip). Mother or child have rushed from work or school to hospital or home, but after the "drip" they feel a lot better the same day and often they can go back to school or work the next day. The bitter and sad thing is that this dear African friend, who texted fairly carefree about her malaria, died a few years later of complications from another disease common to West African women, namely fibroids, benign tumors in the womb. Due to serious blood loss she did not survive an operation. The average life expectancy in Sierra Leone, one of the poorest countries in the world, is now about 54 years. (*)

Awareness of poverty, inadequate health care and genetic diseases still is very important. 


(*) Just today (September 25th) the yearly statistics for life expectancy in the Netherlands were published: appr. 80 years for men and 83 years for women. 

Sickle Cell Awareness

See English translation

In Amerika is het deze maand september National Sickle Cell Awareness Month. Ik werd hier eerder deze maand op geattendeerd door een tweet van het Witte Huis (@WhiteHouse). De maand is ingesteld door het Amerikaanse Congres en 'uitgeroepen' door de president. De Amerikaanse patiëntenvereniging heeft een speciale website over de activiteiten en aandachtspunten. 

De link naar deze website heb ik meteen doorgestuurd aan een Nederlandse vriendin van Afrikaanse afkomst die nu in Amerika woont en die aan deze ziekte lijdt. In mijn vriendenkring ken ik meerdere mensen met sikkelcel-anemie. Het is een erfelijke ziekte die veel voorkomt in West-Afrika. Door een genafwijking zijn de rode bloedlichaampjes niet gesloten als een cirkel maar halfrond en open, in de vorm van een sikkel. Zo'n half open bloedlichaampje kan minder goed een zuurstofcel vervoeren en daardoor leidt deze afwijking tot een ernstige vorm van bloedarmoede (anemie). 

De ziekte gaat gepaard met heftige pijnaanvallen. Ik ben daar wel eens getuige van geweest. Een andere keer had ik bij een vriendin thuis afgesproken maar kreeg ik onderweg een telefoontje dat ik door moest reizen naar het AMC in Amsterdam. Daar trof ik haar overigens al weer vrij vrolijk glimlachend aan op een onderzoekstafel. De pijnaanval was voorbij, maar ze moest nog wel aansterken. Op de middelbare school was zij door bloedarmoede ook al eens flauwgevallen in de klas en met een ambulance met spoed naar het ziekenhuis gebracht. De aanvallen worden bestreden met pijnstilling en het zo nodig toedienen van zuurstof, een vochtinfuus of bloedtransfusie. Genezing is niet mogelijk. De ziekte kan op den duur lijden tot ernstige schade aan de organen en daardoor uiteindelijk levensbedreigend zijn. 

Er is een evolutionair en praktisch verband tussen sikkelcel en malaria. De malariaparasiet grijpt de rode bloedlichaampjes aan en is daardoor dodelijk, maar door de sikkelvorm en de kortere levensduur van de rode bloedlichaampjes maakt de parasiet bij een sikkelcellijder minder kans. Omgekeerd wordt de genafwijking in West-Afrika door de immuniteit tegen malaria sterker doorgegeven aan volgende generaties. Pas onlangs wees iemand mij op dit verband en dat maakte voor mij meteen veel duidelijk. De eerste keer, jaren geleden, dat een vriendin uit Sierra Leone mij appte dat ze malaria had, schrok ik enorm. Voor ons westerlingen kan malaria binnen een paar dagen dodelijk zijn. Voor, tijdens en na mijn bezoek aan Sierra Leone moest ik dagelijks malariatabletten slikken. Ik weet van een Nederlands gezin waar de moeder enkele dagen na een vakantie in Afrika thuis in de nacht onverwachts ziek werd en heel snel daarna is overleden. Malaria is voor ons een dodelijke ziekte. Maar mijn Afrikaanse vriendin stuurde mij enkele uren na het eerste verontrustende bericht een vrolijke foto uit het ziekenhuis. Ze was dezelfde dag al weer beter. 

Nadien heb ik talloze keren uit Sierre Leone een appje en een foto gehad. "Uncle Ytzen, I'm sick". Als ik vraag wat er scheelt, dan is het steevast malaria. Zoals bij ons "griep". Bijna altijd krijg ik dan een foto van de patiënt op een stretcher in het ziekenhuis of thuis op de bank aan het infuus. Moeder of kind is van werk of school naar het ziekenhuis of huis gespoed, maar na de "drip" voelen ze zich dezelfde dag al weer een stuk beter en vaak kunnen ze de volgende dag al weer naar school of werk. Het wrange en verdrietige is dat deze lieve Afrikaanse vriendin, die zo tamelijk onbezorgd appte over haar malaria, een aantal jaren later is overleden aan complicaties bij een andere ziekte die heel veel voorkomt bij West-Afrikaanse vrouwen, namelijk fibroids, goedaardige tumoren in de baarmoeder. Door ernstig bloedverlies heeft zij een operatie niet overleefd. De gemiddelde levensverwachting in Sierra Leone, één van de allerarmste landen van de wereld, is nu ongeveer 54 jaar.

Awareness van armoede, gebrekkige gezondheidszorg en genetische ziektes is bepaald niet overbodig.   

Bronnen:
National Sickle Cell Awareness Month
Verklaring president Donald Trump (PDF 4p)
Wikipedia: Sikkelcelanemie
Het Sikkelcelfonds: Wat is sikkelcelziekte


donderdag 24 september 2020

Hoge positie

 "Het blijven toch je kinderen", zeg ik altijd van mijn huurders. Ook als ze al lang vertrokken zijn en een gezin hebben, blijf ik hun wel en wee volgen. Eén van mijn jongens heeft nu een internationale carrière als bestuurder. Hij is chauffeur op zo'n mooie grote rode Londense bus. Mijn huidige huisgenoot werkt bij een elektrotechnisch bedrijf. Soms werkt hij maandenlang op één project, maar deze week is hij elke dag weer ergens anders. Dus heeft hij ook veel te verhalen. Maandag klom hij hoog in de toren van zender Lopik (te IJsselstein moet ik er bij zeggen, anders wordt mijn IJsselsteinse vriend boos). De zendmast kon ik ooit vanuit mijn slaapkamer zien, toen nog niet alles was volgebouwd, en in december is het de grootste kerstboom van Nederland. Ik foeterde dat ik niet met hem mee mocht de toren in. Dinsdag werkte hij de hele dag in stadion Galgenwaard van FC Utrecht. "Wel scoren, hè!", appte ik hem halverwege de dag. Woensdag was hij al om drie uur thuis. "Hé, dit kan niet,  hè", riep ik, "we gaan een halve dag van je salaris inhouden". Maar hij vertelde dat hij vroeg in de ochtend al begonnen was op een tijdstip waarvan ik niet eens wist dat het bestond. Vandaag stuurde hij mij foto's en een video vanuit een toren bij de RAI in Amsterdam. Als iemand mij op een feestje vraagt: "En? Wat doet die jongen van jou tegenwoordig?", dan kan ik zeggen: "Hij heeft een hoge positie op de Zuidas". 

woensdag 16 september 2020

De Hoornaar en de Dar

De provincie Utrecht heeft een wespennest laten verwijderen. Het gaat om de Aziatische Hoornaar, een grote wespensoort die niet gevaarlijker is dan een gewone wesp maar grote schade kan aanrichten in de natuur. Deze wesp hoort hier niet thuis, het is een invasieve exoot, wat mij in de oren klinkt als een intensieve idioot. Het gaat mij dus weer om taal. De warendienst NVWA gaat onderzoek doen naar het vlieggedrag van deze grote wesp met drones. Als je weet dat een drone een mannetjesbij is (in het Nederlands een dar), dan zie je het beeld al voor je: een bij die de wesp gaat volgen. Wie het hardste kan zoemen.


vrijdag 11 september 2020

Effatha

"Maak je borst maar nat", had de doktersassistente niet gezegd, maar "hou het bakje zelf maar vast", toen ze mijn oor ging uitspuiten. Met de armen omhoog het bakje moeizaam boven mijn schouder houdend, had ik geen enkel besef van waterpas en op een gegeven moment voelde ik een druppel. Het leek wel mee te vallen, alleen de mouw van mijn trui was bij de pols wat nat. Maar thuisgekomen, zag ik dat onder mijn trui het water vanaf mijn hals over mijn hele borst gegutst was tot aan de taille toe en moest ik een droge bloes aan doen. Maar intussen had er een wonderbaarlijke genezing plaatsgevonden: ik kon weer horen! Ik pakte mijn gitaar en zong een vreugdevol lied, waarbij de gitaar weer helder en schel klonk en mijn stem niet meer van verre. Maar toen ik even later naar Utrecht fietste, klonk de stilte van de natuur als een voorbij denderende trein. Het volume in mijn brein moest nog een beetje worden bijgesteld. 

woensdag 9 september 2020

Alfrink en Simonis

Vandaag is het afscheid van kardinaal Simonis in de Catharinakathedraal in Utrecht. Het herinnert mij eraan hoe mijn moeder en ik getuige waren van de 'uitvaart' van kardinaal Alfrink, dat wil zeggen het moment dat zijn kist de kerk werd uitgedragen en eerder die dag de aankomst van alle bisschoppen in vol ornaat. De benoeming van Simonis, eerst als bisschop van Rotterdam en later als aartsbisschop van Utrecht was in feite de reactie uit Rome op de frisse wind die Alfrink door de kerk had laten waaien. De gelovigen waren op de tocht geraakt en de paus had besloten het raam weer stevig dicht te doen. 

Lees mijn blog Actuele kerkgeschiedenis van 8-2-2019

maandag 7 september 2020

Kippenlijn naar Duitsland

Nadat ik het graf van mijn tien jaar geleden overleden broer Johan had geboend, kip gegeten (when in Barneveld...) bij mijn (al 61 jaar) vriendje Jaap en zijn lieftallige vrouw Celia en na het toetje had voorgedragen uit mijn nooit geschreven tiendelige memoiresreeks, was het onverwachts toch laat geworden. Ik moet nu echt gaan, zei ik om tien uur, voordat de Valleilijn failliet is en ik niet meer thuis kan komen. Er is niemand die de concessie van de aloude kippenlijn wil overnemen, had ik in de krant gelezen. Zo stapte ik zondagavond laat op de trein in Barneveld, het rustige Veluwedorp waar ik ben opgegroeid. Vroeger zag je er geen kip, maar the Chicken Village is inmiddels veel internationaler geworden, merkte ik. Net voor het instappen kwam er een jonge man naar mij toe, die mij vroeg: "Is this the train to Germany?" Ik legde hem uit dat dit de trein naar Amersfoort was die hij inderdaad nodig had om in Duitsland te komen, maar dat dit na tien uur in de avond misschien niet meteen meer zou lukken. Hij had geen bagage bij zich en geen mondkapje. Of hij helemaal helder was betwijfelde ik, maar de drank in zijn hand was een milkshake. Bij het instappen gaf ik hem snel een schoon mondkapje. De deur had zich al achter ons gesloten, maar ging op het laatste moment weer open voor nóg een passagier. Die had kennelijk gezien dat ik mondkapjes bij me had en in het Engels vroeg hij of hij er één van mij kon kopen, hij had zijn portemonnee al open. Ik gaf hem het laatste schone mondkapje uit het pakje en zei hem dat hij niet hoefde te betalen. "It's for our health", motiveerde ik mijn geste idealistisch. 

Omdat ik de Duitslandganger niet helemaal vertrouwde, zei ik tegen hem: "We need social distancing" - o , wat een heerlijk excuus - en ik ging een eindje bij hem vandaan zitten in de bijna lege trein. Toch wilde ik wel even weten welke kans hij maakte om op het laatste uur van de dag nog richting Duitsland over te stappen. In de reisapp zag ik al gauw dat de eerste trein pas de volgende ochtend om half acht zou gaan. Bij de volgende stop zag ik de man opstaan, vragend rondkijken en naar de informatiemonitor lopen. Ik vertelde hem dat Amersfoort het eindstation was, na Barneveld Centrum, waar we waren ingestapt, Barneveld Noord en Hoevelaken. Hij bleek naar Berlijn te willen, ik vertelde hem dat er overdag om de paar uur een rechtstreekse trein naar Berlijn gaat en in de ochtend vanaf half acht een paar treinen met overstap in Hannover, zoals ik net had gezien. Hij zou dus in Amersfoort moeten overnachten. 

Bij het uitstappen wees ik hem richting stationshal, waar hij dan maar verder moest vragen. Hij vroeg of ik ook naar Duitsland moest - wat kennelijk heel aannemelijk is als je in Hühnerdorf op de trein stapt - maar ik zei dat ik moest overstappen naar een Nederlandse plaats in de andere richting. Hij bleek zelf uit Duitsland te komen en ik schakelde van Engels over op Duits. "Ich muss unbedingt heute noch nach Deutschland", zei hij, alsof hij toch niet besefte dat heute nog maar eine Stunde duurde. Ik had helaas geen tijd om verder te praten: waren er ernstige familieomstandigheden, was hij slachtoffer of dader van een misdaad, misschien bestolen, was hij in de war? Ik wees naar de stationshal en hoop dat de goede stad Amersfoort zich deze nacht over hem heeft ontfermd.

vrijdag 4 september 2020

Non

Bij werk had ze ingevuld: non.

Niet wat je verwacht op een datingsite.

Maar het leek me een interessant onderwerp voor een goed gesprek, dus ik zwiepte haar naar rechts.

Veel ben ik niet over haar te weten gekomen, want ze bleek Franstalig.

En als ik haar naar haar werk vroeg, bleef ze herhalen: non, non!

donderdag 3 september 2020

Y not

Wednesday I did some sightseeing in Amsterdam with two young girls who had just come from London, and of course the highlight of the day was a visit to MacDonald's. There are about five of them around the boring Dam square with the royal palace, the national monument and the very old New Church, where nowadays modern exhibitions and events are held. 

Luckily the girls knew how to order. I had no idea what they were doing, since I never had macdonaldsology in my curriculum. It was only when I put my bank card into the machine and pushed the OK button that I realized that I could have taken a six years academic course on the subject for that money. I remember a few years ago I managed to order a meal at MacDonald's all by myself, it was called a happy meal and didn't seem too complicated considering my age, but after the meal I wondered why there was a plastic toy at the bottom of the package. 

In this MacDonald's near the Dam I noticed that I didn't see or hear much Dutch around me, also my lovely company giggled on in English. So I was happy to see a few Dutch words on a piece of paper stuck to the gent's room door: "De badkamer is kapot". Broken. Unfortunately the door was locked, I wouldn't expect a bath or shower (badkamer) in the gents' toilet (bathroom) of MacDonald's. It was obvious that this Dutch notice wasn't written by a Dutch native speaker. It made me smile. I made a picture and put it on Facebook. This lead to a conversation with my cousin Liz in Australia. At some point she said: "Ridiculous to not be able to go to the toilet at Maccas". She explained: "We call Macdonalds Maccas in Australia. Rockingham is Rocko or Rocky City. Fremantle is Freo. We are a strange lot." I replied: "Don't tell me that next they'll call Elizabeth Liz."

This brought us to a new subject - namely: nicknames, names of endearment or the abbreviation of names - when my cousin Elizabeth or Liz replied : "Yep, they do. Or Betty, Lisa, Elly, Elsie, Beth. The queen got called Lillibet when she was young. But please don't call me Lillibet. Oooh, no way. My mum wanted me to remain Elizabeth, but my brothers called me Liz and it stuck. My dad used to call me Liske."

"Do the Dutch shorten names?", she asked. Well, I have some opinions on that matter, so I wrote a long reply. 

Do the Dutch shorten names? Some do, others don't. There are individual and regional differences. Many (Dutch) names are already abbreviations, like the Dutch name Ria obviously comes from Maria, Kees or Cees (and also Nelis) from Cornelis, Jaap, Japie, Jappie (and also Kobus) from Jacobus, like Jim or Jack from James.

Personally I seldom mention someone by abbreviation or nickname. For me, someone's name or the name that someone introduces himself with is in fact holy. I am not only called Ytzen, I am Ytzen. As if I could never have had an other name. It also connects me to pake Ytzen, my grandfather, with whom I've always felt a strong connection. Though sometimes I jokingly say that I'm the leader of a Buddhist sect, the so called Yt Zen branche.

I always 'fight' to get my name in full and not just the initial Y. (Why? Y's not my name.) On forms, mail, bank cards and so on. This wasn't a problem here until a few decades ago. In the phonebook, bank account and cards my name was always written in full. But years ago they started to use initials practically mandatory. As if it's more polite to cut off someones name short. For me, using ones name correctly is a token of respect. Right now there isn't any Dutch bank anymore that accepts my name in full. It's one of the reasons that I stick to my German bank. In Germany it's quite normal that they write your name the way you are actually named and how you want it to be. Since I always fill in my name in full, in the Netherlands my name for example at my business bank card is written as Y.T.Z.E.N. Lont, since the system only accepts initials.

My parents also had the opinion that you have one name and that's how you are named. So no difference between "doopnaam" (baptism name) and "roepnaam" (call name). So Jikke, Dirk and myself, Ytzen, each have only one name, no second or middle name and no different names at baptism. But after me my parents started compromising, and my younger brother Johan Cornelis (who passed away ten years ago) and sister Feikje Rinske each were blessed with two names. But even then our parents made sure the name was not altered or abbreviated. For example, Johan is not named Johannes, but plainly Johan and that's how he has always been called. He was named after the elder (oom Kees) and younger (oom Jo) brothers of my father, but my parents switched the order of seniority, because they liked the name Johan and also to prevent that Cornelis as a first name would become Kees. So I apparently inherited my name sickness or name holiness for that matter from my parents. 

Elizabeth or Liz, I like Liske and I understand what your father (my mother's elder brother Symen) felt by that name. As if you, though Australian by birth and carrying the name of the Queen of the Commonwealth, were born in his beloved Fryslân after all.

dinsdag 1 september 2020

Gang naar Kenosha

Vandaag gaat Trump naar Kenosha, al hebben de burgemeester van de stad en de gouverneur van Wisconsin hem gevraagd om weg te blijven en geen olie op het vuur van de gespannen situatie te gooien. De gang naar Kenosha doet denken aan de gang naar Canossa. Er is een belangrijk verschil en een overeenkomst tussen beide. 

De gang naar Canossa betreft de Duitse keizer Hendrik IV die in 1077 naar de paus in de burcht Canossa ging om boete te doen en om genade te smeken, waarna de paus zijn banvloek ophief. Het ging om de Investituursstrijd, de vraag wie de meeste macht heeft, de kerk of de keizer. De paus wilde een einde maken aan de macht van de keizer om bisschoppen te benoemen en naar zijn hand te zetten. De keizer dreigde zijn macht te verliezen toen Saksische edelen na de banvloek de kant van de paus kozen. Hij wist zijn troon te redden door zijn nederlaag te erkennen. Een gang naar Canossa is je onderwerpen aan je tegenstander en je verlies nemen. Het werd een uitdrukking nadat Bismarck in 1872 die gang juist niet wilde maken in de Kulturkampf, opnieuw een conflict tussen kerk en staat. 

Zoals ik zei is er een groot verschil tussen Kenosha en Canossa. Trump gaat niet om zijn nederlaag te erkennen maar juist om zijn macht ten toon te spreiden. Als de Democratische burgemeesters en gouverneurs nou maar bereid zijn om zijn macht te erkennen dan maakt hij in een paar minuten een einde aan alle chaos. Daarin ligt meteen ook de overeenkomst. Wie heeft de meeste macht en wie maakt zijn machtsaanspraak waar. 

Ook de gang naar Canossa vond plaats in een tijd van rellen en opstand, waarin de machthebbers hun greep op de situatie dreigden te verliezen. Hoewel de gang naar Canossa voor de keizer heel vernederend was, leed de paus een grotere nederlaag. Hij kon niet anders dan vergiffenis schenken en de ban van de keizer opheffen. Ook in Kenosha kan de winnaar wel eens de grote verliezer blijken te zijn.