woensdag 8 april 2026

Pastoorsgraven verdwenen

Bij de verbouwing van de pastorie van de RK kerk aan de Loerikseweg in Houten zijn voor de plaatsing van een tuinhuisje zeven pastoorsgraven weggehaald en vernietigd die als gemeentelijk monument geregistreerd stonden. Dit blijkt uit documenten die de gemeente Houten heeft gepubliceerd na een verzoek met een beroep op de Wet Open Overheid. Wie de verdwijning heeft opgemerkt en wie de documenten heeft opgevraagd, is niet bekendgemaakt.

In het monumentenregister staan de pastoorsgraven beschreven als gemeentelijk monument GM087, samen met de hoofdstructuur van het kerkhof, een tweevleugelig smeedijzeren hek en een gietijzereen Christusbeeld. Volgens de parochie ging het om tijdelijk daar neergelegde grafstenen zonder graven. De pastoors zijn op een andere plek begraven. De parochie wist niet dat de grafstenen tot het gemeentelijk monument behoorden. De stenen zijn bij de verbouwing verwijderd en vernietigd.

De gemeente ontdekte de verdwijning pas nadat een externe partij in oktober 2025 vragen stelde over het monument. Ambtenaren vergeleken luchtfoto's van 2024 en 2025 en zagen dat de "graven" hadden plaatsgemaakt voor de nieuwe berging. Hoewel de gemeente toegeeft dat de vergunning daarvoor is verleend zonder rekening te houden met het monument, stelt zij ook dat vernietiging zonder toestemming is verricht. In december 2025 is intern gesproken over handhaving. Maar in de documenten is te lezen, dat de graven "volledig teniet zijn gedaan" en daarom van de monumentenlijst zullen worden geschrapt.
HenkvD - Own work, CC BY-SA 4.0
HenkvD - Own work, CC BY-SA 4.0

Het gaat om de grafstenen van de Houtense pastoors W.H.J. Robert (1867), H.H. Bergmann (1909), J.M. Miltenburg (1929), J.H. Alfrink (1938), J.M. Verhoef (1947), H.H.A. Jansen (1976), H.B.A. Goossens (1978) en nog een grafzerk van J.J. Rooijen, geboren in 1884, Utrecht tot priester gewijd in 1917 en overleden in 1918.

De graven zijn volgens het monumentenregister van cultuurhistorische waarde als onderdeel van het R.K. kerkcomplex en van historische waarde vanwege de aan de begraafplaats verbonden historische ontwikkeling en personen.

Pastoor Johannes Hendrikus Alfrink (1864-1938) is een oom van de bekende Utrechtse aartsbisschop kardinaal Alfrink. Pastoor Alfrink is betrokken bij de oprichting van Houtense gymnastiekvereniging Attila in 1936. Drie jaar eerder, in 1933, werd de RK Houtense Voetbalvereniging HVV opgericht, voorloper van SV Houten. In 1936, namen de heren Terheggen en Van de Sanden het initiatief om een RK Turnvereniging op te richten. Pastoor Alfrink gaf daarvoor toestemming op 1 februari 1936. Op 6 september 1936 werd een bestuur gekozen, dat zich vervolgens officieel voor ging stellen aan pastoor Alfrink en hem vroeg het adviseursschap op zich te nemen.

-----

Bronnen: 

De documenten zijn te vinden op de Woo-pagina van de gemeente en hier in dit schaduwarchief.

RK begraafplaats Houten
Vier afbeeldingen van gemeentelijke monumenten: Christusbeeld, Hek, Pastoorsgraven en Kerkhof

RK Kerk Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopnemening (Loerikseweg 10, Houten)

Oud Houten: RK Kerk Houten

Omroep Lekstroom: Verborgen Schatten
De documentaireserie Verborgen Schatten geeft een kijkje in het verleden van onze regio. In deze aflevering staat de Maria ten hemelopneming kerk aan de Loerikseweg op het Oude Dorp in Houten centraal. De 140 jaar oude kerk met een bijzonder geplaatste toren speelt al 140 jaar een belangrijke rol in het leven van katholieke parochianen in en om Houten. Aan het kerkgebouw vast zit een pastorie. Deze is al enige decennia niet meer als zodanig in gebruik. In 2025 wordt dit als woonhuis bestemde gebouw omgebouwd tot een huis voor gebed en ontmoeting annex parochiecentrum.

Atilla 75 jaar

vrijdag 27 maart 2026

Gevelsteen voor Sitie

Het Utrechts Geveltekenfonds (UGTF) wil de geschiedenis van het kolonialisme en de slavernij in Utrecht zichtbaar maken met de plaatsing van een gevelsteen voor Sitie.

Sitie was een tot slaaf gemaakte vrouw van Sulawesi (nu Celebes) en werd door een lokale vorst geschonken aan Joan Gideon Loten, gouverneur van Makassar.

In 1758 nam Loten haar mee naar Utrecht, waar zij in zijn huishouding werkte. In 1778 vestigden Loten en zijn vrouw zich aan de Drift in een pand dat nu onderdeel is van de universiteitsbibliotheek. Ook Sitie ging daar wonen en werken, en op die plek willen we de gevelsteen voor Sitie plaatsen.

De Universiteit Utrecht heeft zijn toestemming gegeven, beeldend kunstenaar Max Kisman heeft een voorlopig ontwerp gemaakt en beeldhouwer Toon Rijkers staat klaar om het plan uit te voeren. Donaties om dit mogelijk te maken, zijn welkom. 


donderdag 19 maart 2026

Possehl conferentie bij de Munt in Houten

Gebouw van de Munt in Houten
De gemeente Houten heeft een aanvraag voor een evenementenvergunning ontvangen. De vergunning is aangevaagd voor de Possehl Innnovation Conference 2026 van 14 tot en met 16 september 2026 aan de Gouden Hoon 1 in Houten. Een woordvoerder van de gemeente laat weten dat inmiddels is vastgesteld dat voor het evenement geen vergunning nodig is en dat de aanvraag na overleg is ingetrokken.

Aan de Gouden Hoon is de Koninklijke Nederlandse Munt gevestigd. Van buiten valt het gebouw op door de 'gouden' wanden, een visueel effect, van binnen is het een bedrijvige fabriekshal. Het gebouw wordt wel de Dutch Vault genoemd, de Kluis. 

Hier worden de Nederlandse euro's, maar ook vele andere munten geslagen, zowel betalingsmiddelen als bijvoorbeeld herdenkingsmunten. Possehl is het moederbedrijf van de Munt.

Possehl Group
De Possehl Innovation Conference (voorheen Possehl Digital Conference) is een jaarlijks evenement georganiseerd door de Possehl Group, een groot Duits industrieel conglomeraat. Het is een besloten conferentie voor met name directeuren en innovatiemanagers van de ruim 200 dochterondernemingen van de Possehl Group om ervaringen en innovaties uit te wisselen. Vorig jaar vond de conferentie plaats in Kroatië, dit jaar dus in Houten.

De Koninklijke Nederlandse Munt (KNM) is in 2016 geprivatiseerd en in 2024 onderdeel geworden van Heumerle+Meule GmbH, een volle dochter van de Possehl Group. 

Geschiedenis van de Munt
De Munt werd opgericht in 1567 en mocht de munten slaan voor de provincies, zoals voor de Staten van Utrecht. De Munt is vanaf het begin in Utrecht gevestigd vanwege de centrale ligging en de sterke handelspositie van de stad. In 1806, onder koning Lodewijk Napoleon, werd besloten tot de oprichting van één nationale muntinstelling: 's Rijks Munt.

Het markante gebouw van 's Rijks Munt aan de Leidseweg. waar de Leidsche Rijn het Merwedekanaal kruist, werd in 1911 geopend. Het was destijds een hypermodern gebouw, ontworpen door rijksbouwmeester C.H. Peters. In 1994 werd de Munt verzelfstandigd tot de Koninklijke Nederlandse Munt NV. De Nederlandse staat bleef aanvankelijk de enige aandeelhouder. In 2016 verkocht de staat de Munt voor 3,6 miljoen euro aan de Duitse Possehl Group.  In 2020 verhuisde het bedrijf van Utrecht naar Houten. Het monumentale pand in Utrecht was prachtig maar onpraktisch en duur. 

De KNM slaat nog steeds de Nederlandse euromunten in opdracht van het Ministerie van Financiën. Daarnaast is de Munt zeer actief op de internationale markt; ze slaan circulatiemunten voor diverse landen wereldwijd (o.a. in Zuid-Amerika en Afrika) en herdenkingsmunten voor verzamelaars. Verder is het bedrijf gespecialiseerd beveiliging, identificatietechniek, opslag en distributie van waardevolle goederen. 

Geschiedenis van de Possehl Group
De Possehl Group komt voort uit het bedrijf dat Ludwig Possehl in 1847 oprichtte als ijzerhandel in Lübeck. Sinds 1919 is het bedrijf in handen van de Possehl-Stiftung, een ideële stichting in Lübeck, die ook veel doet voor cultuur. Zo organiseert de Possehl-Stiftung de Kulturfunke (cultuurvonk) in Lübeck, een evenement en een prijs voor de lokale cultuursector. 

De stichting is de enige aandeelhouder van de holding. De Possehl Group is een groot conglomeraat van 200 zelfstandige bedrijven en ruim 13.000 medewerkers in meer dan dertig landen. De activiteiten zijn verdeeld in tien divisies en kerngebieden: Elastomeertechniek, Reinigingstechniek, Druktechniek, Intralogistiek, Edele metalen, Elektronica, Bouwmaterialen/Diensten, Identificatie, MKB-investeringen en Digital. Possehl Construction is een tak gespecialiseerd in bouw en infrastructuur, waaronder wegoppervlakken, luchthavens en restauratie van historische panden.

Foto's Open Dag Koninklijke Munt 8 juni 2024 

Foto interieur bedrijfshal van de Munt
Meer lezen: 

vrijdag 13 maart 2026

Baathouders betalen mee


In Stadszaken last ik een interessant artikel van Joost Zonneveld. In De Suikerzijde in Groningen investeren, naast de overheid, verschillende ‘baathouders’ in voorzieningen die de toekomstige bewoners een gezonde leefomgeving moeten bieden. Het is voor het eerst dat dit op deze manier in een gebiedsontwikkeling gebeurt.  

Om dit artikel goed te kunnen 'verwerken' heb ik Gemini gevraagd een beknopte samenvatting van het artikel te maken en daarna te kijken of er een verband is met bekende oudere vormen van het delen van lusten en lasten bij een ruimtelijke ontwikkeling, zoals de grondpolitiek (het kabinet Den Uyl viel erover), grondexploitatie, anterieure overeenkomst, kostenverhaal, baatbelasting e.d. Wat is er nieuw aan de Groningse aanpak? 

Lees verder op Aisite: Baathouders betalen mee.

donderdag 12 maart 2026

Vroege start inburgering gaat verloren

"Een vroege start. De tijd in het AZC niet verspillen. Dat was de slogan voor inburgeren onder de Wet inburgering 2021. Maar de vroege start dreigt te verdwijnen met de afschaffing van de huisvestingstaakstelling." Dat schrijft Mr. Guido le Noble op de website Schulinck.nl, de juridische kennisbank van uitgeverij Wolters Kluwer.

Gemeenten krijgen elk half jaar te horen hoeveel statushouders - erkende vluchtelingen - zij huisvesting moeten bieden. Statushouders hebben daarbij geen wettelijk recht voorrang op een woning, zoals sommige mensen denken. Gemeenten zijn op grond van de Wet Inburgering uit 2021 verantwoordelijk voor de inburgering. Zij kunnen daarmee beginnen zodra een statushouder aan een gemeente is gekoppeld, ook al woont de betrokkene nog ergens in een AZC. Vaak veel langer dan de bedoeling is. De gemeente start dan al met een intake, het opstellen van een persoonlijk integratie- en participatieplan (PIP) en het aanbieden van cursussen taal en kennis van de maatschappij. 

De vroege start betekent dat de statushouder al een heel eind op weg is met zijn inburgering als hij aan de beurt is voor een woning. Zelfs de niet zo asielzoekersminnende asielminister Faber (PVV) vond dit een goed idee. 

Maar de huidige regering wil de huisvestingstaakstelling afschaffen. Er staat dan niet meer van tevoren vast welke statushouder in welke gemeente komt te wonen. Gemeenten kunnen dus pas aan het inburgeringstraject beginnen als de statushouder een woning gevonden heeft en zich inschrijft bij de gemeente. De veelbelovende vroege start gaat op deze manier verloren.  

Lees het artikel op de website Schulinck.nl