dinsdag 12 januari 2010

David(s) en Goliath

Zojuist heb ik op televisie de aanbieding van het rapport van de commissie Davids aan minister-president Balkenende gezien. Commissievoorzitter Davids gaf nog weinig conclusies prijs, maar maakte al wel duidelijk dat voor de inval in Irak de volkenrechtelijke legitimatie ontbrak. Resolutie 1441 (zie mijn blog van gisteren) was daarvoor onvoldoende. Ik ben dat met hem eens. Het is niet toegestaan een land binnen te vallen en militaire geweld is alleen toegestaan uit directe zelfverdediging of in opdracht van de Veiligheidsraad. Het zou goed zijn als de naties zich weer op dat principe verenigden.

Ook liet Davids doorschemeren dat de Tweede Kamer niet altijd volledig is ingelicht door het kabinet. De commissievoorzitter voelde zich als David die Goliath de kop heeft afgehakt. En wie is Goliath?

Irakrapport

maandag 11 januari 2010

Openbare oorlog

Dinsdag verschijnt het rapport van de commissie Davids over de Nederlandse steun aan de Amerikaanse aanval op Irak. Voor mij hoeft dit onderzoek niet en al helemaal geen parlementaire enquête. Natuurlijk mag alles onderzocht worden, maar ik heb mijn twijfels bij de politieke bedoelingen achter de roep om dit onderzoek. Ik weet van geen oorlog die meer in de openbaarheid is voorbereid dan deze. Het onderzoek zal niet veel meer onthullen dan zeven jaar geleden al in de krant stond.

De neoconservatieve notities waarin de oorlog ruim van te voren werd aangekondigd, waren te vinden op internet. De rapportages van VN-wapeninspecteur Blix waren openbaar en de debatten erover in de Veiligheidsraad live op televisie te volgen, ook de oproep van Blix om Irak meer tijd te gunnen. Nederland deed niet mee aan deze oorlog, maar gaf politieke steun aan Amerika. Niet omdat er massavernietigingswapens werden gevonden, maar omdat Irak onvoldoende meewerkte (compliance) aan de inspecties door de VN.

Alles draaide om resolutie 1441, waarin Irak door de Veiligheidsraad werd opgeroepen om mee te werken aan de wapeninspecties “or face serious consequences”. Sommigen vonden dat voldoende legitimatie voor militair ingrijpen, al dan niet in combinatie met de nog geldende eerdere resoluties tegen Irak. Anderen vonden dat voor eventuele militaire actie een nieuwe resolutie noodzakelijk was, met daarin de gebruikelijke formulering “all necessary means”. Zo’n resolutie zou stuiten op een veto van Frankrijk en Rusland en ook op een tegenstem van het tijdelijk Veiligheidsraadslid Duitsland.

Al deze feiten waren bekend toen de Tweede Kamer in meerderheid besloot Amerika politieke steun te verlenen. Het is onzin te stellen dat Nederland deze oorlog is “ingerommeld”. Nederland deed niet mee aan de oorlog, al heeft er misschien militaire afstemming en ondersteuning plaatsgevonden. De regering vond ‘1441’ genoeg. Dat er later een ambtelijke notitie is opgedoken waarin de legitimiteit juridisch wordt betwist, vind ik niet zo interessant, want alle juridische argumenten voor en tegen waren genoegzaam bekend. Het gaat om de politieke keuze die men daarin maakt. Europa was scherp verdeeld en elk land moest hoe dan ook een politieke houding vinden tegenover de realiteit dat een supermachtige bondgenoot zich opmaakt voor de strijd.

Zelf was ik tegenstander van deze politieke steun, maar het besluit daartoe is in mijn ogen volgens een heldere redenering en met open vizier genomen. In een discussie heb ik het wel eens omgedraaid: Nederland zou de Amerikaanse aanval moeten afwijzen, maar de armzalige Amerikanen meteen militaire steun verlenen. Als het vuur eenmaal is geopend, màg het ingrijpen niet meer mislukken. Ik was indertijd niet zo onder de indruk van de berichten over de Iraakse bewapening. Ik hechtte meer geloof aan Blix dan aan Powell. Inmiddels liep er nog een vergaand VN-embargo tegen Irak en viel een groot deel van het land onder een no-fly-zone. Elk vliegtuig dat onaangekondigd opsteeg, mocht zonder pardon worden neergeschoten. Het Westen had Irak volledig in de tang.

Ik was niet mordicus tegen militair ingrijpen in Irak, wel tegen een eenzijdig ingrijpen. Oorlog is in 1945 simpelweg afgeschaft, nota bene door de Amerikanen zelf. Zelfverdediging is toegestaan, maar een conflict moet direct worden gemeld aan de Veiligheidsraad en gestaakt zodra de Veiligheidsraad de nodige maatregelen heeft getroffen om de vrede en veiligheid te herstellen. De opvattingen over ‘soevereiniteit’ en ‘inmenging’ zijn sinds 1945 wel sterk aan verandering onderhevig. Bij direct gevaar voor de bevolking (Bosnië, Kosovo, Darfur) kan ingrijpen geboden zijn. Ook vanuit de vredesbeweging is daartoe diverse malen opgeroepen. De vraag is legitiem of de internationale gemeenschap met militaire middelen een einde mocht maken aan het lijden van het Iraakse volk. Is er een ‘recht op bevrijding’?

Nederland zou voorop moeten lopen bij het zoeken naar antwoorden op die vragen en de ontwikkeling van het internationale recht. Dat vind ik belangrijker dan de vraag wie wat waarom zeven jaar geleden wel of niet wist of dacht.

zaterdag 9 januari 2010

Speculoos

Mijn Google Alert attendeerde mij op het volgende zinnetje op internet: "Is speculaas niet gewoon de merknaam, zoals ge 'bic' zegt ipv stylo?"

Het blijkt te gaan om een forumdiscussie over de vraag of het 'speculoos' of 'speculaas' moet zijn. "Anyway, speculaas klinkt gewoon niet..."

Ik had nog nooit van 'speculoos' gehoord - hooguit als grap - maar in België blijkt dat een heel gewoon woord te zijn. De forumdiscussie begint met de vraag "Wat is nu de correcte benaming? Ik zeg altijd speculoos, omdat dit op de lotuskoeken staat, maar heel mijn entourage zegt speculaas... Wat is het verschil?"

Een eerste reactie: "Een tijdje terug op de radio  gehoord. Men zou van speculaas spreken als er speculaaskruiden in zitten. Met andere woorden: speculaas = speculoos + speculaaskruiden".

Na de radio wordt de krant er bij gehaald, De Standaard: "Beide benamingen zijn juist, het gaat gewoon om twee verschillende producten. Nederlanders hebben het steevast over speculaas, koeken met een typische kruidenmengeling van kaneel, nootmuskaat, kruidnagel, kardemom, koriander en gember. Het Belgische koekje, de speculoos, is veel minder gekruid en vooral de smaak van gekaramelliseerde suiker overheerst."

Het woordenboek moet uitsluitsel geven. "Het algemeen Nederlandse woord is speculaas. Volgens Van Dale is speculoos een weinig gebruikt Belgisch-Nederlands synoniem. In feite is het een term die om commerciële redenen gebruikt wordt. Sommige Belgische fabrikanten noemen hun producten bewust speculoos om aan te geven dat er geen speculaas- of koekkruiden in zitten."

Dan breekt de taalstrijd pas echt los. "Is het misschien ook niet zo dat mensen die eerder Frans aangelegd zijn (bv regio Brussel), speculoos zeggen? Terwijl margi's van Antwerpen speculaas zeggen?" Verschillende regio's passeren met een al dan niet betere uitspraak passeren de revu. "Die margi's uit Antwerpen vervangen zowat elke klinker door een "A" dus dat is geen referentie. Het correcte Nederlands is wel speculaas, het is gewoon toeval dat men het in Antwerpen juist uitspreekt."

Voor een vrouw uit Aalst is het duidelijk: "Ge zegt toch ook Sinterklaas en ni sinterkloos alle wa is mij da na weer voor een nutteloos topic.", wat de reactie uitlokt: "Of is het een nuttelaas topic?"

Vidiot uit Mechelen weet tot de inhoud van het onderwerp door te dringen: "In 'Ons Kookboek' staat speculaas, en dat boek is de Vlaamsche norm. Mmm, ik ga er subiet weer lekkere maken: 1 kg bloem, 700 gr suiker, 2 eieren, beetje water, 500 gr echte boter en kaneel... kneden, nachtje laten rusten, kneden, in stukken snijden (eigen inspiratie) en 20' afbakken op 180°.
Geniet ervan!"

Bron:
http://www.9lives.be/forum/vrije-tijd-lifestyle/696298-speculoos-speculaas.html

maandag 4 januari 2010

't Streek 50 jaar

In 1960 werd het Christelijk Streeklyceum Ede (CSLE) opgericht. Mijn oude middelbare school, nu scholengemeenschap 't Streek, bestaat in 2010 dus 50 jaar. De school bevestigt mij desgevraagd dat de voorbereidingen voor de jubileumvieringen en een reünie in volle gang zijn. "Zodra er iets bekend is over het programma wordt dit gemeld aan oud-leerlingen en via de pers."
 

vrijdag 1 januari 2010

Nieuwjaarsduikslachtoffer

Op een paar honderd meter van mijn huis wordt elk jaar een nieuwjaarsduik gehouden. Mij niet gezien, vèèl te koud. Toen ik na afloop nog even langs het strand wandelde, zag ik dit slachtoffer liggen. Zo zou ik me ook voelen.