Persoonljk commentaar
De Raad van de Rechtspraak reageert niet meer op verzoeken om toegang tot de persrol. Daarmee vermijdt de Raad van de Rechtspraak uitvoering te moeten geven aan het vonnis van de rechter. De Raad kan nog in beroep gaan.
Met de persrol krijgen journalisten die verslag doen van rechtszaken vertrouwelijke inzage in zittingsinformatie rond rechtszaken. Het gaat niet om inzage in het volledige dossier, maar om enkele hoofdpunten (wie, wat, waar, waarover) van alle rechtszaken in Nederland. Wie toegang krijgt tot de persrol moet een verklaring ondertekenen er zorgvuldig en vertrouwelijk mee om te gaan, geen persoonsgegevens te publiceren en het embargo tot aan de zitting te respecteren. Tot vorig jaar was dat genoeg, maar sinds 2025 eist de Raad van de Rechtspraak dat de journalist lid is van de journalistenvakbond en een perskaart heeft.
Op 13 mei 2026 heeft de rechtbank Den Haag deze accreditatievoorwaarden “onrechtmatig en onverbindend” verklaard en in strijd met artikel 10 EVRM.
Sinds 2020 had ik op grond van de oude regels toegang tot de persfaciliteiten. Ik heb mij steeds gehouden aan de onderschreven afspraken. Ik volg verschillende rechtszaken en ik publliceer daarover - betaald en onbetaald - in verschillende media en ik houd de actuele stand van zaken bij. Daarvoor is inzage in de zittingsinformatie onontbeerlijk.
Oktober 2025 heeft de persafdeling van de Raad van de Rechtspraak mijn toegang ingetrokken onder verwijzing naar de nieuwe accreditatievoorwaarden. Uit de contacten met de Raad rond deze intrekking is mij niet duidelijk geworden, welk belang na vijf jaar probleemloze toegang hiermee gediend zou zijn. Omgekeerd betekent het natuurlijk ook dat de rechtspraak verslaggevers niet meer kan houden aan dergelijke degelijke afspraken.
Mijn oorspronkelijke aanvraag in 2020 heb ik mede gedaan voor de lokale publieke omroep. De publieke omroep (NLPO) werkt voor een groot deel met vrijwilligers. De meesten van hen komen niet voor accreditatie in aanmerking. De publieke omroep is in de samenleving ingebed, wat is geborgd in een concessiesysteem, met advies van de gemeenteraad, een programma-bepalend orgaan (PBO) met vertegenwoordigers uit verschillende geledingen van de samenleving. Het Commissariaat van de Media ziet erop toe dat het media-aanbod onafhankelijk, betrouwbaar, veilig en pluriform is en beschermt daarbij de persvrijheid. Het is mij niet duidelijk op welke gronden de Raad voor de Rechtspraak de publieke omroep weert of belemmert.
Toen de rechtbank Den Haag de accreditatievoorwaarden van op 13 mei "onrechtmatig en onverbindend" verklaarde, heb ik dezelfde dag nog herstel van mijn toegang aangevraagd. De persafdeling ging daar niet op in, maar verwees naar een "tijdelijke werkwijze", waaruit blijkt dat de Raad van de Rechtspraak vooralsnog geen uitvoering zal geven aan het vonnis van de rechtbank Den Haag en de accreditatievoorwaarden als criterium blijft hanteren. Wel worden de mogelijkheden voor de audiovisuele pers tijdens zitting verruimd, maar toegang tot de algemene zittingsinformatie blijft afgesloten. De voorwaarden zijn aangescherpt door eraan toe te voegen “mits de perskaart nog geldig is”.
De persafdeling van de Raad voor de Rechtspraak liet mij weten, dat mijn aanvraag (tot herstel of een nieuwe aanvraag) niet in behandeling wordt genomen. Ook kon ik niet op een wachtlijst worden geplaatst of op de hoogte worden gehouden van de procedure of een gemotiveerd afwijzend besluit ontvangen. Een tijdsindicatie over wanneer de Raad voor de Rechtspraak het vonnis van de rechter zou uitvoeren of daartegen in beroep zou gaan, kon ook niet worden gegeven. Voor verdere vragen verwees het bureau naar de rechtbank in Den Haag. Ik heb bij vier verschillende afdelingen van de Rechtspraak navraag gedaan, maar zij verwezen allemaal naar elkaar.
Op mijn vraag aan de rechtbank Den Haag hoe lang de Raad voor de Rechtspraak uitvoering van de rechterlijke uitspraak mag uitstellen, liet de rechtbank Den Haag weten daarop geen antwoord te kunnen geven en dat dit is aan de verliezende partij in het geding.
Op 1 juli heb ik per post een formeel verzoek voor herstel van mijn toegang gevraagd en bij afwijzing daarvan een voor beroep vatbare beslissing. Maar de Raad zwijgt in alle talen. Geen idee wanneer de Rechtspraak naar de rechter gaat luisteren.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten