maandag 18 januari 2021

Cotton Tree

Mijn foto-app herinnerde mij vanmorgen aan een foto die ik vandaag zeven jaar geleden gemaakt heb: de Cotton Tree in de Sierra Leoonse hoofdstad Sierra Leone. Daags tevoren was ik in Freetown aangekomen met mijn oud-huisgenoot en vriend Abdul, die na lange tijd zijn geboorteland weer bezocht. Ik zou drie weken in het land verblijven. We zaten met z'n vieren in de auto - Abdul, twee neefs die onze gastheren waren en ikzelf - en ik merkte als eerste de Cotton Tree op, omdat ik er al vaak foto's van gezien had. Is dat...? Ja, dat is 'm. Deze foto heb ik door de voorruit van de auto gemaakt; de vlek in het midden onderaan is de weerspiegeling van naar ik aanneem een pakje papieren doekjes op het dashboard. De Cotton Tree is omgeven door een drukke rotonde en door politieke reclameborden, die het zicht nogal ontsieren. De Cotton Tree is een belangrijk historisch symbool van Sierra Leone. 

Cotton Tree, Freetown, Sierra Leone

Black Loyalists
Hoe oud de boom precies is, is onbekend, volgens bronnen stond hij er al in 1787. De Cotton Tree is een Ceiba pentandra of kapokboom. Het is 'de boom die alles zag' en zolang de boom er staat, bestaat sierra Leone, is de gedachte. De Sierra Leoonse hoofdstad ligt aan de kust van de Atlantische Oceaan aan een grote baai. In 1792 landde hier een groep voormalige slaven uit Amerika. Zij liepen naar de boom die hoog boven de kust uitstak, verzamelden zich rond de boom en dankten God voor hun vrijheid. Zij vestigden zich op deze plaats en noemden de stad Freetown. Deze eerste settlers waren Afrikanen die hadden gevochten aan de kant van de Britten in de Amerikaanse onafhankelijkheidsoorlog. Als dank kregen zij de vrijheid. Zij werden Black Loyalists of Nova Scotians genoemd. In die tijd kwam een beweging op gang tegen de slavernij. Ook de naam van het buurland Liberia herinnert aan deze geschiedenis. 

Free People of Color
De Amerikaanse predikant Robert Finley was in het begin van de negentiende eeuw één van de initiatiefnemers van de American Colonization Society (ACS) of voluit The Society for the Colonization of Free People of Color of America. Het was een project om vrije Afro-Amerikanen te repatriëren naar Afrika. De ACS werd opgericht in 1816 en vier jaar later voer het eerste schip, de Elizabeth, uit naar de Sierra Leoonse hoofdstad Freetown en wat later van daaruit naar het huidige Liberia. Uiteindelijk lukte het de American Colonization Society om hier een permanente nederzetting te bouwen met de naam Monrovia, genoemd naar de toenmalige Amerikaanse president James Monroe. In het begin was het bestuur in handen van blanke Amerikanen, maar die trokken zich geleidelijk terug en in 1847 riepen de immigranten de onafhankelijkheid van Liberia uit. Het nabijgelegen Sierra Leone was inmiddels - sinds 1808 - een Britse kroonkolonie en werd pas in 1961 onafhankelijk. 

Britse kroonkolonie
Freetown was de zetel van de Britse gouverneur die de Goudkust (Ghana), Gambia en het kustgebied van Sierra Leone bestuurde. Aanvankelijk werd van hieruit de West-Afrikaanse slavenhandel gecoördineerd, maar na de afschaffing van de slavenhandel (1807) en de slavernij (1833) konden Freetown en de kustgebieden van Sierra Leone zich verder ontwikkelen als woonplaats van teruggekeerde slaven. In de loop van de negentiende eeuw vestigden zich circa 70.000 vrijgelaten slaven in Freetown, dat daarmee één van de dichtstbevolkte steden van West-Afrika werd. Er ontstond een welvarende zwarte elite in Freetown, voornamelijk creolen of Krio's. Na 1880 begon Groot-Brittannië met de kolonisatie van de binnenlanden van Sierra Leone, dit gebied werd in 1896 een Brits protectoraat (beschermd gebied), terwijl het schiereiland aan de kust met Freetown een kroonkolonie bleef. Na de onafhankelijkheid op 27 april 1961 (onze Koningsdag is daar Onafhankelijkheidsdag) bleef de Britse koningin Elizabeth II het staatshoofd, maar tien jaar later in april 1971 werd Sierra Leone een republiek met een president aan het hoofd. 

Oorlog en vrede
De verhouding met de Britten is dus altijd ambigu geweest, maar mijn indruk is dat de Britten - ondanks of dankzij het koloniale verleden - geen slechte naam hebben onder de bevolking. Sierra Leone heeft sinds de onafhankelijkheid ook veel interne strijd en rebellie gekend. Van 1991 tot 2002 woedde er een felle burgeroorlog. Vier opeenvolgende huisgenoten van mij hebben de gruwelen van die oorlog meegemaakt, eentje zelfs als de zoon van een rebellenleider / couppleger / president. Het land is moeizaam bezig zich te herstellen en na de oorlog hebben er gelukkig al weer meerdere keren verkiezingen plaatsgevonden met een min of meer vreedzame machtsoverdracht. Door de oorlog en de moderne tijd zijn veel bewoners van het platteland naar de hoofdstad Freetown getrokken, waardoor de stad vanaf de kustlijn steeds verder groeit tegen de heuvels op. In 2017 - kort nadat de dodelijke ebola-epidemie met moeite bedwongen was - vonden naar schatting 1000 inwoners de dood door een grote aardverschuiving als gevolg van houtkap en illegale bouw. Eén van mijn vrienden belde mij: "Those hills that you saw from our house, those hills they are gone". 

Sweet Salone
De Cotton Tree, het symbool van een vrij volk, staat dus niet altijd in bloei en Sweet Salone worstelt nog steeds met zijn verworven vrijheid. 




Geen opmerkingen:

Een reactie posten